militaire_begraafplaats_washington.pixabayElke Bijbellezer loopt er tegenaan: Israël dat de Kanaänitische volken uitroeit. Niet als een vergissing, maar op bevel van God zelf. Je hoeft niet overdreven kritisch te zijn om daar moeite mee te hebben. Het zou veel makkelijker zijn als zulke teksten niet in de Bijbel stonden. Hoe kan het dat een God van liefde zoiets beveelt?

De uitroeiing van de Kanaänitische volken komt het scherpst naar voren in Deuteronomium 7, het onderwerp van mijn proefschrift. Deze uitroeiing is een gebod van de Heere, bestemd voor het moment dat Israël Kanaän binnentrekt. Israël moet deze volken volledig uitroeien: een verbond sluiten of hen toch genadig zijn wordt op voorhand uitgesloten. Alles wat met hun godsdienst te maken heeft (altaren, beelden), moet vernietigd worden.

Waar gaat het om?

Laten we eerst eens nagaan wat precies de inhoud en bedoeling van het uitroeiingsbevel is. Israël krijgt de opdracht om de volken die in Kanaän wonen, uit te roeien. Het gaat in Deut. 7 echt om uitroeiing, niet ‘slechts’ verdrijving, zoals wel gezegd is. Dat is echter geen doel in zichzelf. Deze volken moeten niet verdwijnen, omdat Israël op die plaats wil wonen, of uit vreemdelingenhaat. De nadruk ligt in Deut. 7 op het doel van de uitroeiing: Israël bewaren bij de dienst van de Heere alleen. Israël is immers een heilig volk, dat de Heere moet dienen. Wanneer de Kanaänitische volken in leven zouden blijven, zouden ze Israël verleiden om de afgoden te gaan dienen (Deut. 7: 4). In het boek Koningen wordt beschreven hoe dat inderdaad gebeurt: omdat Israël de volken niet uitroeit, wordt het meegezogen in de dienst aan Baäl en Astarte. Dat leidt er uiteindelijk toe dat het oordeel van God over Israël komt. Het is dus niet zo dat Israël niets kan overkomen, omdat dat het volk van God is. Dezelfde bedreiging van Gods oordeel geldt net zo goed voor Israël als het de Heere niet dient.

Bronzen Baäl beeldje. Bron.

“…omdat Israël de volken niet uitroeit, wordt het meegezogen in de dienst aan Baäl en Astarte.” Bronzen Baäl beeldje uit Ugarit. Bron.

Het uitroeiingsbevel in Deut. 7 is de meest radicale veroordeling van de volken van Kanaän. Zo begint het Oude Testament niet. In Genesis lijken de voorouders van Israël vreedzaam samen te leven met andere volken. Wel wordt Kanaän genoemd in de vloek van Noach over Kanaän (Gen. 9: 25); daarmee wordt Kanaän vanaf het begin, in zijn oorsprong, getypeerd als verkeerd. Het keerpunt in de houding tegenover de Kanaänitische volken is echter de verbondssluiting bij de Sinaï. Dan wordt Israël gewaarschuwd om geen verbond met deze volken te sluiten (Ex. 23: 20-33). Er wordt dan nog minder expliciet gesproken over uitroeiing van de volken. Deut. 7 is daarin radicaler en geeft Israël daarbij een actieve rol.

Het bevel om de volken uit te roeien, is duidelijk beperkt. Het is geen algemene ‘license to kill’. De opdracht aan Israël is beperkt tot de volken in Kanaän. Deze volken worden in het Oude Testament duidelijk onderscheiden van andere vijanden van Israël, zoals de Moabieten of de Filistijnen.

In het boek Jozua wordt beschreven hoe deze opdracht wordt uitgevoerd. Tegelijk blijkt dan dat dit niet volledig gebeurt: de Kanaänitische volken blijven temidden van Israël leven. Vanwege die ongehoorzaamheid van Israël kondigt de Heere aan het begin van Richteren (Richt. 2: 3) aan dat Hij de volken niet meer zal uitroeien.

