Bijbelkennis is erg belangrijk. Wanneer we de feiten en de geschiedenissen uit de Bijbel niet goed kennen wordt dat tegen ons gebruikt. Zo menen atheïsten vaak dat zij de Bijbel beter kennen dan diverse christenen. Om te kunnen getuigen van de betrouwbaarheid van Gods Woord, is het zaak om de geschiedenissen in de Bijbel te kennen. Immers, wat je niet goed kent kun je ook niet goed verdedigen.

Om VMBO-ers meer bijbelkennis mee te geven heeft Ripe Publishing lessen van docent B.S. van Groningen in druk uitgegeven.1 Van Groningen geeft aan dat dit boekje niet bedoeld is om in de les te behandelen. Mogelijk leent het zich wel voor huiswerk, de docent kan dat zelf bepalen welke vragen hij opgeeft om te leren. Van Groningen: “Hopelijk zie jij dit leerboek niet als een verzameling van dor feitenmateriaal, maar als een hulpmiddel om Gods Woorden te bewaren.” De docent wijst dan op Hosea 4 vers 6a, Jesaja 1 vers 3b en Spreuken 2 vers 1 tot en met 6. Het gaat hem dan niet alleen om verstandelijke kennis maar ook om geestelijke kennis. Op het Wartburg College in Rotterdam is ‘op verschillende niveaus van de boekjes Bijbelkennis gebruikgemaakt’. Voor de tto-groepen zijn de boekjes ook in het Engels verschenen. Overigens hoop ik dat deze boekjes niet nieuw voor de leerlingen zijn, maar dat het vooral herhaling is van wat ze op de basisschool hebben gehad. Met de opbouw van kennis over de Bijbelse geschiedenis kunnen we niet vroeg genoeg beginnen. De boekjes zijn overigens ook geschikt voor volwassenen om hun Bijbelkennis weer eens op te frissen.

Oorsprong of wording

Vanaf pagina 3 tot en met pagina 8 wordt het bijbelboek Genesis behandeld. Genesis betekent oorsprong of wording. Volgens Van Groningen kun je Genesis verdelen in twee gedeelten, namelijk Genesis 1-11 en Genesis 12-50. Hoewel een dergelijke scheiding ‘verbondsmatig’ begrijpelijk is, zou ik ervoor kiezen om te benadrukken dat Genesis een geheel vormt. Na deze bespreking somt de docent de zes scheppingsdagen op en wijst hij op het verband tussen deze dagen. Licht (1) – lichtdragers (4). Uitspansel (2) – Dieren in het uitspansel (5). Het droge (3) – Bewoners van het droge (6). In vraag 2 wordt er van de leerlingen verwacht dat zij deze scheppingsdagen kunnen opnoemen. Van Groningen geeft aan dat de vrouw gebouwd wordt uit een rib van Adam, terwijl Adam geformeerd is uit het stof van de aarde. Daarna komt het proefgebod aan de orde en de twee (speciale) bomen die in het paradijs staan. “De zonde dreigt Gods werk te vernielen, maar de Heere heeft een verlosser beloofd en waakt ervoor dat Zijn belofte ook vervuld zal worden.” In vraag 5 wordt gevraagd naar de Moederbelofte uit Genesis 3:15. Van de leerlingen wordt verwacht dat zij deze belofte uit hun hoofd kennen. Na de zondeval gaat de geschiedenis verder met Kaïn en Abel en hun geslachten. Waarbij wordt gewezen op het verschil tussen de geslachten: het geslacht van Kaïn dient God niet, het geslacht van Seth (=plaatsvervanger) dient God wel. Gewezen wordt op Henoch en Methusalah (of Methusalem). De eerste wandelde met God en werd weggenomen, de laatste werd 969 jaar oud. De zondvloed komt. Waarom? “De zonde neemt hand over hand toe. De kinderen van Seth vermengen zich met de kinderen van Kaïn.” De laatste zin is een interpretatie van de zogenoemde nəfilîm (Genesis 6:4), een andere interpretatie is dat het hier gaat om gevallen engelen. De zondvloed komt niet direct, God geeft nog 120 jaar uitstel. “In die tijd predikt Noach en bouwt hij de ark.” Na die 120 jaar komt de zondvloed wel, het regent 40 dagen en 40 nachten. “In de ark bevinden zich: zeven paar reine en één paar onreine dieren, voedsel en acht mensen.” Deze zin zou zo gelezen kunnen worden dat er slechts één paar onreine dieren in de ark zaten. Dit is natuurlijk niet zo geweest. Per ‘aard’ waren er van de reine dieren zeven paar (of waren het zeven individuen?) en van de onreine dieren per ‘aard’ één paar. Wellicht zou dat goed opgeschreven kunnen worden in een volgende druk. Van Groningen benadrukt het wereldwijde karakter van de zondvloed door te wijzen op de regenboog en Gods belofte: “De aarde zal niet meer door water verdelgd worden.” Bij vraag 10 wordt van de leerlingen gevraagd om Genesis 9 vers 6 (over de doodstraf) uit het hoofd te leren. Na de spraakverwarring bij Babel worden de volkeren over de aarde verdeeld. Het nageslacht van Sem blijft wonen in het Midden-Oosten. Het nageslacht van Cham trekt naar Afrika en Zuid-Azië. Het nageslacht van Jafeth verhuist naar Europa en Noord-Azië. Abraham, een nakomeling van Sem, wordt geroepen door God uit Ur der Chaldeeën. We zien hier dat B.S. van Groningen geen scheiding plaatst tussen Genesis 11 en Genesis 12, maar dat hij het door laat lopen. De docent neemt bijvoorbeeld een stamboom op die begint bij Terah, Haran, Nahor en Abraham. Over hen lezen we in Genesis 11, maar over de roeping van Abraham in Genesis 12. De docent volgt in de rest van het deel de geschiedenis van het Oude Testament. Ik ben blij dat B.S. van Groningen de geschiedenissen die opgeschreven zijn in Genesis serieus neemt en ze zijn leerlingen onderwijst en zelfs stukken daarvan uit hun hoofd laat leren. Want daar ligt de basis.

