In de aardlagen, die ouder zijn dan het zogenaamde Cambrium (naar men aanneemt ca. 488 – 542 miljoen jaar geleden), vindt men uitsluitend microfossielen. In het Cambrium zelf duiken dan plotseling zeer complexe levende wezens op. De aanname, dat eencellige en meercellige levende wezens of planten en dieren gemeenschappelijke voorouders hebben, wordt door het fossielenverslag niet ondersteund, maar juist tegengesproken. Dit probleem is algemeen bekend. Omdat de hogere levende wezens “explosief” en zonder voorlopers verschijnen, spreekt men in vakkringen van de “Cambrische explosie”.

Opabinia.wikipedia

De onderste aardlagen, die duidelijk fossielen bevatten, noemt men Cambrium. Met de uitdrukking Cambrische explosie bedoelt men het plotseling verschijnen van vele nieuwe structuren, naar men zegt ongeveer 530 miljoen jaar geleden.1 Nu is het echter zo, dat 87% van alle soorten (planten en dieren), die in hoger gelegen lagen voorkomen, ook al in het cambrium aanwezig zijn. Slechts de gewervelde dieren en de mosdiertjes, evenals de insecten, verschijnen pas in hogere aardlagen (het Ordovicium of Devoon). In de aardlagen, die ouder zijn dan het Cambrium, komt echter nauwelijks een onbetwist hoger fossiel voor. Dus is er geen enkele fossiele aanwijzing, dat de levende wezens, die in de Cambrische explosie verschenen, gemeenschappelijke voorouders hebben.

Binnen de (volgens de evolutietheorie) enorm korte tijd van naar men zegt 5 tot 10 miljoen jaar zouden minstens 19 tot 35 nieuwe soorten (van totaal 40)  voor de eerste maal op aarde verschenen zijn.23 Vele nieuwe subsoorten (tussen 32 en 48 van totaal 56) en soorten van dieren zijn eveneens voor het eerst in deze lagen aanwezig. Alle vertegenwoordigers van deze soorten hebben belangrijke morphologische bijzonderheden. In het vroegere Vendium of in de precambrische fauna ontbreken in bijna alle gevallen de, volgens de evolutietheorie te verwachten, morphologische voorouders.4

Nieuwe ontdekkingen en analyses tonen, dat deze morphologische hiaten niet simpelweg op een onvolledige fossielgeschiedenis zijn terug te voeren.5 Omdat men aanneemt, dat de fossielgeschiedenis wel betrouwbaar is, vraagt men zich af, hoe deze waarneming met de strikt monophyletische visie (één enkele stamboom) van de evolutie overeenstemt.6

Snelle of langzame “ontsteker”

Degenen, die menen, dat de fossielen een betrouwbaar beeld van het ontstaan van zogenaamde Metazoa geven, neigen tot de opvatting, dat deze dieren relatief snel ontstaan zijn – dat de cambrische explosie dus een zogenaamde “snelle ontsteker” gehad heeft.7 Sommige8, maar niet allen9, die denken, dat de moleculaire stambomen betrouwbaardere vertakkingstijden van de precambrische voorouders leveren, geloven, dat de Cambrische dieren zich over een zeer lange tijdsperiode ontwikkelden en dat de Cambrische explosie daarom een “langzame ontsteker” had.

Over het kernprobleem van de cambrische explosie uitte zich Ernst Mayr, de in 2005 overleden hoofdvertegenwoordiger van de moderne synthetische evolutietheorie, als volgt: “Bijna alle […] soorten duiken reeds in volledig ontwikkelde vorm op aan het einde van het precambrium en aan het begin van het cambrium, dat betekent ongeveer 565 tot 530 miljoen jaren geleden. Men heeft geen fossielen gevonden, die tussen hen staan, en ook tegenwoordig bestaan zulke tussenvormen niet. De soorten schijnen dus door onoverbrugbare leemten gescheiden te zijn.”10