Na deze aankondiging wordt Israël ook niet meer aangespoord om met de uitroeiing verder te gaan. Vanaf de tijd van David en Salomo worden de Kanaänitische volken ten slotte opgenomen in Israël. Het gevolg hiervan is dat Israël de praktijken van deze volken overneemt. Deze lijn in het Oude Testament maakt duidelijk dat het bevel om de Kanaänitische volken uit te roeien beperkt wordt tot de vestiging in Kanaän. Alleen al daarom kan het niet zomaar toegepast worden op andere volken of in onze tijd.

Waarom moeten de Kanaänitische volken worden uitgeroeid? In Deut. 7 gaat het vooral over het gevaar van hun godsdienst, waardoor Israël bij de Heere vandaan zou gaan. Elders in het Oude Testament wordt wel expliciet verband gelegd tussen de zonden van deze volken en hun uitroeiing. Als concrete voorbeelden van dingen waar de Heere een afkeer van heeft, worden genoemd: afgodendienst, kinderoffers, waarzeggerij en de seksuele praktijken van de Kanaänitische volken.

Typisch oudtestamentisch?

Wat heeft dit bevel van God om volken uit te roeien, ons vandaag te zeggen? Wat moeten wij met zo’n tekst? Een oplossing die vaak gekozen wordt, is dat er nooit werkelijk een uitroeiing zou hebben plaatsgevonden of dat die ook nooit bedoeld zou zijn. Deuteronomium zou volgens veel geleerden pas geschreven zijn in een tijd dat de Kanaänitische volken niet meer bestonden. Het uitroeiingsbevel heeft dan geen concrete consequenties. Een bezwaar tegen deze opvatting is dat in het Oude Testament zo vaak en in zulke verschillende teksten over de uitroeiing van de Kanaänitische volken gesproken wordt, dat het onwaarschijnlijk is dat dit louter een latere constructie is. En zelfs al zou deze opvatting waar zijn, dan nog blijft staan dat God uitroeiing van mensen beveelt. Hoe is dat mogelijk?

Jozua overwint de Amelekieten. Schilderij van Nicolas Poussin.

Jozua overwint de Amelekieten. Schilderij van Nicolas Poussin.

Een andere oplossing die vaak naar voren komt, is dat het bevel om de Kanaänitische volken uit te roeien, typisch past bij het Oude Testament. Het Nieuwe Testament zou dan, daar tegenover, Gods liefde laten zien. Het probleem van dit antwoord is dat zo het Oude Testament aan de kant geschoven dreigt te worden. Bovendien klopt dit antwoord niet. Juist in Deut. 7, waar Israël de opdracht krijgt om deze volken uit te roeien, wordt veel aandacht besteed aan de zegen en de liefde van God. En anderzijds wordt ook in het Nieuwe Testament indringend gesproken over het oordeel van God, zeker in de prediking van de Heere Jezus zelf.

Richtingwijzers

Wat moeten christenen in de 21e eeuw met een bevel van God om de volken in Kanaän uit te roeien? Ik heb daar nog geen uitgewerkt antwoord op, omdat mijn onderzoek nog niet af is. Ik noem wel drie elementen die voor ons denken hierover van belang zijn.

In de eerste plaats zegt onze moeite met zulke teksten iets over onszelf. Wij zijn heel gevoelig voor geweld, zeker als dat geweld gebeurt in naam van een godsdienst. In de tijd van de Bijbel, en ook in vorige eeuwen, werd er anders gedacht over geweld. In de Bijbel komen we de uitroeiing van de Kanaänitische volken dan ook nergens tegen als een moreel probleem. De vraag hoe een God van liefde kan bevelen om mensen te doden, is niet nieuw, maar onze ‘gevoeligheid’ bij dit onderwerp zegt meer over ons dan over de Schrift. Dat is geen antwoord op onze vragen, maar het is wel goed om ons van onze eigen positie bewust te zijn.

In de tweede plaats is het bevel om de Kanaänitische volken uit te roeien nadrukkelijk beperkt. Israël krijgt deze opdracht voor de intocht in Kanaän. Alleen in die situatie en alleen voor die volken geldt dit bevel. Tegelijk wordt steeds benadrukt dat hetzelfde oordeel over Israël zal komen als het Gods geboden niet houdt. Daarom is het niet waar dat je je op zulke teksten zou kunnen beroepen om vandaag mensen te doden. Het bevel om de Kanaänieten uit te roeien heeft een specifieke plaats in de heilsgeschiedenis.

