In de film Flubber vraagt de verloofde van professor Brainard hoe zijn robot met menselijke eigenschappen is ontstaan en hij zegt: ‘Een schitterend ongeluk’. (In het Engels: ‘A glorious accident’). Een van de boeken van Cees Dekkers heet: ‘Een schitterend ongeluk of sporen van ontwerp.’ De oorsprong van deze uitdrukking gaat terug naar een televisieserie van Wim Kayzer uit 1993, voor het eerst in Amerika uitgebracht en later in Nederland door de VPRO uitgezonden. Beroemde wetenschappers als Stephen Jay Gould geven daarin hun visie op het functioneren van de menselijke hersenen en wat mij betreft mag deze serie wel worden herhaald, aangevuld met nieuwere ontdekkingen.

De door Kayzer geïnterviewde wetenschappers gaan uit van een toevallig, door de evolutie, ontstaan van de hersenen, maar tegelijkertijd laten ze zoveel zien van de gecompliceerdheid en de mogelijkheden, dat ze eigenlijk de beste ambassadeurs zijn voor het bewijs van het bestaan van de Schepper en Ontwerper.

De hersenwetenschap heeft zich de laatste jaren stormachtig ontwikkeld. De anatomie, dat wil zeggen de plekken in de hersenen waar het allemaal gebeurt, is redelijk in kaart gebracht. Ook over het functioneren is veel aan het licht gekomen, met onder meer als gevolg dat de voor de hand liggende vergelijking met een computer nauwelijks standhoudt. Op sommige gebieden is een computer inderdaad beter, zoals rekenen met grote, complexe getallen, of bepaalde snelle bewerkingen, maar in de meeste gevallen legt hij het af.

In de hersenen zijn 225 met vijftien nullen (225 miljoen biljoen interacties mogelijk tussen de verschillende soorten hersencellen. De geheugencapaciteit wordt geschat op 130 terabyte, en ga zo maar door. De hersenen zijn het ingewikkeldste instrument in de hele schepping en met de meeste mogelijkheden.

Je kunt je afvragen waarom God zoiets moois en gecompliceerds heeft gemaakt en het enige antwoord dat ik kan bedenken is, dat hij contact wilde met mensen naar zijn beeld en gelijkenis geschapen, om zijn liefde aan mee te delen, om liefde te ontvangen en om mee te communiceren. In het paradijs wandelde, communiceerde, Adam met God. Met Henoch en Mozes en veel profeten ging het nog goed, maar wat God had bedoeld als een normale toestand, werd steeds meer een uitzondering. We kunnen ons nauwelijks een idee vormen van het diepe verdriet dat God steeds ondervindt van onze weigering contact met hem te zoeken, dat we zelfs zo ver zijn gekomen dat we de ontdekkingen in de prachtige schepping gebruiken om te bewijzen dat Hij niet bestaat, dat alles op toeval berust. Helaas hebben ook veel christenen een godsbeeld dat meer op Allah lijkt, een god die belangstellend uit de hoge hemel toekijkt en zich verder niet met ons inlaat en ons aan ons lot overlaat. Een volgende keer iets over de manieren die God in de Bijbel gebruikt om met ons contact te leggen, om ons duidelijk te maken wat we eventueel goed of fout doen.

Dit artikel is met toestemming overgenomen uit Opbouw. De volledige bronvermelding luidt: Valkenburg, K., 2007, Wonder boven wonder (20) De hersenen, Opbouw 51 (21): (…) (Artikel).

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

Written by

K. Valkenburg werkte vroeger bij AKZO als literatuuronderzoeker op het gebied van scheikunde, veiligheid en gezondheid.