De vorige keer hebben we gezien dat eiwitten de verschillende weefsels van een mens vormen: lever, hart, nagels, haren, huid. Alhoewel er veel verschil is tussen deze eiwitten, zijn ze toch allemaal opgebouwd uit twintig aminozuren, alleen in een andere volgorde. Iets moet er dus voor zorgen dat die twintig verschillende aminozuren, de bouwstoffen van de eiwitten, in de juiste volgorde komen. Dat is de functie van het DNA, het lange molecuul in de kern van elke cel met de drie miljard T, A, C en G verbindingen in een bepaalde volgorde.

En nu wordt het noodgedwongen wat ingewikkeld en moeilijk uit te leggen. Want spoedig na de ontdekking van de structuur van DNA in 1953, bleek dat er 64 groepen van de vier verbindingen konden gevormd worden, telkens als drietal. Dit is het grote geheim en de truc. 4x4x4 is 64. Het klinkt wat ingewikkeld, maar het volgende schema van die 64 mogelijkheden kan dit wat verduidelijken, voor de echt geïnteresseerden. Daarin geeft de verticale as links de beginletters aan, de bovenste de middelste en de verticale as aan de rechterkant de eindletters weer.

Sommige drietallen of tripletten (zo heet een drietal) coderen voor hetzelfde aminozuur, vandaar dat er meer dan twintig zijn, namelijk 64. Zoals bijvoorbeeld te zien is zorgen TAA, TAG en TGA voor een stopcodering. Een ander voorbeeld: TCT, TCC, TCA en TCG zorgen dat het aminozuur serine op de juiste plaats komt. Dus één tot vier combinaties van die drietallen zijn verantwoordelijk voor de codering van de twintig aminozuren.
Het DNA zorgt dus dat de twintig aminozuren op de juiste plaats komen in een eiwit. En dat dan een miljoen keer voor eiwitten, die soms wel duizenden aminozuren lang zijn. En dan te bedenken dat enzymen ook nog worden gebruikt om andere enzymen te vormen. Nog even herhalen voor de duidelijkheid: de volgorde van de drie miljard T, G, A en C verbindingen in DNA bepaalt de volgorde van de aminozuren in de ongeveer één miljoen eiwitten, alleen al bij de mens. Door hun driedimensionale vorm zijn die eiwitten, enzymen, verantwoordelijk voor alle processen en materialen die voor het leven van een organisme nodig zijn. Wat direct opvalt, is de verbluffende eenvoud van het systeem, waardoor uiteindelijk het meest ingewikkelde uit de schepping tot stand komt: de mens. Voor evolutionisten vormt dit systeem een groot probleem. Het is onbekend hoe dit kan zijn ontstaan, want met toeval als de ultieme verklaring voor alles kom je ook niet ver.

Dit artikel is met toestemming overgenomen uit Opbouw. De volledige bronvermelding luidt: Valkenburg, K., 2007, Wonder boven wonder (7) De genetische code: De DNA-codes, Opbouw 51 (7): (…) (Artikel).

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

Written by

K. Valkenburg werkte vroeger bij AKZO als literatuuronderzoeker op het gebied van scheikunde, veiligheid en gezondheid.