In de derde plaats laat het uitroeiingsbevel wel iets zien over de Heere en Zijn werk. De uitroeiing van deze volken wordt vaak verbonden met hun zonde. Dat betekent niet dat Israël beter was. Het laat wel Gods toorn en Gods oordeel over de zonde zien. De Heere is heilig. Dat is een wezenlijk onderdeel van de Bijbelse boodschap, in het Oude èn het Nieuwe Testament.

De uitroeiing van de Kanaänitische volken heeft een specifieke plaats in de heilsgeschiedenis. Die geschiedenis loopt in het Nieuwe Testament uit op het werk van de Heere Jezus Christus. Nergens meer dan daar komen Gods toorn en Zijn liefde samen. God legt Zijn oordeel op Zijn eigen Zoon, die geen zonde gekend heeft. Daarin toont Hij Zijn liefde voor mensen die dat oordeel verdiend hebben. Alleen in dat licht kun je gaan verstaan wie de Heere is, in Zijn toorn en Zijn ontferming.

Dit artikel is met toestemming overgenomen uit De Wekker. De volledige bronvermelding luidt: Versluis, A., 2010, Genocide op Gods bevel?, De Wekker 119 (23): 8-9.

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

Arie Versluis

Written by

Dr. A. Versluis is als predikant verbonden aan de Christelijke Gereformeerde Kerk te Ouderkerk aan de Amstel. Hij studeerde theologie aan de Theologische Universiteit Apeldoorn en promoveerde aldaar op een proefschrift met als titel Geen verbond, geen genade. Analyse en evaluatie van het gebod om de Kanaänieten uit te roeien (Deuteronomium 7).

23 Comments

Remy

Een kleine toevoeging bij de eerste richtingwijzer: onze gevoeligheid voor geweld is volgens mij selectief. Momenteel bombarderen wij IS en daar klaagt niemand over bij mijn weten. Die schurken verdienen volgens velen de dood; z.s.m. De vraag rijst of de volken die Israël destijds moest uitroeien veel anders waren dan IS nu. Barbaarse volken in barbaarse tijden met gruwelijk gebruiken. In onze samenleving zijn vrouwen en vooral kinderen bijna ‘heilig’ verklaard, maar bij IS zien we dat ook zij tot dezelfde gruwelijkheden in staat zijn. Kinderen participeren van jongsaf aan in slachtpartijen en leren te moorden zodra ze maar een wapen kunnen hanteren. Wat doe je als je tegenover een moordenaar staat van 8 jaar die geen genade kent? Een zondagsschoolprogramma helpt dan niet meer…

Reply
Daniël

Goed geschreven! Veel succes met het onderzoek, ik ben benieuwd naar de rest.
We zien inderdaad dat na Richteren 2:3 er niet meer word aangespoord tot het uitroeien van andere volken. Ik ben op het moment in Koningen aan het lezen en merk dat ik een aantal dingen lastig vind betreft andere volken en religies. We zien dat een aantal koningen van Juda doen wat goed is in de ogen van God. Josafat, de zoon van Asa, zorgt ervoor dat er geen tempelprostitutie meer is in het land.(1 kon. 22:47). Toch lijkt het alsof de bijbel zegt dat hij niet volledig heeft gedaan wat God van hem vroeg. Want de offerplaatsen voor andere goden bleven wel in het land.(1 kon. 22:44). Dit kan ik misschien verkeerd opgevat hebben. Maar zo niet dan betekend dit dat er nog wel gevraagd word om alle andere goden in het land te vernietigen. Tegenwoordig lijkt het onmogelijk om als koning/regering het land schoon te houden van andere religies en tempels. Als de regering besluit dat er geen moskee meer gebouwd mag worden dan zouden wij de hele wereld tegen ons krijgen. Zou God dit van je vragen als je koning zou zijn nu? Veel dingen die vroeger in het oude, maar ook nieuwe testament konden lijken nu niet meer te kunnen. Leven we in een te lieve maatschappij en word het tijd om de andere VOLKEN te verjagen door geweld(Deut. 7)? Of word van ons gevraagd om de andere GODEN te verjagen door Gods machtige werk te laten zien zoals Elia deed?(1 kon. 18:20-39)

Reply
Chan

ik reageer op:

