Samenvatting: Het werk van Barry Setterfield, een Amerikaans fysicus/geoloog van Australische origine, geeft aanleiding tot de hoop op een nieuw kosmologisch model, dat concludeert tot een jong heelal, gebaseerd op veel oud, nieuwer en zeer recent materiaal.

ruimte_sterrenstelsel_planeten.pixabay

Toestand van de huidige natuurkundige theorieën

In 2007 schreef de Amerikaanse fysicus Lee Smolin een boek ‘The Trouble with Physics’, waarin hij de fundamentele moeilijkheden aangeeft:
• Grote problemen maar in 30 jaar geen voortgang naar een oplossing (in 2017 dus al 40 jaar):
o Drie incompatibele theorieën
o Relativiteit en kwantumtheorie, geen ‘common ground’
o Verschillende sets vooronderstellingen
o Problemen met oneindige waarden (zwarte gaten als wiskundig gevolg)
• Geen unificatie van deeltjes en krachten
• (Super)string theorie (nieuwste hype):
o Alleen maar complexe wiskunde
o Principieel geen enkele test met de realiteit mogelijk
• Bron van deeltjesmassa onbekend (CERN – Higgs boson, nog steeds onduidelijkheid))
• Te weinig materie om heelal te vormen en in stand te houden.

Nu waren deze problemen ook in 2007 niet nieuw. Verschillende architecten van deze natuurkundige theorieën, als Einstein, de Broglie en Dirac, hebben principiële kritiek op de huidige natuurkunde geuit maar – zoals Max Planck al opmerkte – in diegenen die zich met al hun vermogens aan een bepaalde theorie hebben overgegeven, is deze tot in de verste uithoeken van hun bewustzijn verankerd; voor hen is het vrijwel onmogelijk om zich nog revolutionaire nieuwe, alomvattende ideeën toe te eigenen.

Dit was voor Louis de Broglie aanleiding tot het schrijven van zijn boek ‘New Perspectives in Physics’ (1962), waarin hij tekenen zag van een nieuwe natuurkunde, gebaseerd op het werk van Max Planck uit 1911, en voor Paul Dirac was het aanleiding tot zijn wereldreis langs verschillende universiteiten (1960-er jaren), om professoren en studenten op te roepen om te zoeken naar een nieuwe natuurkunde, waarin de problemen van de ‘standaard’ theorieën zouden ontbreken, en nieuwe perspectieven op de ontwikkeling van de natuurkunde zouden kunnen opbloeien. Dat was ook het verlangen van Lee Smolin.

Albert_Einstein.pixabay

Maar ook Einstein heeft zich al vanaf 1927 afgekeerd van de heersende kwantumtheorie QED. Hij zei daarover: “Dit is slechts wiskunde over wiskunde”, en is tot aan zijn dood bezig geweest met het zoeken naar een oplossing, die de problemen met de kwantumtheorie zouden wegnemen. Hij is er niet in geslaagd. Door velen werd hij beschouwd als iemand die de boot gemist had.
Enkele pogingen om de problemen te lijf te gaan

Door verschillende fysici zijn pogingen gedaan om de impasse te doorbreken en nieuwe mogelijkheden voor te stellen. Maar ook zij leden onder het verschijnsel dat Planck beschreef; het blijkt moeilijk, zo niet onmogelijk om je los te maken van dat wat je hele geest is gaan vullen. Zo hebben we bijv. de astronoom Halton Arp, die zich heeft geconcentreerd op anomalieën in de roodverschuiving. Maar buiten dat veld is hij gewoon aanhanger van de bestaande theorieën gebleven. De praktijk is dat het moeilijk blijft om wijzigingen in bepaalde delen van de theorie te laten sporen met de ongewijzigde rest ervan. Een ander voorbeeld is Masreliez met zijn EST (expanding spacetime theory). Voor hem blijft het heelal vierdimensionaal, en de verwarring tussen tijd en klok wordt niet opgeheven. Einsteins relativiteitsopvattingen blijven in zijn theorie bestaan. En hoewel hij belangrijke vaststellingen heeft gedaan, die lijken te wijzen op een niet-synchroniteit tussen atomaire en planetaire klokken, gaat hij daar niet op door maar probeert hij deze een plaats in zijn theorie te geven. Ook hier weer: enkele aspecten van de natuurkunde worden op de schop genomen, maar de grondslagen worden niet aangepakt.