Voetnoten

  1. Junker en Scherer, Evolutie. Het nieuwe studieboek, De Oude Wereld, 2010, p. 227. Dit boek is ook in onze webshop te koop.
  2. Ernst Meyer et al., DNA and the origin of life: information, specification and explanation, in J.A. Campbell und S.C. Meyer, Darwinism, Design and Public Education, Michigan State University Press, 2003, p. 223-285.
  3. S.A. Bowring, J.P. Grotzinger, C.E. Isachsen, A.H. Knoll, S.M. Pelechaty und P. Kolosov, Calibrating rates of early Cambrian evolution, Science 261, 3 September 1993, p. 1293-1298.
  4. G.L.G. Miklos, Emergence of organizational complexities during metazoan evolution: perspectives from molecular biology, palaeontology and neo-Darwinism, Mem. Ass. Australas. Palaeontols 15, 1993, p. 7-41.
  5. M. Foote, Sampling, taxonomic description and our evolving knowledge of morphological diversity, Paleobiology 23, 1997, p. 181-206.
  6. Simon Conway Morris, The question of metazoan monophyly and the fossil record, Progress in Molecular and Subcellular Biology 21, 1998, p. 1-9.
  7. Simon Conway Morris, Cambrian “explosion” of metazoans and molecular biology: would Darwinbe satisfied?, International Journal of Developmental Biology 47, 2003, p. 505-515.
  8. Gregory A. Wray, Jeffrey S. Levinton und Leo H. Shapiro, Molecular Evidence for Deep Precambrian Divergences Among Metazoan Phyla, Science 274, 25. Oktober 1996, p. 568-573.
  9. Francisco José Ayala, Andrey Rzhetsky und Francisco J. Ayala, Origin of the metazoan phyla: molecular clocks confirm paleontological estimates, Proc Natl Acad Sci USA 95, 20 Januari 1998, p. 606-611.
  10. Ernst Mayr, Das ist Evolution, 3. A., München, 2003, p. 74.

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

95 Stellingen

Written by

Weliswaar zijn sinds de eerste uitgave van Charles Darwins boek "Het ontstaan van soorten" op 24 november 1859 ontelbare feiten bekend geworden, die heel duidelijk tegen de evolutietheorie spreken, maar het geloof in evolutie, oerknal en een vele miljoenen jaren oude aarde heeft zich diep in het bewustzijn van de moderne maatschappij ingenesteld. Hierbij heeft deze wereldbeschouwing langzamerhand een fundamentalistisch karakter aangenomen. In geen ander gebied van de wetenschap worden kritische stemmen zo onzakelijk en heftig aangevallen als op dit gebied van onderzoek. Wie twijfelt, wordt uit het debat over de oorsprongsvragen uitgesloten en niet zelden bestreden. De eigenwijsheid van de leidende disciplines in wetenschap, onderwijs en media doet denken aan de koppigheid, waarmee de Rooms Katholieke kerk in de Middeleeuwen haar toenmalige wereldbeeld verdedigd heeft. Op 31 oktober 1517 heeft de hervormer Maarten Luther 95 stellingen gepubliceerd, waarmee hij de toenmaals wijdverbreide aflaatpraktijk ter discussie stelde. Deze bemoeienis heeft een kettingreactie veroorzaakt, die uiteindelijk tot de Reformatie leidde. Op gelijke wijze moeten de hier aanwezige 95 stellingen tot een verandering van denken in het oorsprongsdebat bijdragen. Met deze publicatie willen wij ons ervoor inzetten, dat in de discussie over de oorsprong van de mensheid, het aardse leven en de kosmos een open omgang met wetenschappelijke gegevens, interpretaties en wereldbeschouwelijke stellingnamen* mogelijk wordt.

12 Comments

Peter

De stelling is slordig geformuleerd. Ten eerste is het tijdsverloop vreemd ingeschaald.. Het is niet ‘plotseling 530 miljoen jaar geleden’, zoals hier gezegd wordt. De eigenlijke ‘Cambrische explosie’ beslaat 25 miljoen jaar te beginnen omstreeks 542 miljoen jaar geleden Ten tweede vindt men in de aardlagen, die ouder zijn dan het Cambrium (Cambrium is van 541 ± 1,0 tot 485,4 ± 1,9 miljoen jaar geleden), niet uitsluitend microfossielen, maar ook de Ediacara fauna en de Doushantuo fauna, met meercellige beesten. Ten derde weet de stelling niet dat ‘soort’ een biologisch begrip is. Als ”de soort Loxodonta africana, de Afrkaanse savanne olifant”: dat is een soort. De volgende zin gaat daar volledig de fout in (overig gebruik van ‘soort’ is even fout’) “Nu is het echter zo, dat 87% van alle soorten (planten en dieren), die in hoger gelegen lagen voorkomen, ook al in het Cambrium aanwezig zijn” Van de omstreeks 200 soorten beesten uit het vroeg-Cambrium komt geen enkele voor als moderne soort.