“Een andere oplossing die vaak naar voren komt, is dat het bevel om de Kanaänitische volken uit te roeien, typisch past bij het Oude Testament. Het Nieuwe Testament zou dan, daar tegenover, Gods liefde laten zien. Het probleem van dit antwoord is dat zo het Oude Testament aan de kant geschoven dreigt te worden”

Met permissie: dat is eerste een karikatuur maken om hem dan terzijde te leggen. De RK kerk drukt het mooi uit: er zit in het OT veel onvolmaakts (Vat. II*). De bijbel komt niet als tekst uit de lucht vallen. Hij is geschreven door mensen van hun tijd, met de uitdrukkingen en het verstaan van hun tijd, God nam hun interpretaties niet weg. Dit is geinspireerd door de H Geest, zeker. Maar die H Geest moest eerst ‘door feilbare mensen heen’.

* uit Dei Verbum:
De boeken van het Oude Testament openbaren, overeenkomstig de situatie van de mensheid vóór de tijd van het door Christus herstelde heil, aan allen de kennis omtrent God en de mens en de manier, waarop de rechtvaardige en barmhartige God met de mensen handelt. Ofschoon die boeken ook onvolmaakte en aan die tijd gebonden dingen bevatten, laten ze toch een ware goddelijke pedagogie zien.

Reply
Stef Heerema

Heel goed om hier een studie aan te wijden! Ik zou eraan willen toevoegen dat deze volken ook al veertig jaar wisten dat ze ‘aan de beurt’ waren. Als ze zich hadden bekeerd, dan zou God ze genade hebben betoond, zoals die is gegeven aan Rachab en haar familie (Jozua 2). Analoog hieraan mag deze wereld in Christus vragen om vergeving. Ieder die zich bekeert, is welkom in Zijn Koninkrijk!

Reply
Chan

Ethnic clinsing komt op veel meer plaatsen voor in het OT. Neem de massamoord op het volk van Midjan, uit Numeri. Op last van Mozes die dit beveelt op goddelijk gezag. Dit gaat wel even verder dan Srebrenica. De meisjes die nog niet met een man naar bed zijn geweest mogen gespaard worden. Iedere soldaat weet gelijk waarom. Toch zal hier geen katholiek door van zijn geloof vallen. Zoals eerder gepost: de staat veel onvolmaakts en tijdgebondens in het OT. Ikzelf prefereer die opvatting boven het gedraai in bochten wat je moet uitvoeren om dit te verzoenen het het beeld van God uit het NT. Zoals dat dat de Midjanieten die wel verdiend zullen hebben, dan krijg je gekunstelde redeneringen als “hun afgoden waren toch echt veel erger dan de abortuscultus in onze tijd”.

Reply
Stef Heerema

Numeri 31 staat niet op zichzelf. Daar gaat aan vooraf dat Midian betrokken is bij het inhuren van Bileam om een vloek over Israel uit te spreken. Ook verleidde Midian tot hoererij en afgoderij. Terecht dat meisjes die daar geen deel aan hadden niet ter dood werden gebracht. Ook hier geldt het gebod uit Genesis 2 vers 24: “… en zij zullen tot één vlees zijn”. Dus niet meerdere vrouwen voor één man. De God van het OT is niet anders dan die van het NT. Ook in het NT geldt dat wie Gods kinderen moedwillig verleidt ter verantwoording zal worden geroepen. Met daar bovenop gelukkig het evangelie dat wie schuldig staat tegenover God, zich in Christus kan beroepen op Gods genade. Zijn genade is in het OT al bekend, lees bv Exodus 22 vers 27 waar Hij zegt: “… want Ik ben genadig!”.

Chan

(…) “Terecht dat meisjes die daar geen deel aan hadden niet ter dood werden gebracht”, staat gelijk met: “Terecht dat meisjes die daar deel aan hadden ter dood werden gebracht”.
Om het inhuren van iemand om een vloek uit te spreken.., om het verleiden tot prostitutie en afgoderij…
Dat is een hardheid die nergens aan relateert, niet aan het NT, niet aan de Kerk, niet aan de diepdonkerste kant van onze samenleving.

