In dit artikel bespreken we een aantal van de bekendste archeologische vondsten die de historische betrouwbaarheid van het Oude Testament van de Bijbel onderschrijven.
Tel Dan Stele

Oren Rozen, CC BY-SA 4.0, via Wikimedia Commons
Sceptici hebben lang ontkend dat Koning David echt bestaan heeft. Tot in 1993 een inscriptie uit de 9e eeuw voor Christus gevonden werd in Tel Dan (Noord-Israël) van een Aramese koning. De steen bevat de woorden “Beit David”. Dat betekent ‘huis van David’ en verwijst naar het koninklijk huis van koning David (David zelf leefde niet meer). Dit is het oudste buiten-Bijbelse bewijs voor de historische David. De vondst bevestigt dat David een historische figuur was en dat zijn koninkrijk werd erkend door omringende volken.
Mesha Stele

De Mesha-stele werd in 1868 ontdekt in Dhiban, Jordanië. De inscriptie, gedateerd op 840 v.Chr., komt van koning Mesha van Moab. Het beschrijft hoe hij zich losmaakte van de overheersing door Israël. In de tekst wordt de naam van de Israëlitische koning Joram genoemd, en waarschijnlijk ook een verwijzing naar het ‘Huis van David’. Dit komt overeen met de Bijbelse verslagen in 2 KONINGEN 3. De vondst bevestigt dat de gebeurtenissen in de Bijbel ook worden genoemd in de verslagen van omringende volken. Deze Moabitische steen bevat ook een van de vroegste verwijzingen naar Yahweh: “Ik nam van daar de vaten van Yahweh.”
Hethitische stad

Credit: Canva Pro, Nurten Tellioglu
Lange tijd werd het historisch bestaan van een machtig hethitisch volk in twijfel getrokken, omdat het enkel in de Bijbel genoemd werd (o.a. in GENESIS 15:20). In 1906 werd in Boğazköy (Turkije) de Hethitische stad Hattusa herontdekt. Er werden duizenden kleitabletten met spijkerschrift gevonden, die bevestigden dat Hattusa de hoofdstad van het Hettitische Rijk was.
Taylor Prisma

In 1830 werd in Ninevé een Assyrisch kleiprisma gevonden: Het Taylor-prisma. Het bevat een verslag van koning Sanherib, waarin hij zijn militaire campagnes opsomt. Daarbij noemt hij ook koning Hizkia van Juda, die volgens de inscriptie in Jeruzalem als een “vogel in een kooi” werd opgesloten tijdens de belegering in 701 v.Chr. Opmerkelijk is dat Sanherib wél de belegering beschrijft, maar niet de inname van de stad. Dat komt overeen met het Bijbelse verslag in JESAJA 37, waar staat dat Jeruzalem werd gered doordat een engel van de HEERE in één nacht 185.000 Assyrische soldaten doodde.
Cyrus cilinder

In 1879 werd in Babylon de Cyruscilinder ontdekt, waarop een inscriptie van de Perzische koning Cyrus de Grote staat. In deze tekst beschrijft Cyrus hoe hij de ballingen terugstuurde naar hun eigen land en hen hun heilige gebouwen liet herbouwen. Hoewel het Joodse volk niet expliciet wordt genoemd, komt de cylindertekst overeen met het Bijbelse verslag in 2 KRONIEKEN 36:23, waarin staat dat Cyrus de Israëlieten toestond terug te keren naar Jeruzalem en de tempel te herbouwen.
Merneptah inscriptie

Webscribe, CC BY-SA 3.0, via Wikimedia Commons
De Merneptah-stele is een Egyptisch monument uit ongeveer 1209 v.Chr. Daarop wordt beschreven hoe farao Merneptah verschillende volken in Kanaän overwon. Opmerkelijk is dat ook ‘Israël’ wordt genoemd. Dit is de oudst bekende vermelding van Israël buiten de Bijbel. In tegenstelling tot steden als Askelon en Gezer, wordt Israël niet als een vaste stad aangeduid, maar als een bevolkingsgroep. Dat sluit aan bij de Bijbelse geschiedenis: in deze periode van Richteren woont Israël al in Kanaän, maar wel in stammenverband zonder centrale staat.
We hebben inmiddels een replica van de Tel Dan Stele, de Cyrus cilinder en de Taylor-prisma kunnen toevoegen aan onze rondreizende Bijbel Expo!

Dit artikel ‘6 Bijbelse archeologische vondsten’ is eerder verschenen in nr. 15 van ons magazine Bijbelvast (zie hier de PDF).
Wil je hier meer over weten of je aanmelden voor een gratis abonnement? Bezoek www.logos.nl/bijbelvast.







