Geloof onder vuur: Schiep God (tienerverhaal 2)

by | apr 19, 2024 | Kids, Tieners

Deel II van verhalenserie ‘Geloof onder vuur’: Jesse en Jessica in het vierde jaar.
‘Geloof onder vuur’ is een vervolgverhaal voor tieners met een apologetisch karakter.

2.    Schiep God

Samenvatting hoofdstuk 1
Jesse en Jessica hebben allebei hun eerste dag in de vierde klas gehad. Jesse heeft een nieuwe mentor die ook zijn wiskundedocent is. Er blijkt in Jesse’s nieuwe klas heel verschillend gedacht te worden over de schepping. Mentor De Regt blijkt echter Bijbelvast en onvermurwbaar te zijn.

“Eej, Jes!” Jessica kent die stem! Ze wil zich omdraaien maar heeft niet veel bewegingsruimte. Ze loopt arm in arm met klasgenoot en vriendin Esmee, de nicht van Jesse. “Je vriendje joh”, zegt Esmee die Jesse eerder in het oog heeft. Jessica verschiet van kleur. Als ze elkaar passeren geven ze elkaar gauw een boks. “Wat heb jij?”, vraagt Jesse. “A.K.”, zegt Jessica. “Van wie?”, vraagt Matthias, Jesse’s onafscheidelijke metgezel. “Van Schuif”, antwoord Esmee voor haar beurt. “Die nieuwe?”, vraagt Jesse. Dan wordt hun gesprek ruw onderbroken door de bel. Met een snelle groet “laterrrr!” nemen de oud-klasgenoten voor nu afscheid.

Jessica slaat haar Aardrijkskunde boek open. Het hoofdstuk gaat over aardlagen. “Pffft”, laat ze zich ontvallen. Esmee kijkt opzij en schiet in de lach. “Staat er een grap in het boek?”, klinkt het vanachter het bureau. Schuif kijkt de dames quasi-geïnteresseerd aan. “Jessica zag een afbeelding in het boek staan en kon niet wachten tot u daar iets over ging zeggen”, antwoord Esmee ironisch. “Komt dat even goed uit!”, reageert Schuif. Vandaag wil ik het met jullie hebben over aardlagen. Kijken jullie eerst even naar dit filmpje. De leerlingen bekijken een uitleg waarin verteld wordt dat de aarde wel miljarden jaren oud moet zijn omdat in het Andesgebergte gesteente op vierduizend meter hoogte gevonden is wat diep uit de aarde afkomstig is.

Na het filmpje mogen de leerlingen reageren. Mirjam steekt haar vinger op en vraagt: “Meneer, gelooft u in een jonge of in een oude aarde?” Jessica kijkt verbaasd opzij. Wat een vraag zeg. Hoe komt ze bij die wijsheid? Meneer Schuif reageert. Het wordt een lang verhaal met voors en tegens, met mitsen en maren en eindigt met een beroep op wetenschappelijk onderzoek wat niet weersproken kan worden. Jessica haakt na de eerste mits al af. Mark wordt ook ongeduldig. Hij roept zomaar door de klas: “Meneer, maar wat gelooft u nu zelf?” Jessica haakt weer aan. Ze hoort Schuif zeggen dat hij dat in zijn vorige antwoord heeft geprobeerd aan te geven. Nu bemoeit Ruben zich er ook mee. “U weet het dus zelf ook niet.” Dan hoort Jessica de twee jongens zeggen: “We vragen het straks wel aan de Hoop.

Als de leerlingen van 4h1 bij het vak godsdienst zijn aangekomen begint De Hoop met een mededeling. “Geachte dames en heren,” begint hij plechtig. Om er dan met een glimlach “in wording” aan toe te voegen. Verder komt hij niet. Een eruptie van reacties is zijn deel. “We zijn al bijna volwassen” en “beetje respect voor uw leerlingen hè?” “Dat bedoel ik nou ”, zegt De Hoop lachend, als het lawaai weer is verstomd, “bijna volwassen.” “Ik heb een aankondiging,” zegt De Hoop dan. “Over twee weken is er een congres op school met als thema: ‘De schepping.’ “Als school vinden we het van het grootste belang”, vervolgt De Hoop, “dat jullie toegerust worden voor een wereld die de schepping afdoet als fabel of hoogstens een plek geeft in een rij met een heleboel andere scheppingsverhalen.” Verder willen we jullie ook Bijbels vormen zodat je weet wat jouw Bijbel zegt over de vragen die leven rond de schepping.” “Komt dat even goed uit”, klinkt het door de klas.

Dat moet Mark zijn, denkt Jessica. Voordat Mark verdergaat klinkt echter de duidelijke stem van De Hoop. “Mark”, jij hebt denk ik een heel urgente vraag, klopt dat? “Agent meneer?”, probeert Ruben grappig te zijn. De Hoop negeert het. “Steek even je hand op en wacht volgende keer totdat je een beurt hebt gekregen, oké?” “Yes sir!” Mark salueert erbij. “Op de plaats rust majoor Mark”, reageert De Hoop gevat. “Wat is je vraag?” “Nou”, steekt Mark van wal, “we hadden net A.K. van Schuif.” “Meneer Schuif”, onderbreekt De Hoop hem. “Ja, dat bedoel ik,” zegt Mark met een grijns, “en die wist niet wat hij geloofde.” De Hoop zet grote ogen op, ziet Jessica. Voordat Mark echter zijn punt kan maken komt Mirjam snel ter zake. “Meneer,” zegt ze: “Hoe oud denkt u dat de aarde is?” De Hoop krijgt een frons boven zijn wenkbrauwen. “Vrienden”, zo onderwijst hij, “jullie moeten wel leren om naar elkaar te luisteren. Geef elkaar de ruimte om een vraag te stellen en wees geduldig in het aanhoren van het antwoord.

“Vinden jullie het goed als ik voor een gefundeerd antwoord op deze vraag verwijs naar professor Punt die over twee weken over dit onderwerp een lezing houdt?” Voor vandaag had ik een inleidende les voorbereid over wat de Bijbel zegt over de schepping. De Hoop pakt een handvol stiften en schijft een naam op het bord. Met zijn kenmerkende vlugschrift krabbelt hij op het bord: Augustinus. Vervolgens neemt hij een andere kleur en schrijft: Ex nihilo. Met een glimlach draait hij zich om naar de leerlingen. “Gaan we het over uw exen hebben?”, probeert Ruben nog een keer grappig te zijn. De Hoop kijkt Ruben even aan, reageert kort: ”Het mooiste is als de eerste ook de enige is.” Ruben heeft even geen weerwoord. “Pak allemaal je pen vrienden, en schrijf de betekenis maar op van deze twee Latijnse woorden.” De leerlingen zijn nu zover om te leren. De Hoop heeft ze meegekregen. Jesscia schrijft op haar netst in haar godsdienstschrift: “Ex nihilo: iets uit niets.”

Plotseling klinkt er een oorverdovend geluid door de school. Jessica schrikt op van haar werk en kijkt De Hoop aan.

Abonneer je op onze maandelijkse nieuwsbrief!