Reply
Stef Heerema

In ieder geval is aan deze meisjes geen onrecht aangedaan, door ze te laten leven! Vanuit een samenleving die zou leiden tot een eeuwige dood, zijn ze opgenomen in een samenleving die bestemd is voor het eeuwige leven. Dat je grote moeite houdt met het ombrengen van de rest van het volk Midian is begrijpelijk. Ik kies ervoor om God niet ter verantwoording te roepen. Ik vertrouw erop dat wat Hij doet (en deed) juist is én dat Hij daarbij het beste met de gehele mensheid voorheeft. (…) En mocht iemand God perse schuldig willen houden, weet dan dat Christus alle schuld op zich nam. Al betreft het dan natuurlijk onze schuld sinds de zondeval. Het NT godsbeeld is niet wezenlijk anders dan het OT godsbeeld.

Chan

U schrijft:
Geeft u nu werkelijk met “Vanuit een samenleving die zou leiden tot een eeuwige dood, zijn ze opgenomen in een samenleving die bestemd is voor het eeuwige leven” een morele rechtvaardiging voor ethnic clinsing? Past u op dat de seculiere media geen reuk krijgen van dergelijke overtuigingen.
De Midjanieten hadden gewoon hun goden, net als de Azteken en de native Americans. Nog twee dito genocides (van velen). IS volgt thans exact dezelfde argumentatie. Geef mij maar het beginsel uit Deo Verbum: “Ofschoon die boeken ook onvolmaakte en aan die tijd gebonden dingen bevatten…”.

Reply
Lutger Nijeboer

Als je Genesis 15 er bij pakt zie je dat God hen 400 jaar de tijd heeft gegeven om zich tot Hem te bekeren.
In Gen.14 lees je dat de ware God en Zijn dienst door middel van Melchizedek nog bekend was onder die volken.

Reply
Hans

Ik heb wel eens gelezen dat de kananitische volken zich verregaand met demonen inlieten. En dat er zelfs door ‘gevallen engelen’ dwz demonen nakomelingen werden verwekt bij kananitische vrouwen. Zoals ook voor de zondvloed. Dat betrof toen nagenoeg de hele pre-zondvloed mensheid en was een van de redenen voor het algemene geweld en goddeloze gedrag dat toen heerste. Dat was een van de redenen dat er ‘reuzen’ onder deze volkeren waren zoals de verspieders zagen en ook later zoals Goliath bij de filistijnen. Zo bezien staat dit bevel tot uitroei g in een ander licht lijkt me…

Reply
Stef Heerema

Heb God lief, ook met je hele verstand. Dat wordt lastig als je God verwijt dat Hij volken laat uitmoorden. Een begrijpelijke keuze is het OT te beschouwen als onvolmaakt. Dan heeft God deze bevelen niet heeft gegeven en heeft Israel zelfstandig tot volkerenmoord besloten. Of de volkerenmoord heeft in het geheel niet plaatsgevonden. De implicatie van deze oplossing is dat het gehele OT onbetrouwbaar wordt en het NT daarbij inbegrepen. Een andere oplossing is te onderkennen dat de mens sinds de zondeval de deur heeft opengezet voor de duivel. De duivel wordt overwonnen door het bloed van het Lam en door ons getuigenis. Openbaringen 12:11 leert ons dat we daarin niet de eerste dood hebben te vrezen. Heel Gods handelen sinds de zondeval is gericht op het redden van mensen van de tweede dood. Bijvoorbeeld de grootste veroordeling sinds het bestaan van de wereld (de zondvloed) voorkwam enerzijds dat het goede volledig werd overwoekerd, waardoor er geen weg gebaand zou kunnen worden voor de Messias. En anderzijds gaf het aan de ongehoorzamen (de ter dood veroordeelden) de mogelijkheid om in Christus de tweede dood te ontlopen (1 Petrus 3:20). Zie ook punt 1 in http://logosnl.wpengine.com/ongezouten-kritiek/. Analoog hieraan denk ik dat Christus ook het volk Midian in het dodenrijk verlossing heeft aangeboden. Overigens is de Bijbel duidelijk dat er geen sprake is van alverzoening.
Het NT (Efeze 6) kent slechts één aanvalswapen, Gods Woord (samengevat in zijn Liefde die in Christus is geopenbaard). IS-aanhangers en andere gewelddadige mensen overtreden dus Gods wetten! Waar het oudtestamentische Israel inderdaad in opdracht van God handelde, kunnen zij zich daar niet op beroepen. Overwin het kwade door het goede!