Vanaf het Cambrium zijn er meercellige beesten gevonden die in groepen in te delen zijn die min of meer overeenkomen met moderne groepen. Dus, Geleedpotigen, alleen heel andere soorten dan nu. Bij een monofyletsche afstamming krijg je steeds splitsing van een stamgroep in twee groepen, die dus even oud zijn, en dan samen gevonden kunnen worden: evolutie leidt tot diversiteit op één moment. Een diverse fauna wijst op uitgebreide evolutie voor die tijd. Het bestaan van het weekdier Kimberella 555 miljoen jaar geleden laat zien dat er een 100 miljoen jaar evolutie van de tweezijdig symmetrische beesten aan het Cambrium voorafgaat.

Reply
Hetty Dolman

Jammer dat dit werd overgenomen uit de 95 stellingen terwijl er nadien nieuwe ontwikkelingen op dit gebied zijn te melden. Het creationisme zal zich steeds opnieuw moeten inlezen alvorens iets te posten. Zie bijvoorbeeld: https://www.sciencedaily.com/releases/2013/09/130919142202.htm

Zelfs 3 jaar geleden viel er al van alles af te dingen op de inhoud van bovenstaand verhaal. Volgende week krijgen we het volgende verhaal, dat alles afgesleten moet zijn na zoveel jaar. Terwijl we gebergten zien ontstaan. Ik begrijp het niet heel goed. [Wordt er] gedegen onderzoek alvorens iets te posten?

Reply
peter b

Hetty, de Cambrische explosie is er gewoon nog steeds. Reeds bekend ten tijde van Darwin [en] het is er niet beter op geworden, overigens. Deze waarnemingen staan diametraal op die men zou verwachten vanuit gradualistisch selectionisme (Darwinisme), want de meercellige biologie begint hier met 50 verschillende fyla (waarvan er 36 zijn overgebleven, de rest is uitgestorven). Dat is de falsificerende waarneming voor Darwinisme. Darwins Theorie wordt dus meteen weerlegd door het fossielenveslag. Darwinisme is een filosofie die iets poneert dat niet bestaat en daarna probeert dat te verklaren.

Peter

Die ’95 stellingen’ zijn zelf al van 2009. De verwijzingen zijn [ook] oud; of naar een Duits schoolboek voor vmbo-t of dat soort school. (…)

Hetty Dolman

@Peter B,

“de Cambrische explosie is er gewoon nog steeds.“

Natuurlijk, die loopt echt niet weg. Maar sindsdien is er wel veel meer onderzoek gedaan. De heren professoren hebben er vier jaar met een team wetenschappers voor in noordoost Groenland doorgebracht. De waarnemingen staan helemaal niet diametraal op wat de evolutietheorie voorspelt, omdat het versnellen, of juist stilstand inherent is in wat wordt voorspelt. Creationisten spreken over ‘falsificatie’, wetenschappers over kansen om in het verleden te kijken en over een spannend onderzoeksgebied. De onderzoekers noemen het een kettingreactie, veroorzaakt door klimaatverandering, toename van voedsel en zuurstof. Het ontstaan van soorten in meerdere tientallen miljoenen jaren lijkt mij eerder een falsificatie van het creationisme, dus ik begrijp niet wat het argument is. Bekijk ook: http://www.natuurinformatie.nl/nnm.dossiers/natuurdatabase.nl/i002841.html
Ik weet ook niet zo goed wat je wilt aantonen met die fyla. Die bouwplannen gaan over darmstelsels, symmetrie, lichaamsopeningen etc. Het waren wormpjes en slakjes. Het wormpje waar wij van afstammen heet Pikaia: https://nl.wikipedia.org/wiki/Pikaia

Reply
peter b

Hetty, de theorie van Darwin, gradueel selectionisme, de hedendaagse evolutietheorie staat diametraal op de waarnemingen die we doen aan het Cambrium, aan de biologie in het algemeen. We zien in het Cambrium de phyla eerst, daarna de soorten, ontstaan. We beginnen met 50 fyla en daarna verdwijnen er nog slechts. Zelfs de chrodaten zijn er al in het Cambrium, de fyla waartoe ook de mens behoort. Er is sinds het Cambrium nooit meer een fylum bijgekomen. Darwinisme is onderdeel van atheïstenfilosofie, genaamd naturalisme, dat in de 18e en 19e eeuw populair was onder de materialisten (naturalisten noemden ze zich). Nog steeds overigens. In de 19e eeuw kan men nog materialist zijn, want men wist niet beter, maar hedentendage kan geen weldenkend mens nog materialist zijn, want we weten nu dat het hele universum, inclusief de biologie, baseert op informatie. Informatie is immaterieel. Materie is tweederangs, want zonder informatie bouw je geen universum en geen leven. God = Logos = Informatie. Ik heb dit overigens al meerdere keren uitgelegd.