Situatie met betrekking tot bijbels-georiënteerde kosmologische modelbouw

De overweldigende acceptatie van het evolutiedenken over de hele breedte van de cultuur, inclusief de theologie, heeft kennelijk ook christen-denkers en -wetenschappers dusdanig geïntimideerd, dat er lange tijd weinig anders is gebeurd, dan pogingen tot aanpassing van Bijbelse opvattingen omtrent kosmos en geschiedenis aan het heersende evolutiemodel. Genesis 1-11 moest er aan geloven, zeker wat de tijdrekening betreft. De argumenten pro evolutie zijn overtuigend en onweerlegbaar, zo wordt vaak geredeneerd.

NGC_602.pixabay

Het Big Bang-model voor het ontstaan van het heelal lijkt overeenkomsten te hebben met de Bijbelse scheppingsgeschiedenis. Reden waarom het voor sommige seculiere wetenschappers nog steeds niet acceptabel is. Diezelfde schijnbare overeenkomsten hebben veel christen-geleerden ertoe gebracht, dit model voorzichtig te omhelzen. Maar wie dat doen, moeten ook de hele filosofische entourage op de koop toe nemen. Inclusief de miljarden jaren, de opvattingen over het spontaan ontstaan van leven, etcetera. Niet echt iets waar christelijke wetenschappers (inclusief de theologen) blij mee zouden moeten zijn.

Tot vrij recent was er dan ook niet een enigszins compleet wetenschappelijk model voor het ontstaan van het heelal, in overeenstemming met Bijbelse gezichtspunten. Er was, voornamelijk in de na-oorlogse jaren, door verschillende onderzoekers wel studie gemaakt van diverse onderdelen, maar een omvattend onderzoek was niet gedaan. Dat kwam mede doordat christen-wetenschappers, die geïnteresseerd waren in deze materie, veelal op zichzelf werkten zonder al te veel contact met de rest van de wetenschappelijke wereld. Die communicatie is in de laatste jaren sterk vergemakkelijkt door de opkomst van Internet. Via dit medium publiceren thans vele onderzoekers van diverse pluimage. Zo komt een grote hoeveelheid recent onderzoek beschikbaar voor iedereen. Het voordeel is, dat de strenge filtering door het ‘peer-review’-proces van gerenommeerde wetenschappelijke tijdschriften – dat nieuwe ideeën vaak verhindert om bekend te worden – hier ontbreekt. Het nadeel is wel, dat het materiaal vaak nog vrij ruw is, en dat er nog veel discussie, aanpassing en verfijning nodig is, voordat er serieuze wetenschappelijke modelbouw op dit terrein tot stand kan komen.

De kosmologische modellen die door de creationistische onderzoekers John Hartnett en Russell Humphreys zijn ontwikkeld, kaderen ook binnen de bestaande theorieën en passen die enigszins aan. Ook hier kan de tijd sneller of langzamer lopen, hoewel bedoeld wordt dat atoomklokken sneller of langzamer lopen. Hartnett hanteert boven Einstein nog een vijfde dimensie. Eenvoudiger wordt het er allemaal niet door. Beide modellen bevatten nogal veel speculatieve elementen, reden waarom ze m.i. niet bruikbaar zijn als alternatief voor de alomtegenwoordige natuurkundige theorieën.

zonnestelsel_ontwikkeling_naturalist.pixabay

Toch is er, ondanks het bovenstaande, ook goed nieuws te melden.

Het gepresenteerde model

Er is nl. een onderzoeker, die de stap heeft gewaagd. De Australische fysicus/geoloog Barry Setterfield is niet gestart vanuit de huidige modellen, maar is zijn onderzoek begonnen om een aantal anomale meetresultaten te verklaren, resultaten die niet goed in de huidige theorieën in te passen zijn. Hij dacht die anomalieën snel op te kunnen lossen, binnen een paar weken. Maar het liep anders; hier begon het onderzoek dat zijn leven zou bepalen. Zijn devies werd: ‘Let data lead to theory’. Ga niet uit van het bestaande, maar kijk naar de realiteit, ook als die in strijd is of lijkt met de huidige opvattingen. Zo werkte Galileï; hij ging ‘achterom’ de Aristotelische leerstellingen en keek gewoon wat zijn kijker opleverde. Zo ook Setterfield. Dat levert niet per definitie een prettig leven op, verre van dat, maar het heeft een aantal belangrijke voordelen: hij had en heeft de handen vrij, was en is niet gebonden aan een instituut, of afhankelijk van subsidies of donateurs.