Reply
D.H. Janse

Hierbij een link met een heldere preek over dezelfde thematiek.

http://kerkdienstgemist.nl/assets/1248493-Deuteronomium-2-2-12-en-24-35#.Vop41xXhCUk

Met daarin belicht het opmerkelijke feit dat de twee eerste koningen, Sihon en Og, toch nog weer een kans aangeboden kregen, maar deze afsloegen.
En dat wij toch te vaak menselijk klein denken over het kwaad en Gods oordeel daarover.
Een oordeel dat al bij de Gods eigen volk begon.
Hoeveel rondjes heeft Israël niet door de woestijn moeten trekken voordat al die Israëlieten gestorven waren die het land niet zouden mogen beërven? Een heel volk.
Het is niet verkeerd om ons zelf eerst eens klein te maken voor de God die leeft en niet steeds omgekeerd God zo klein te maken als ons denkraam het zou willen toelaten. Daarmee voorkomen we dat we op Zijn troon gaan zitten en in wat voor vorm dan ook voor ‘god’ spelen in oordelen, in woorden of in daden.
A. Versluis bedankt voor de Bijbelse overwegingen en het uitkomen bij Gods liefde in Zijn zoon.

Reply
Chan

@dhr Heerema: De erkenning dat in het OT daden of geboden aan God worden toegeschreven die in onze ogen (vanuit NT-perspectief) eenvoudigweg verwerpelijk is daarmee nog niet per se een oplossing waarover u zegt: “implicatie van deze oplossing is dat het gehele OT onbetrouwbaar is”. De sleutel zit hem in de visie van de RK Kerk die boeken stelt dat het OT “ook onvolmaakte en aan die tijd gebonden dingen bevat”.

Een aantal mensen hierboven passen hun ethisch oordeel (toch ook door het NT gevormd) zodanig aan dat het zich verdraagt met een letterlijke bijbeluitleg: een ‘goedkeuring’ van genocide als door God gewild. Dat lijkt me toch ook geen oplossing. In die redenering zou je ook moeten ‘goedkeuren’ dat God 42 kinderen liet vermoorden omdat ze een oude man hebben beledigd (2 Kon 2:23-25). En die oplossing zal toch geen christen meer aanhangen. Nee, het OT is geïnspireerd, zeker, maar geschreven door mensen van vlees en bloed, en niet gespeend van menselijkheid en menselijke interpretatie.

Reply
Jan Jonkers

Heb deze discussie rond dit boeiende onderwerp met belangstelling gevolgd. De vermelde hoofdstukken uit de Bijbel nagelezen en de preek (op advies van D.H.Janse) beluisterd. De betreffende dominee blijft het ook allemaal “moeilijk” vinden en lijkt de uitgevoerde genocide als “collateral damage” te beschouwen. Stel helaas vast dat ik voor de te hanteren normen en waarden in de beoordeling van deze wreedheden in het Christelijk Geloof niet echt veel verder kom.

Misschien is het Internationaal Gerechtshof in Den Haag een optie. Hier vond toch onlangs een veroordeling van Mladic voor vergelijkbare misdaden plaats. Voordeel van een dergelijke procedure is dat er uiteraard ruimte is voor de verdediging. Hoeven we ook niet, blijkens bovenstaande bijdragen, ons in “allerlei bochten te wingen” om er nog iets “begrijpelijks” van te maken. Dus daar kan de Heer als ooggetuige ons echt eens uitleggen wat er zich nu precies heeft afgespeeld en welke motieven hij hierbij heeft gehad. Ik wil niet op de uitspraak vooruitlopen maar vrees dat het een veroordeling bij verstek zal worden.

Reply
Eppie

God voor onze rechtbank… is dat op goede vrijdag pakweg 1986 jaar geleden al niet gebeurd?

Reply
chan

De ironie in de reactie van dhr Jonkers ontgaat mij niet. Wie zijn wij om Hem te (be)oordelen. Laat onverlet dat het bij de doodstraf voor 42 kinderen i.v.m. het enkele misdrijf “schelden” (2 Kon 2:23-25) van tweeën één is: ofwel de opdrachtgever tot deze moord is een monster. Danwel de schrijver van dit alles was een kind van zijn (primitieve) tijd.

