Een prachtige serie koninklijke wandtapijten uit de 16e eeuw sieren de muren van het kasteel van Krakau, Polen. Ze worden soms ook de ‘Jagiellonian-wandtapijten’ genoemd. De meeste van hen werden verzameld door Sigismund II Augustus (1520-1572), koning van Polen en groothertog van Litouwen. Oorspronkelijk een grotere verzameling, bevatten de resterende 136 wandtapijten 19 bijbelse taferelen uit het boek Genesis: De geschiedenis van de Aartsvaders (zeven wandkleden), Noach (acht kleden) en de Bouw van de toren van Babel (vier kleden).1

Men denkt dat de eerste twee sets medio 1500 besteld werden in Brussel en ontworpen zijn door Michiel Coxie (1499-1592), bekend als ‘de Vlaamse Raphael’. Ze werden in 1553 onthuld tijdens de viering van het huwelijk van Sigismund met zijn derde vrouw, Catharina van Oostenrijk.2 Deze prachtige en intrigerende wandtapijten, waarvan sommige 45 m² groot zijn, maken een overweldigende indruk.

Tussen de acht stukken die de geschiedenis rondom de Vloed verbeelden, zijn twee wandtapijten die dieren tonen die op de ark van Noach afkomen. Veel van de dieren zijn gemakkelijk te herkennen als goede afbeeldingen van hun thans levende tegenhangers: leeuwen, kamelen, koeien, en verschillende soorten vogels.3 Maar er zijn ook dieren die er duidelijk uitzien als draken.

Overeenstemming met de bijbelse tekst

Waarom zou de ontwerper van de wandtapijten ook draken afgebeeld hebben die naar de ark van Noach gaan? De Latijnse inscriptie geweven in de bovenrand van het tapijt luidt: “Noach en heel zijn familie en alle soorten dieren gaan de ark binnen, terwijl de goddelozen hem bespotten.” De ontwerper tekent op grond van de Bijbel, vooral Genesis 7. Dit hoofdstuk beschrijft driemaal in detail dat alle soorten landdieren en “elk gevleugeld schepsel” (vers 14) “waarin de adem van het leven was”(vers 15) de Ark van Noach moesten binnengaan – en dat ook deden – voordat de wereldwijde zondvloed begon.

In de tijd dat de Vloed-wandtapijten werden ontworpen, wezen talloze natuurhistorische boeken allemaal op het zeer reële bestaan van draken (die we nu dinosaurussen en dergelijke zouden noemen). Zoals een hedendaags seculier boek vermeldt: “Het bewijs [voor draken] is niet beperkt tot werken van historie en literatuur, maar komt voor in alledaagse kronieken van gebeurtenissen… En dergelijke ooggetuigenverslagen zijn niet afgeleid van geruchten of anonieme bronnen; ze werden beschreven door hoogstaande mensen, door koningen en ridders, monniken en aartsbisschoppen, geleerden en heiligen. “4

De kunstenaar, die volledig in overeenstemming wilde zijn met de bijbelse tekst, zette dus draken op zijn lijst met dieren die de Ark binnengingen. Hij zal waarschijnlijk niet persoonlijk met hen bekend zijn geweest, omdat op dat moment slechts enkele van deze nu uitgestorven dieren nog in leven zouden kunnen zijn. Hij heeft moeten vertrouwen op de gegevens die hij in de 16e eeuw ter beschikking had, afbeeldingen van draken die in de loop der eeuwen steeds uitvoeriger werden. Deze verfraaiing zien we weerspiegeld in de draken op de wandtapijten van Sigismund II Augustus, maar zelfs deze hebben nog steeds herkenbare dinosauriër eigenschappen.

Lessen voor vandaag

Het wandtapijt versterkt het feit dat de Bijbel ons een raamwerk geeft om naar de natuurlijke wereld om ons heen te kijken. Wanneer die ondubbelzinnig stelt dat alle soorten landdieren en gevleugelde wezens naar de ark van Noach gingen, betekent dit stellig dat dinosaurussen ook naar de ark gingen. En onze voorstellingen van deze episode in de bijbelse geschiedenis moeten dit niet afschrijven.

