Tijdens de beroemde Cambrische explosie verscheen het grootste deel van alle hedendaagse dierlijke phyla plotsklaps in de geologische lagen. Hoe kan een proces van blinde, willekeurige mutaties zo’n overvloed aan nieuwe soorten voortbrengen? Evolutionist Steve Jones heeft gespeculeerd dat de Cambrische explosie werd veroorzaakt door een cruciale verandering in het DNA. “Zou een grote uitbarsting van genetische creativiteit een Cambrische Genesis hebben kunnen veroorzaken en de moderne wereld hebben kunnen voortbrengen?”1 Waar dit soort verklaringen aan voorbij gaan, is het probleem hoe evolutie zulke astronomische entropie barrières heeft overwonnen. Met het gooien van een dobbelsteen, [door toeval -red.] hoe creatief dat ook gedaan wordt, kun je geen ruimteschip ontwerpen.

De Cambrische explosie is niet het enige voorbeeld van het abrupt verschijnen van nieuwe vormen in het fossielenarchief en de andere voorbeelden zijn even lastig voor de evolutie om uit te leggen. Noch heeft de oude visie, dat het aan de beperktheid van het fossielenarchief ligt, iets opgelost. Er was een tijd dat evolutionisten een beroep konden doen op gaten in het fossielenbestand om te verklaren waarom een soort abrupt lijkt op te komen, maar dat kan niet meer. Er is net teveel paleontologisch onderzoek geweest, zoals een internationale studie over dinosaurussen die in april 2018 werd gepubliceerd2, en die bevestigt wat de aardlagen altijd al hebben laten zien: nieuwe vormen ontstonden echt heel plotseling.

De nieuwe studie vernauwt de tijdspanne van het opkomen van dinosaurussen in het fossielenbestand. Het bevestigt dat veel dinosaurussoorten verschenen in een soort of wat “we het ‘dinosaurus diversificatie-event [gebeurtenis -red.] (DDE)’ noemen.” “Het was een “explosieve toename van het voorkomen van dinosauriërs in terrestrische ecosystemen.”

Het bij het artikel uitgebrachte persbericht beschrijft verder:
Eerst waren er geen sporen van dinosaurussen en toen waren er veel. Dit markeert het moment van hun explosie en dat is in de opeenvolgende gesteentelagen van de Dolomieten goed vastgelegd. Vergelijking met lagen in Argentinië en Brazilië, waar de oudste skeletten van dinosaurussen gevonden worden, laten zien dat de explosie daar gelijktijdig plaatsvond.

Of, zoals de hoofdauteur dr. Massimo Bernardi van de Universiteit van Bristol uitlegt: “het is verbazingwekkend hoe scherp de overgang van ‘geen dinosaurussen’ naar ‘alle dinosaurussen’ is geweest.” Er is voor evolutie dus gewoon niet genoeg tijd en dit is weer een ander voorbeeld van een mislukte voorspelling van de evolutietheorie.

Voetnoten

  1. Steve Jones, Darwin’s Ghost, p. 206, Random House, New York, 2000.
  2. http://dinodata.de/dinothek/pdf_d/2018/001_s41467-018-03996-1_dd.pdf

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

Written by

Dr. C.G. Hunter heeft een Ph.D. in Biophysics and Computational Biology van de University of Illinois. Hij is momenteel adjunct professor science and religion aan Biola University.