Reply
Peter Laman

Eerlijk gezegd denk ik dat we deze passages uit het OT altijd met gekromde tenen zullen lezen. Ik heb al vele beschouwingen erover gelezen en vrijwel allemaal – ook deze – doen eigenlijk niet anders dan het probleem afbakenen: het was alleen in die specifieke situatie en in die tijd. Maar stel dat IS zou zeggen dat ze het moorden beperken tot Irak en Syrië, totdat het kalifaat volledig is gevestigd. Worden hun daden daardoor minder erg?

Het komt mij voor dat veel minder mensen moeite hebben met de Zondvloed. Daar deed God het zelf. Of het laatste oordeel. Dat accepteren christenen gemakkelijker omdat de volmaakt heilige God het recht heeft om zondaars te oordelen. Blijkbaar hebben we dus vooral moeite met het feit dat Israël het vonnis moest uitvoeren. De ene zondaar moest de andere uitroeien. Is het zo dat we meer moeite hebben met de keuze van de beul dan met het doodvonnis zelf?

Ten slotte heb ik vragen bij de opmerking in het artikel, dat die volken niet werden uitgeroeid ‘omdat Israël daar moest wonen’. Later wordt gezegd dat het vooral een oordeel over de zonden is. Waarom dan zo selectief? Waren de Egyptenaren, of andere volken, minder erge zondaars? Alleen de volken die in het Beloofde Land woonden moesten worden uitgeroeid, dus het heeft wel degelijk te maken met het feit dat Israël daar moest gaan wonen.

Ik zie persoonlijk nog geen begin van een bevredigend antwoord, maar ik kan er mee leven dat ik niet alles begrijp. Uiteindelijk denk ik dat de aanvallen vanuit niet-christelijke hoek vooral geïnspireerd zijn door hun verzet tegen het geloof in een persoonlijke God. Er is veel onrecht om ons heen. Door mensen veroorzaakt, maar ook zaken die niet door mensen worden veroorzaakt (natuurrampen, epidemieën, etc). De moderne mens gelooft graag dat hij het product is van puur toeval. Je kunt dan niemand verantwoordelijk stellen voor deze zaken, want toeval is onpersoonlijk. Het eigenlijke verzet is tegen het geloof in een God die HEER is over leven en dood.

Reply
Eppie

Beste Peter Laman. Ik denk dat je laatste zin de kern is. Mee eens. Van ieder mens is het God die eenmaal het leven weer neemt. Daartoe heeft Hij het volste recht. Bij de een vroeg en bij de ander wat later. In hoeverre beseffen we dat elke dag leven die we krijgen een genadige gift van boven is? Dat gold de mensen in Kanaän en dat geldt ons nu nog. Tegenover de Heere hebben we na de zondeval geen recht van leven. Elk moment is geschonken en mogen we in dankbaarheid aanvaarden maar hebben we ook verantwoordelijkheid aan God voor af te leggen. Aan het eind van elke dag moeten we dan weer aan God belijden. “U heeft ons onverdiend weer gespaard, U was goed en wij waren fout want ook deze dag hebben we weer niet gedaan waartoe we geschapen waren. Weest u mij genadig”. In dit opzicht is het in mijn ogen wrang, dat we zelf in Nederland in de afgelopen decennia tot een miljoen ongeboren kinderen hebben gedood, die nog geen moment iets kwaads gedaan hebben. Om de woorden van Chan te gebruiken: Wie is hier het monster?

Reply
chan

Ik kan mij helemaal vinden in de opmerking van dhr Eppie over het monsterlijke van abortus. Vergeleken bij dat kwaad, is deze discussie misplaatst. Mijn ‘stoken’ hierboven had als enig doel eindelijk eens een solascripturist horen zeggen: ja, in het OT staan onvolmaakte en tijdsgebonden dingen zoals de RK Kerk het uitdrukt. Maar dat is te blijkbaar veel gevraagd. Zelfs een God die 42 kinderen executeert vanwege het misdrijf ‘schelden’ stemt niet tot nadenken, moet per se moreel verdedigd worden. Dit mag dan een bijbels-zuivere doctrine zijn maar is tegelijk ‘onmenselijk’.