Uit jouw link hierboven:
“Whatever the cause, this major evolutionary event led to a wide range of biological innovation, including the origin of modern ecosystems, a rapid increase in animal diversity, the origin of skeletons and the first appearance of specialist modes of life such as burrowing and swimming.”

[Dit] is verhaaltjes vertellen. (…) Wat je nodig hebt voor “biological innovation” = informatie. Specifieke volgorden van DNA letters, die duizenden nieuwe genen voortbrengen waarmee je nieuwe structuren en organen kunt bouwen. Merkwaardig dat dat woord helemaal niet voorkomt in dit opstel.

Hetty Dolman

Beste Peter B,

“[Dit] is verhaaltjes vertellen. (…)”

Dat klopt. het is een nieuwsbericht verwijzend naar een paper, gepubliceerd in “science” waar ik geen toegang toe heb. Australische onderzoekers hebben overigens ook onderzocht hoe snel die evolutie ging: 4 tot 5,5 keer zo snel als normaal, wat binnen de marge van het darwinisme past. Als oorzaak voor versnelde evolutie wordt ook bijvoorbeeld de ontstane wapenwedloop genoemd. Zie: http://www.cell.com/current-biology/abstract/S0960-9822(13)00916-0

Ondertussen blijf ik me afvragen hoe de cambrische explosie past in het creationisten plaatje. Wanneer zijn die dieren overleden? Wat zijn creationistische conclusies over de cambrische explosie? Is een fylum synoniem aan basistype? Hoe moet ik dat zien? Creationisten voorspellen zelf ook dit soort explosies, maar dan binnen een fractie van een geologische duizendste seconde i.p.v. in 20.000.000 jaar. In Genesis 1 en 2, vervolgens de zondeval explosie, waarbij plotseling al het leven verdediging- en aanval kenmerken kreeg, klauwen, gifklieren etc. en er een voedselketen ontstond. Daarna nog weer een explosie waarbij alle basistypen van de ark kwamen en er plotsklaps weet ik hoeveel soorten ontstonden. Wordt er door creationistische geologen/ paleontologen naar gezocht in het fossielenbestand? Kun je uitleggen hoe een periode in de geschiedenis van de wereld, 500 miljoen jaar geleden, iets kan bijdragen aan het het creationisme? Een periode van miljoenen jaren geleden waarin de meeste groepen verschijnen en sommige weer uitstierven. Wat houd dat in in creationistische termen? Wat voegt het toe?

Geen gewervelde dieren, geen gevleugelde dieren, geen zoogdieren, alleen zeedieren die allang niet meer bestaan maar alleen hun verwanten zoals spinnen en weet ik wat voor geleedpotigen. Wat betekent het Cambrium voor het creationisme? [Zou je mij] dat uit willen leggen?

Reply
peter b

“Ondertussen blijf ik me afvragen hoe de cambrische explosie past in het creationisten plaatje.”

Het past er prima in, met name omdat het een oorsprong toont met alle bestaande fyla plus nog meer fyla die niet meer bestaan. Het fylum waartoe de gewervelden behoren, de Chordaten, bestond ook al in het Cambrium. Dit is de doodsteek voor gradueel selectionisme, want het Cabrium begint met organismen waartussen de grootst-mogelijke verschillen bestaan (die noemen we fyla, enkelvoud: fylum) en van daaruit vindt dan evolutie / soortenvorming plaats als een uitwaaiering van gelijksoortige bouwplannen (maar allemaal binnen hetzelfde fylum). Dat is de weerleggende waarneming voor Darwins gradualisme, want dat voorspelt een graduele langzame vorming van fyla vanuit een of enkele oerorganisme(n). Je verwacht vanuit Darwins gradualisme dat de soorten in het Cambrium nog heel erg op elkaar lijken en dan, naarmate de tijd verstrijkt, steeds verder uit elkaar evolueren en pas de fyla onstaan. De organismen in het Cambrium weerleggen Darwins evolutie. Het bevestigd schepping. Hoe die schepping in elkaar zat en hoe ze veranderde, zich aanpast, en nieuwe soorten voortbrengt is een ander verhaal. Het is FET.

