Dino’s opgraven in Amerika – Deel 10

by | jun 29, 2018 | Dinosaurussen, Onderwijs, Paleontologie

Spreker en schrijver Gert-Jan van Heugten is samen met student Johannes Kalkman dino’s aan het opgraven in Amerika. Deze reis werd mede mogelijk gemaakt door Logos Instituut. Hieronder het zevende deel van zijn dagboek.

Dag 22 – zondag 24 juni

“We werden wakker in een onweersstorm.”

We werden wakker in een onweersstorm. Vanwege de regen werden de plannen omgegooid: in plaats van morgen werd de toets vandaag gegeven. We begonnen met de laatste lezing van de serie (over de Marginocephalia, dino’s met een botuitstulping op hun hoofd) en daarna waren we vrij om te studeren. De regen van vanochtend bleek de rand van een stormcel te zijn die half over Wyoming en half over South Dakota lag. Al vrij snel kwamen we in het oog en stopte de regen. Tegen de avond kwam er zelfs wat zon. De mensen die de toets niet maakten, werden naar de groeves gestuurd om de botten eruit te halen en klaar te maken voor vervoer. Heidi was met ‘mijn’ bot bezig geweest, en wist ’m uit de grond te halen, hoorde ik na de toets.

De toets zelf was best leuk om te doen. Veel had ik kunnen leren, maar ik moest ook een paar antwoorden gokken. De eerste pagina bevatte wat dinosaurustermen waarvan we de eigenschappen moesten noemen. De volgende had meerkeuzevragen, de derde opdracht was om de goede namen bij foto’s van botten te schrijven, de vierde om de geologische kolom te benoemen met de fossielen erin, toen kwam een essayopdracht over een lezing naar keuze, een opdracht om de argumenten voor de schepping en voor evolutie te benoemen, en tot slot moesten we beschrijven wat de procedure was om een halswervel uit de grond te halen. Al met al best goed te doen. Ik ben benieuwd naar mijn cijfer. Hoewel ik niet bij de groep hoor die hier studiepunten voor krijgt, is het voor mij nog steeds goede bijscholing.

Dag 23 – maandag 25 juni

Botjes leren…

Het is te merken dat de laatste dagen van het graafseizoen aanbreken. De groeves worden langzaam maar zeker gesloten (al blijft Gar nog open, want met al het kleine spul dat we vinden kunnen we gewoon door blijven gaan). Vandaag was het weer warm en zonnig, wat er mede voor zorgde dat mensen een beetje loom begonnen te worden. De voedselvoorraden beginnen te slinken, en veel mensen zijn alweer weggegaan.

Omdat het bot waarmee ik bezig was gisteren al is uitgegraven, ging ik vandaag op een andere plek aan de gang. Zodoende zat ik met Tyler en Evelynn aan een heuveltje te graven waar men al jaren mee bezig is. Mijn stuk leverde vandaag niet zo veel op (een paar botfragmenten, iets wat leek op een tand, en twee tandfragmenten), maar Tyler vond een Nanotyrannus-tand. De grond in deze heuvel zit nogal aan elkaar gecementeerd. Vooral het stuk waar Evelynn aan het graven was, was verschrikkelijk. Er lagen allerlei botfragmenten over elkaar, en als je ze wilde verwijderen, zat er weer een ander bot onder (en aan vast). Daarmee zijn we morgen nog wel even bezig.

We hebben ook besloten om de namen van onze kerngroep in het zandsteen te kerven (een idee dat we hebben ‘geleend’ van Taylor en Micah, die vorig jaar daar groeven en nu weer mee zijn).

Heidi maakt ‘mijn’ bot schoon.

Dag 24 – dinsdag 26 juni

De laatste graafdag is aangebroken. We gingen direct op onze plek aan de slag. Gelukkig had ik mijn bot van gisteren er vrij snel uitgewurmd (het ging niet al te diep de grond in). Geen idee wat het was, maar het was lang en plat en behoorlijk gefragmenteerd. Ik heb het met een paar stukken grond eraan ingepakt, zodat het in elk geval stabiel blijft. En, bijkomend voordeel: omdat de grond op die plek zo hard is, kunnen ze dat beter in het lab met een luchtdrukhamertje losbikken dan wij hier met tandartsgereedschap.

De grote botten zijn ingepakt voor vervoer.

Aan de andere kant van de groeve waren ze bezig hun grote rib uit te graven. Maar daar kwam het volgende probleem naar voren: de hudu waar onze groeve onder ligt blokkeerde het satellietsignaal. We moesten erop klimmen (dat was niet zo moeilijk, dat doen we elke dag met de lunch) en met een pikhamer en pikhouweel de overhangende rand afbikken. We moesten wel uitkijken waar we onze voeten zetten, want zo’n 50 centimeter van de rots hing over het luchtledige, en dat zou een val van 2 meter op rotsen (en botten) betekenen. Gelukkig ging alles goed en kon (na twee pogingen) de gps het signaal ontvangen.

Deze ochtend, bij het ontbijt, had ik een ‘cadeautje’ voor een van de mensen hier. Stephan Gray wilde graag mijn klompen hebben, die ik had meegenomen voor het werk in de groeves (mocht dat nodig zijn). Ik heb ze een paar keer meegenomen om te kijken hoe het liep (woordgrap intentioneel), maar eigenlijk waren ze niet nodig. Stephans vrouw Danella kwam me ’s avonds nog wat lekkers brengen als bedankje.
In de middag was het een beetje de tijd uitzitten voor Tyler, Evelynn en mij. We hadden geen botten meer uit te graven, en we wilden niet riskeren om nieuwe botten bloot te leggen. We gingen de spullen opruimen, inclusief de wc-box (en het gat dichten), en moe maar voldaan terug naar het kamp en een welverdiende douche.

Dit artikel is met toestemming overgenomen van de website Waarom Schepping. Het originele artikel is hier te vinden.

M
"

Artikelen

Artikelen