Afstand aarde – maan

by | sep 4, 2017 | Astronomie & Kosmologie, Onderwijs

De maan omcirkelt de aarde en veroorzaakt met zijn aantrekkingskracht eb en vloed in de wereldzeeën. Hierbij worden geweldige watermassa’s heen en weer geschoven en daarvoor is energie nodig. De maan levert energie, doordat hij zich elk jaar ca. 4 centimeter van de aarde verwijdert. De aarde levert energie, doordat hij na honderd jaar ca. 0,0016 seconde per dag langzamer draait. Zelfs indien de aarde en de maan bij het begin aan elkaar raakten, dan nog kon dit proces maximaal 1,3 miljard jaar geduurd hebben. Te kort voor een zogenaamd 4,6 miljard jaar oud aarde-maan-stelsel.

Meer dan een eeuw geleden ontdekte de astronoom George Darwin, zoon van Charles Darwin, dat de maan zich langzaam in een spiraal van de aarde verwijdert. De reden daarvoor ligt in de wederzijdse getijdenwerking van aarde en maan: De dag op aarde wordt ca. 0,0016 seconden per eeuw langer en de maan verwijdert zich elk jaar ca. 4 cm van de aarde.
 
Deze op zich geringe waarden kunnen over langere tijdsperioden niet verwaarloosd worden. Interessant daarbij is, dat de getijdenwerking een zeer steile functie met de aarde-maan-afstand vertoont. Daarom moeten in het verleden, toen de maan dichter bij de aarde stond, de veranderingen aanzienlijk groter zijn geweest dan tegenwoordig.1

Zelfs indien deze veranderingen in het verleden even groot zouden zijn geweest, als zij tegenwoordig zijn, kon het maximaal 1,3 miljard jaar geleden zijn, sinds de maan de aarde omcirkelt. 1,3 miljard jaar geleden zou hij in theorie contact met de aarde hebben gehad. En 1 miljard jaar geleden zou hij nog steeds zo dicht bij de aarde geweest zijn, dat hij ongelofelijk hoge getijden zou hebben veroorzaakt. Niemand gelooft echter, dat het in werkelijkheid zo was.

Stabilisering van de aardas

De maan heeft met zijn getijdenwerking invloed op de wereldzeeën, draagt echter ook bij aan de stabilisering van de aardas. Jacques Laskar ontdekte, dat de aardas tot ca. 80 graden zou kunnen draaien, als niet de maan, door zijn verhoudingsgewijs grote massa, bij zijn omloop om de aarde de rotatieas zou stabiliseren. De schuine stand van de aardas lijkt met 23,3 graden heel stabiel te zijn. Zeer waarschijnlijk zijn hiervan in het verleden nauwelijks grotere afwijkingen dan 1,3 graden opgetreden.

Voetnoten

  1. Danny R. Faulkner, The current state of creation Astronomy, Proceedings of the Fourth International Conference on Creationism, 1998, p. 208.
M
"

Artikelen

Artikelen