En van het een kwam het ander. Begonnen met de blijkbaar afnemende waarden van de lichtsnelheid in de laatste eeuwen, waarmee enkele andere natuur-‘constanten’ leken te sporen, liep hij van tijd tot tijd tegen weer andere anomalieën op, die voor hem eerst ongerelateerd leken. Maar voortgaand onderzoek bracht hem steeds verder op de weg naar de formulering van wat in feite een nieuwe natuurkunde leek te worden, waarbij steeds meer verschijnselen bleken terug te voeren te zijn op een gemeenschappelijke oorzaak: het reële wereldwijde Zero Point Field.

Hij maakt daarbij gebruik van recente publicaties, en werkt soms samen, c.q. houdt contact met andere wetenschappers op het gebied van nieuwe theorieën – nl. SED, de stochastische elektrodynamica en de plasmatheorie – die elk op hun gebied specialist zijn. Het in de volgende artikelen gebodene moet niet gezien worden als HET definitieve antwoord van christen-geleerden op het gebied van het ontstaan van de kosmos, zo werkt dat niet in de wetenschap, maar als een presentatie van wat er thans reeds mogelijk is, gebaseerd op voor ieder toegankelijke wetenschappelijke gegevens.

Maar wie is eigenlijk die Setterfield? Daarover meer in het volgende artikel.

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

Rinus Kiel

Written by

Rinus Kiel was voor zijn pensionering jarenlang werkzaam in verschillende bedrijfstakken, o.a. grafische vak-, meet-, en regeltechniek in de chemische industrie. Ook was hij meer dan 30 jaar werkzaam in de ICT als systeemanalist, systeemontwerper, database-ontwerper en ICT-manager. In de jaren ’80 is hij betrokken geraakt bij Bijbelgetrouwe wetenschap. Daarin heeft hij zich gespecialiseerd in de kosmologie. Ook schrijft hij regelmatig over wat hij noemt de ‘klimaathype’. Hij schrijft en presenteert regelmatig over diverse onderwerpen. Zie ook zijn website http://mpkiel.org.

15 Comments

peter b

Peter, is jouw model niet uit 1929? Hubble, expansion of space, big bang, ja 1929. En je biologische model is uit 1859. The new science is interessanter: ZPF, SED en FET, NRM.

Peter

Wie behalve Setterfield heeft er na 1987 aan gewerkt? (…) Peter & Nathan, jullie wetenschappelijke model is van 500 BC – nu ben ik nog genereus, want ik doe niet aan spijkerschrift tabletten geschreven door Adam.

Hetty Dolman

@ Peter B,
“is jouw model niet uit 1929? Hubble, expansion of space, big bang, ja 1929. En je biologische model is uit 1859.”

Wie beweert dat die nieuw zijn dan?

Reply
Haushofer

Ik lees weer een boel [onjuiste] dingen hier, maar om een paar te noemen: snaartheorie kan juist die unificatiebewerkstelligen en kent haar oorsprong in 1968; hoe dat een nieuwste hype is, is me onduidelijk. Hoe Einstein zich vanaf 1927 van QED kon afkeren is me ook een raadsel, aangezien QED toen nog helemaal niet geformuleerd was. De claim dat sommige wetenschappers problemen hebben met de oerknaltheorie omdat het overeenkomsten heeft met het scheppingsverhaal, kan ik ook niet plaatsen. En wellicht is het ook een goed idee om aan te geven waarom SED geen mainstream is geworden: zelfs 1 van de grondleggers geeft aan dat de theorie op verschillende aspecten heeft gefaald.

Dit geeft een [verkeerd] beeld. (…) En dat vind ik, als natuurkundige, een kwalijke zaak. Wetenschap is niet ‘slechts een mening’.

