De hele Bijbel geloven?

by | nov 13, 2018 | Onderwijs, Theologie

Bij het lezen van de volgende passage in het artikel ”Moet je de hele Bijbel geloven?” (RD 3-11) wreef ik mijn ogen uit: „Ook wanneer zou blijken dat Jona een verhaal is dat geen historische gebeurtenis beschrijft, zouden de betekenis en de boodschap van het boek niet veranderen.”

Ik concludeer hieruit dat de auteur het niet onmogelijk acht dat het boek Jona historisch onbetrouwbaar is. Het gaat in deze optiek immers niet om de historische feiten, maar om de strekking van het verhaal (let op het woord ”verhaal”!). Waar heb ik dat meer gehoord? Het is dus mogelijk dat het niet echt gebeurd is, maar dan bevat het verhaal wel een ware strekking. Hier valt wel het nodige tegen in te brengen.

1. De profeet Jona was een historische figuur. Hij leefde onder de regering van Jerobeam II (2 Kon. 14:25).

2. De openingszin van het boekje Jona is kenmerkend voor historische vertellingen: „En het woord des Heeren geschiedde tot Jona, de zoon van Amitthai, zeggende…” Deze openingszin (Jona 1:1) staat ook in Joz. 1:1, Richt. 1:1 en Ruth 1:1.

3. Bovendien: de Schrift legt zichzelf uit. In Matth. 12:40 beroept de Heere Jezus Zich op de geschiedenis van Jona: zoals Jona drie dagen en drie nachten in de buik van de vis was, zo zal de Zoon des mensen drie dagen en drie nachten in het hart van de aarde zijn. Zou Christus Zich hier beroepen op een verhaal, dat niet echt gebeurd is?!

De conclusie is duidelijk: wanneer we de historiciteit van het boek Jona in twijfel trekken, komen we in conflict met de woorden van Christus Zelf! Wanneer we op dit bedenkelijke spoor verder gaan, zijn de gevolgen desastreus. Luther zei het al: „Das Wort sollen sie stehen lassen!”

Dit artikel is met toestemming van de auteur overgenomen uit het Reformatorisch Dagblad. De volledige bronvermelding luidt: Emaus, W.P., 2018, De hele Bijbel geloven? (II), Reformatorisch Dagblad Puntkomma 48 (190): 18.

M
"

Artikelen

Artikelen