Peter

Hetty: “Ondertussen blijf ik me afvragen hoe de cambrische explosie past in het creationisten plaatje.”

Peter B: “Het past er prima in, met name omdat het een oorsprong toont met alle bestaande fyla plus nog meer fyla die niet meer bestaan. Het fylum waartoe de gewervelden behoren, de Chordaten, bestond ook al in het Cambrium.”

Peter B, fyla passen niet in het creationisme. De baramin / basistypen zijn families. In het creationisme is geen rechtvaardiging voor het bestaan van hogere indelingen dan families. Laat staan voor vroege vertegenwoordigers van fyla in de oudst bekende fauna’s. Hoe kon de zondvloed de zaak zo sort[eren]?

Reply
peter b

Peter, ‘het creationisme’ bestaat niet. Er bestaat een op Genesis gebaseerde wereldbeschouwing en bijgevolg een creatie-wetenschap, die op basis van hypothesen onderzoek doet naar de aard van de schepping, naar biologische processen die daarbij een rol kunnen spelen, bioinformatie en evolutie. Je bent blijkbaar in de veronderstelling dat baramin en basistypen de enige mogelijkheden zijn. [Maar wist je] dat het frontloading concept steeds meer terrein wint binnen het denken van de wetenschap. Het frontloaded information concept wordt steeds belangrijker. Lees ook [het werk van] Werner Gitt. Biologische evolutie vindt overigens echt plaats, maar het is geen Darwinistisch selectionistisch op toeval gebaseerd proces, maar een frontloaded informatie proces. En zoals wetenschappelijk werd aangetoond is er geen universele gemeenshappelijke afstamming. De waarnemingen die we aan het Cambrium doen passen dus prima in het creation science. Waar ze niet in passen is Darwinisme, een 19e eeuwse filosofie.

Reply
Peter

De toonaangevende creationisten doen aab barain / basistypen, en fyla zijn daar niet mee in overeenstemming. Fyla zijn trouwens ook niet verenigbaar met creationistische frontloading, want (1) dan moet er vanuit verwantscap tussen de fyla gefrontload worden, en (2) dan moet duidelijk uigelegd worden waar wat hoe frontloading in elkaar zit. Tot nu toe is frontloading een leeg woord gebleven.

Hetty Dolman

@Peter B.,

“Het past er prima in, met name omdat het een oorsprong toont met alle bestaande fyla plus nog meer fyla die niet meer bestaan.”

Wat wil je met diertjes die nog niet eens echt vissen zijn? De vroegste Chorda dieren zijn organismen die, althans een in aanleg een elastische, weefsel-achtige streng hebben die langs de gehele rug van het dier loopt (wiki). We hebben het over de aller vroegste chorda. Dat bewijst op zich al dat er een vroeg én laat bestaat. Dit lijkt me belangrijk. Deep time dus.

Je gelooft in een pre –wervelkolom Die ons verbindt met vissen. Dat vind ik wonderlijk, gezien je eerdere reacties. In Genesis 1 lees ik dat op de vijfde dag, eerst alle vliegende dieren werden geschapen en daarna alle zwemmende dieren, en dat binnen 24 uur. De Cambrische schepping duurde minstens 20.000.000 jaar en er was geen enkel gevleugeld schepsel (of landplanten} aanwezig. Dus Genesis valt totaal buiten de Cambrische periode.

“Dat is de weerleggende waarneming voor Darwins gradualisme, want dat voorspelt een graduele langzame vorming van fyla vanuit een of enkele oerorganisme(n).”

Als dat jouw mening is, is dat verder best, maar dan kun je Genesis niet letterlijk aanhangen. [Dan kun je beter] een ander geloof [zoeken], of kie[zen] voor intelligent ontwerp. Stel dat een onderzoek het Darwinisme totaal zou weerleggen, dan zou het christelijk/Joods geloof niet persé waar zijn. Er zijn nog zat andere religies waarbinnen de Cambrische periode wel zou passen. Je mening wat betreft de Cambrische periode is geen enkel bewijs voor een geloof in Genesis. Integendeel.

Reply

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

 tekens over