[Noot van de redactie: Beste Haushofer, bedankt voor je drietal berichten aan de moderator. We hebben in het bovenstaande enkele zinnen aangepast of verwijderd omdat wij ze in strijd achten met ons moderatiebeleid. Namelijk de auteur een verwijt maken en daarmee ‘op de man spelen’. De rest van de reactie hebben we laten staan omdat het inhoudelijk is en daarmee niet in strijd met ons moderatiebeleid. Uiteraard modereren we niet op inhoudelijk-kritische reacties, zoals hierboven, alleen op tone-of-voice. Van harte welkom om meer van dergelijke inhoudelijke reacties te schrijven.]

Reply
peter b

De Snaartheorie faalde ook op alle fronten en er moesten steeds oplossing voor gezocht worden. Het falen van een theorie is dus niet erg binnen de theoretische fysica, want je je kunt gewoon nieuwe wiskunde uitproberen die het probleem oplossen. Er werkten zoveel aan het probleem en er werd zoveel geld inge[stopt], dat er altijd wel een of andere mathematische oplossing komt. Het werkelijke probleem is dat de modellen niet toetsbaar zijn, zoals Smolin in zijn boek aangeeft. En daar ben ik het helemaal mee eens, net als NeoDarwinisme is het mathematiek, gespeend van elke vorm van empirische onderbouwing. Er is [nog] veel meer mis met de moderne wetenschap, maar daarover schrijf ik liever een boek.

Reply
Haushofer

Hi Peter, je bewering dat met genoeg wiskunde elk model wel consistent gemaakt kan worden, is onjuist. Voor compactificatie is snaartheorie juist heel dwingend in bijv. de mogelijke interacties, het aantal dimensies en de mogelijke ijkgroepen. Snaartheorie heeft gefaald als unieke “theorie van alles”, maar dat kan net zo goed aan onze verwachtingen liggen. Snaartheorie heeft niet gefaald als theorie van kwantumzwaartekracht, dus ook die uitspraak van je klopt niet. Ook heeft snaartheorie een realisatie gegeven van holografie, waardoor de theorie holografisch falsificeerbaar is. Ook die uitspraak van je klopt niet. Verder stipt Smolin goede punten aan in zijn boek, maar is het boek niet integer. Zie bijv. Duff’s paper “answering the critics”; daar worden veel van Smolins uitspraken weerlegd of genuanceerd. Door Smolins boek laten leken zich veel te veel meeslepen met vals sentiment. Jammer, want het is verder inhoudelijk goed geschreven.

Kortom: Je zou er verstandig aan doen om je gematigder uit te spreken hierover.

Reply
peter b

Geachte Haushofer, ik heb het nergens gehad over kwantumzwaartekracht. Ook niet over holografie. Ongetwijfeld zal stringtheorie het een en andere hebben voortgebracht, maar persoonlijk denk ik dat de natuurkunde wordt overschat en zichzelf overschat. Alsof een natuurkundige theorie ook alle biologie zou kunnen verklaren. Nee, want we hebben te maken met emergencies, die onafhankelijk van materie opduiken. Natuurkunde houdt zich alleen maar bezig met materie. Daarin is ze net zo achterhaald als de 19e eeuwse biowetenschappen. Voorbeeld: De natuurkunde beschrijft een boek in termen van koolstof, waterstof, zuurstof, gewicht en afmetingen. Maar de informatie, het verhaal in het boek, kan niet natuurkundig worden beschreven. De natuurkunde heeft zichzelf dezelfde 19e eeuwse materiele beperking opgelegd als de biologie. Daarom verklaart het niets, maar beschrijft het slechts (mathematisch) datgene wat verklaart dient te worden. E=MC2 bijvoorbeeld, is geen verklaring, maar een beschrijving. Dat is wat velen zich niet realiseren.

Betreffende Duff’s paper: elke weerlegging kan weerlegd worden. Ook elke weerlegging van een weerlegging kan weerlegd worden. [Men] kan doen alsof er een soort waarheid zou bestaan, die door Smolin onheus wordt bejegend, maar zo’n waarheid bestaat niet binnen de wetenschap. De wetenschap is niet dogmatisch, toch? Althans, zo was dat vroeger. Dat geldt voor de Oorsprongswetenschappen, de Kosmologie en de Evolutiebiologie in het bijzonder. Soms moet je terug naar de oorsprong en alles opnieuw overdenken en een nieuw model opzetten. Zoals Verlinde [dat doet].