Oude Testament

B.S. van Groningen verwijst in de rest van zijn bespreking van het Oude Testament niet zo veel meer naar de schepping, zondeval, zondvloed en spraakverwarring. Wel wijst de docent de jongeren erop, met Spreuken 1 vers 7 in de hand, dat ‘de vreze des HEEREN’ het ‘beginsel der wetenschap’ is en worden de leerlingen opgeroepen om de tekst van Prediker 12 vers 1 uit het hoofd te leren. In deze tekst worden de jongeren opgeroepen om aan hun Schepper te gedenken.

Nieuwe Testament

In de tweede klas wordt het Nieuwe Testament behandeld. Net als bij het Oude Testament is ook deze lesstof is in druk verschenen bij Ripe Publishing. B.S. van Groningen wijst erop dat in tegenstelling tot het bijbelboek Mattheüs, het geslachtstregister van Lukas bij Adam eindigt ( ‘de zoon van God’). In het vragenboekje wordt hier ook een vraag over gesteld. Bij de bespreking van het bijbelboek Johannes wordt erop gewezen dat Jezus de Zoon van God is en dat hij al bij de schepping aanwezig was (Johannes 1:1). Ook bij de bespreking van de brieven van Johannes wordt een tekst aangehaald waaruit blijkt dat Christus (het Woord des levens) bij de schepping van de wereld aanwezig was. In de Romeinenbrief wordt verwezen naar Adam. Van Groningen: “Door de zonde van Adam is de dood en de verdoemenis gekomen. Door het verlossingswerk van Christus zullen velen gerechtvaardigd worden” (Romeinen 5). De leerlingen moeten dit uit het hoofd kennen, want hier wordt in het vragenboekje een vraag over gesteld. Bij de uitleg van het bijbelboek Efeze wijst Van Groningen erop dat het in deze brief vooral gaat om Christus, het Hoofd van de schepping. Van Groningen: “Als het Hoofd van de schepping, maar ook als Hoofd van Zijn gemeente voedt en onderhoudt Hij Zijn geestelijk lichaam.” Wanneer Petrus zijn brieven schrijft zijn er dwaalleraars die spotten met de oordeelsdag en een losbandig leven aanprijzen. Van Groningen: “Maar zoals de gevallen engelen (duivelen), de goddelozen van de oude wereld (zondvloed) en de steden Sodom en Gomorra, zullen ook deze dwaalleraars hun straf niet ontlopen.” Ook de brief van Judas (een broer van de Heere Jezus) wijst naar dwaalleraars. “Ernstig waarschuwt Judas tegen hen. Hij vergelijkt ze met Kaïn en Bileam (vs 11). Net als Israël, de gevallen engelen en Sodom en Gomorra zullen ze gestraft worden (vs 5-8).” Het getal vier in het bijbelboek Openbaring wordt door Van Groningen het getal van de aarde en van de schepping genoemd. B.S. van Groningen verwijst in zijn Bijbelkennis Nieuwe Testament ook meerdere malen naar de schepping, de zondeval en de zondvloed.

Naar aanleiding van: (1) Groningen, B.S. van, 2012, Bijbelkennis Oude Testament (Nieuwdorp/Nunspeet: Ripe Publishing). (2) Groningen, B.S. van, 2012, Bijbelkennis Nieuwe Testament (Nieuwdorp/Nunspeet: Ripe Publishing). (3) Groningen, B.S. van, 2012, Vragen bij Bijbelkennis Oude en Nieuwe Testament (Nieuwdorp/Nunspeet: Ripe Publishing). (4) Groningen, B.S. van, 2012, Bible Knowledge Old Testament (Nieuwdorp/Nunspeet: Ripe Publishing). (5) Groningen, B.S. van, 2012, Bible Knowledge New Testament (Nieuwdorp/Nunspeet: Ripe Publishing).

Deze bespreking is onderdeel van het project ‘De basisschool op weg naar 2021’ onder leiding van Jan van Meerten.

Voetnoten

  1. De titels luiden: Bijbelkennis Oude Testament, Bijbelkennis Nieuwe Testament en Vragen bij Bijbelkennis Oude en Nieuwe Testament.

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.