Door dit wel doen is capituleren voor de seculiere mening dat de geschiedenis van de Bijbel mythologisch is, en dat dinosauriërs al uitgestorven waren voordat mensen verschenen. In die visie, dat dinosaurussen/draken, samen met alle dood en lijden die hun fossielen tonen, al lang uitgestorven waren vóór mensen ten tonele verschenen, is in tegenspraak met de Bijbelse leer van een eens perfecte wereld die verwoest werd door menselijke zonde. Dus de vraag of dinosaurussen en pterosauriërs wel of niet de ark binnengaan, is geen onbelangrijke kwestie, maar houdt verband met de geloofwaardigheid van de Bijbel en het evangelie zelf.

De Bijbel zegt duidelijk dat alle typen schepselen, waaronder dinosaurussen en mensen, in zes dagen zijn gemaakt, dus er is geen plaats voor een ‘prehistorie’. Het opnemen van dinosaurussen op afbeeldingen van dieren die de Ark binnenkomen, maakt dat punt duidelijk en kan een goede start voor gesprek zijn.

Daar tegenover versterkt het binnengaan van alleen ‘vertrouwde’ dieren, zoals leeuwen, giraffen en pelikanen het idee dat het om een soort van ‘Aesopus fabel’ gaat dat is verzonnen door mensen die gewoonweg niets van fossielen wisten.

In onze tijd hebben we meer kennis van zaken dan de tapijtkunstenaar, die echter zijn best deed om trouw te blijven aan de Bijbel. We zouden niet minder moeten doen.

DRAKEN: DE DINOSAURUSLINK
Gedurende duizenden jaren zijn draken beschreven als echte, levende wezens en afgebeeld op veel verschillende items door verschillende groepen mensen en op elk continent.5

Hoewel er geen twijfel over bestaat dat aan sommige elementen van deze geschriften en afbeeldingen van draken verfraaiingen en mythologische elementen zijn toegevoegd, te meer naarmate de tijd verstreek, getuigt zo’n consistente reeks getuigenissen over duizenden jaren van de waarheid van hun bestaan. Dit is belangrijk; de vele overeenkomsten van drakenkenmerken met die van dinosaurussen en andere, nu uitgestorven, reptielen bekend uit het fossielenbestand is geen toeval. ‘Draak’ was gewoon een informele term voor hen.

De fossielen van deze ‘draken’ zijn niet miljoenen jaren oud. Ze werden begraven tijdens de Zondvloed, 1656 jaar na de schepping van alle dingen. Sinds hun ‘herontdekking’ in de vroege jaren 1800, noemen we ze nu dinosaurussen, of gevleugelde reptielen zoals pterosauriërs. Als niet-waterdieren moesten vertegenwoordigers van elk van hun soorten (vermoedelijk jonge exemplaren voor de zeer grote soorten) aan boord van de ark gaan. Dit verklaart waarom ze gedurende vele eeuwen na de zondvloed over hen werd geschreven als nog steeds levende dieren.

Een van de beste boeken ooit over dit onderwerp, met verbluffende foto illustraties is Dire Dragons uit de Untold secrets of Planet Earth serie.

Dit artikel is met toestemming overgenomen van de website van Creation Ministries International. Het originele artikel is hier te vinden.

Voetnoten

  1. Piwocka, M., The Tapestries of Sigismund Augustus, Wawel Royal Castle State Art Collections, Krakow, 2007
  2. Fabianski, M., On King, Priest, and Wanton Girls: Looking at Flemish Renaissance Tapestries in Krakow, Source: Notes in the History of Art29(2):8– 14, Winter 2010
  3. Hedendaagse creationisten onderkennen dat zulke “moderne” dieren niet op de ark waren, Dit zijn namelijk na de zondvloed ontstane variaties van geschapen typen.
  4. Hogarth, P. and Clery, V., Dragons, New York, Viking Press, pp. 13– 14, 1979
  5. Grigg, R., Dinosaurs and dragons: stamping on the legends, Creation 14(3):10–14. 1992; creation.com/dinolegends.

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

Written by

Phil Robinson behaalde zijn Bachelor of Education aan de Stranmillis University College in Religious Studies, Hij heeft een Masters of Divinity van de Union Theological College. Zijn complete biografie is hier in het Engels te vinden: http://creation.com/phil-robinson