Haushofer

[De] snaartheorie is een theorie van kwantumzwaartekracht, dus daar heb je het weldegelijk over. Informatie kan overigens prima natuurkundig worden beschreven, bijv. m.b.v. Shannon. Zie bijv. Bais’ The physics of Information of (populair wetenschappelijk) Vedrals Decoding Reality.

Feit blijft [dat] jij uitspraken doet die overduidelijk niet kloppen en probeert dat vervolgens met een vorm van relativisme te omzeilen. Je kunt ook zeggen: interessant, dat wist ik niet.

Daarbij, als je Kenneth Wilsons verdeel-en-heers-filosofie m.b.t. renormalizatie kent (zie elk degelijk boek over statistische mechanica of kwantumveldentheorie onder het kopje “effectieve veldentheorie) dan weet je dat de beperkte geldigheid van natuurkundige theorieën tegenwoordig in elke moderne veldentheorie (m.u.v. snaartheorie) [is] ingebakken.

Reply
peter b

Shannon’s info heeft niets met Bio-info te maken. Shannon’s entropie zegt slechts iets over hoe ver elke base in de gegeven volgorde van de willekeurige verwachting afwijkt. Dit zegt natuurlijk niets over de code in het genoom, laat staan over het fenotype van het organisme dat erbij hoort. Het is duidelijk dat de info in het genoom van een geheel andere aard is dan Shannons Entropie.

Voor de geïnteresseerden: https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC4760125/pdf/rsta20150065.pdf

Reply
Haushofer

Ik zal dat artikel doorkijken. [Waarom] negeer je de rest van mijn posts? Denk je dan: laat hem maar [praten], of sta je open voor het idee dat je een verkeerde kijk hebt op dat vakgebied?

Reply
peter b

“Denk je dan: laat hem maar [praten], of sta je open voor het idee dat je een verkeerde kijk hebt op dat vakgebied?”

Ik dacht: iemand gelooft in naturalisme en mathematische modellen die hij zichzelf heeft aangeleerd en erin gelooft, maar die met de werkelijkheid niets te maken hebben. [Dat is geen] “verkeerde kijk” waarvan je mij beticht. Vroeger dacht ik dat de natuurkunde de natuur verklaarde, maar ik ben tot het inzicht gekomen dat dat niet zo is. De natuurkunde beschijft slechts. Niet met taal, maar met mathematiek. En dat is een tautologie en niets-verklarend. Aan de basis staan geloof en aanname. De eerste aanname is naturalisme. Er is buiten materie en haar equivalent energie niets. Met zulke aannames kom je geen stap verder met het begrijpen van de realiteit. Maar er zijn veel meer on[juiste] aannames. Stel je voor ik pak een emmer water van de bodem, zet hem op de tafel en dan weer terug op de bodem. Ik heb nu volgens de natuurkundige mathematiek geen arbeid verricht. De aarde draait zo ook haar rondjes om de zon zonder arbeid te verrichten. Dat soort dingen. Natuurkunde is dus verder niets dan een mathematische constructie, die met het verklaren van de realiteit niets te maken heeft. Haushofer, schrijf er een boek over, dat begrijpelijk is voor de leek, net als ik [dat] deed m.b.t. de biologie. Een begrijpelijk en eerlijk boek, bedoel ik dan, zoals die van Schroedinger of Smolin. Geen boeken [zo]als die van Hawking en Dawkins. En overtuig me want ik ben erg skeptisch.

Haushofer

Ik ben bezig met een boek hierover maar ik deel je mening niet. Hoe een tautologie bijvoorbeeld zoveel succesvolle voorspellingen kan doen, is me een raadsel. Maar je gaat verder niet inhoudelijk in op mijn reactie. Als volgens jou wetenschap niets verklaart, dan houdt de discussie snel op.

Reply
peter b

Super. Dan kunnen we binnenkort je boek lezen, neem ik aan. Vraagje nog: denk je dat de natuurkunde de natuur verklaart of dat ze de natuur mathematisch beschrijft?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

 tekens over