Reply
Stef Heerema

Ik ben zo’n ‘solascripturist’ en geloof zeker niet dat het OT danwel het NT onjuiste informatie verschaft over Gods gewelddadige optreden tegen mensen. Wat ik heb ervaren is dat God de ogen van de gelovige zoeker opent voor antwoorden in de Bijbel. Eén van de antwoorden is dat er in de Bijbel onderscheid wordt gemaakt tussen de eerste en de tweede dood. Christus is overgeleverd aan de eerste dood om ieder die in Hem gelooft, te behoeden voor de tweede dood. Ons leven nu én de eerste dood staan volledig in dienst van het Koninkrijk dat in Christus is geopenbaard. Hijzelf is voorgegaan, en wij volgen Hem; in de dood, maar ook in de opstanding. De tweede dood daarentegen, die moeten wij, en zoveel mogelijk anderen met ons, ontlopen. Zo kun je in 1 Koningen 14 lezen dat God een kind voortijdig wegneemt, omdat Hij iets goeds in hem zag. Waarschijnlijk wordt de eerste dood hier gebruikt om hem te behoeden voor de tweede dood. In Lukas 13 vers 1-5 worden twee voorbeelden gegeven waaruit blijkt dat de eerste dood als waarschuwing wordt ingezet voor de levenden. Echter zullen ook die levenden later de eerste dood gesmaakt hebben, de waarschuwing is logischerwijze alleen van toepassing op het ontwijken van de tweede dood.

Analoog hieraan heeft de dood van deze 42 kinderen gediend als waarschuwing voor de levenden. Of deze 42 kinderen ook overgeleverd zullen worden aan de tweede dood is maar zeer de vraag. Persoonlijk ben ik ervan overtuigd dat een aantal, mogelijk allen, uit het dodenrijk is verlost toen Christus de dood had overwonnen (1 Petrus 3:19).

Wij dienen een goede God, die de door ons in de schepping geïntroduceerde dood, met alle middelen bestrijdt. Zichzelf daarbij niet ontziend. Vertrouw op Hem, Hij zal alle tranen afwissen en toegang verlenen tot eeuwig leven aan ieder die een eeuwigheid met Hem wil doorbrengen.

Eppie

Beste Chan, het is inderdaad zo dat de gebeurtenis waarbij de 42 kinderen door de berinnen gedood worden naar aanleiding van het uitschelden van de profeet Elisa vragen oproept, ook bij solascripturisten (grappig woord). Ik kan me nog heel wat discussies herinneren aan de keukentafel met betrekking tot dit onderwerp. (Ik gebruik in dit kader bewust het woord aanleiding en niet het woord oorzaak). De conclusie echter, dat God onmenselijk zou zijn in de zin van gruwelijk, kwaad of slecht, is een conclusie die lijnrecht tegen de kernboodschap van de Bijbel in gaat. Als het optreden van God moreel niet goed is, dan ontaardt ons hele bestaan in een verschrikking. In denk dat jij die kant ook niet op wilt. Als we anderzijds de oplossing zoeken in onvolkomenheden van het OT, dan komen we ook in de problemen. Het is in strijd met het getuigenis van de Schrift zelf in het NT waarin gezegd wordt dat de ganse Schrift van God is ingegeven en je kunt niet meer weten wat wel en niet waar is. Natuurlijk was de beschrijver een kind van zijn tijd met een eigen culturele achtergrond en kennis. Ik begrijp niet helemaal welke reikwijdte je die opmerking wilt geven. Bedoel je te zeggen dat het niet echt gebeurd is, of dat de duiding van de Bijbelschrijver niet correct geweest is? Dat strijdt dan met het gegeven dat de Bijbel door de Heilige Geest geïnspireerd is. Overigens is het wel zo dat het licht van het evangelie veel helderder schijnt in het NT dan in het OT. Het is echter in het OT en in het NT dezelfde goede God die van Zichzelf een aantal keren zegt dat Hij is: bramhartig en genadig, lankmoedig en van grote goedertierenheid en berouw hebbende over het kwaad. En diezelfde God vertoornt zich erover als Zijn evangelie versmaad wordt. Wij krijgen dit alles niet in een hokje geredeneerd. Daarvoor is de werkelijkheid te groot.

Reply
Ed Vaessen

Dus kinderen werden gedood omdat ze iemand uitjouwden?

“In hoeverre beseffen we dat elke dag leven die we krijgen een genadige gift van boven is?”

Wie bepaalt of het een genadige gift is? Wat zijn de criteria precies?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

 tekens over