De historische betrouwbaarheid van Genesis ligt flink onder vuur. Gelukkig zijn er ook nog mensen die voor dit eerste Bijbelboek in de bres springen. Een van hen is dominee Rob Visser. Hij presenteerde onlangs zijn nieuwe boek: Gelukkig geen mythe, Genesis 1-11 en de betekenis daarvan.

In Gelukkig geen mythe bespreekt Visser de eerste elf hoofdstukken van Genesis. Dat doet hij (zo goed als) vers voor vers. Hierbij kiest Visser doorgaans één bepaalde uitleg van een vers. Soms laat hij in een excurs wel andere lezingen de revue passeren, maar geeft daarbij doorgaans ook aan waarom alleen zijn interpretatie de juiste is. Helaas blijven bij deze methode van Bijbellezen ook bepaalde zaken onbesproken. Zo noemt Visser bijvoorbeeld bij de zondvloed niets over aardlagen en fossielen. Volgens hem was regen de belangrijkste bron van het zondvloedwater, waardoor je de indruk kunt krijgen dat de zondvloed een rustige vloed is geweest die geen sporen heeft achtergelaten.

Gelukkig geen mythe

Moeilijke vragen

Na een inleidend hoofdstuk en de elf hoofdstukken waarin Genesis 1-11 worden besproken volgen nog zes hoofdstukken die ingaan op verschillende kwesties omtrent Genesis 1-3. Visser gaat onder andere in op de vraag of Genesis is afgeleid van Midden-Oosterse mythen. Hij vergelijkt de elementen van Genesis 1-11 met Midden-Oosterse scheppingsmythen, en komt tot de conclusie dat Genesis niet van die mythen is afgeleid, maar juist andersom.

In de hoofdstukken die vragen behandelen over de historiciteit van Adam en Eva en de zondeval verwijst Visser naar veel Bijbelteksten buiten Genesis, waarin ook wordt aangetoond dat Adam en Eva als de eerste voorouders waren en dat de zondeval historisch was. Ook pakt Visser de dwaling bij de horens dat Genesis leert dat God de wereld heeft geschapen, en dat je je tot de evolutietheorie moet wenden om te weten hoe God dat heeft gedaan. Interessant genoeg sluit hij af met een hoofdstukje over de verschillende rollen voor mannen en vrouwen, een vraagstuk dat direct terugvoert op Genesis. Bij verschillende van deze zaken citeert Visser uitgebreid uit het boek En de aarde bracht voort van Gijsbert van den Brink om de twijfels die Van den Brink opwerpt te weerleggen.

Gemiste kans

Bij een boekje van 150 pagina’s kan niet alles worden behandeld. Toch is het jammer dat Visser niet wat meer aandacht besteedt aan de zondvloed. Juist de vloed heeft een belangrijke invloed uitgeoefend op de wereld. Gelukkig geen mythe heeft iets haastigs over zich. Misschien omdat dit boekje ook inhaakt op En de aarde bracht voort van Gijsbert van den Brink.1 Visser gebruikt veel afkortingen die ogenschijnlijk (althans in mijn versie) later te lijken zijn toegevoegd. Waar het gaat over Gods openbaring staat er weleens ‘Gods Op.’ Of deze en andere onvolkomenheden er in de versie na mijn recensie-exemplaar zijn uitgehaald heb ik in de gauwigheid niet kunnen achterhalen.

Boekpresentatie

Op dinsdagavond 3 oktober werd Gelukkig geen mythe officieel gepresenteerd bij een avond georganiseerd door Logos Instituut. De avond werd gehouden in verenigingsgebouw De Kandelaar in ’s Heerenbroek, een thuiswedstrijd voor de Zwolse dominee. Met meer dan 75 belangstellenden was deze avond zeer geslaagd.

‘Heb je niet gelezen?’

Logos-medewerker Jan van Meerten opende de avond, waarna dominee H.G. Gunnink de vraag behandelde of Adam en Eva onze vroegste voorouders zijn.2 Het antwoord daarop staat voor Gunnink vast: ja, zeggen de Bijbel, de Heidelbergse catechismus, Nederlandse geloofsbelijdenis en nog tal van andere belijdenisgeschriften. Toch zijn er veel christenen die onder invloed van ‘de wetenschap’ (aanhalingstekens door Gunnink uitgebeeld) ervoor kiezen de vraag over Adam en Eva met een ‘nee’ te beantwoorden. „Ik pak maar één vers erbij, anders hoeven jullie het boekje niet meer te lezen,” grapt Gunnink. „In Mattheüs 19 vers 4 vraagt Jezus: ‘hebben jullie niet gelezen?’.” Jezus leert de Bijbel, het geschreven Woord, serieus te nemen. „Maar wat gebeurt er tegenwoordig? Zaken uit de Bijbel worden problematisch gemaakt.” De Bijbel wordt een ‘moeilijk boek’ genoemd. Voor Gunnink is er echter geen probleem. „De Bijbel is door en door betrouwbaar. Alle theorieën over het bestaan van mensen of mensachtigen komen voort uit niet-christelijke invloeden. Wie betwijfelt, of ontkent, dat Adam en Eva onze eerste voorouders zijn, heeft een geweldig probleem. Als de Schrift in Genesis 1-11 niet het betrouwbare Woord van God is, waarom zou je dan wel vertrouwen in Genesis 12 tot en met Openbaring 22?”
Theïstische evolutie

Na de voordracht van Gunnink stelde Jan van Meerten enkele problemen met theïstische evolutie aan de kaak. Evolutie is niet te combineren met de Bijbel, stelt Jan. Hoewel theïstisch evolutionisten de hoge ouderdom van de aarde en het heelal accepteren en de ‘macro-evolutie’ (een ongelukkig gekozen term), is er bij theïstisch evolutionisten veel onderling verschil over Gods betrokkenheid bij de schepping, wie Adam was, de rol en omvang van de zondeval en van de zondvloed. „Voor theïstisch evolutionisten is de Bijbel ondergeschikt aan de wetenschap. Volgens hen gaat de Bijbel niet over feiten. Daarvoor moet je je tot de wetenschap wenden.” Wanneer Genesis niet meer als historisch wordt gezien kom je in de knoop met veel andere gedeelten van de Bijbel. Is het dan nog wel houdbaar om de Bijbel serieus te nemen? „Noach werd uitgelachen toen hij mensen uitnodigde met hem in de ark te komen.” Totdat God de deur sloot en het te laat was. „Zo is het ook met Jezus,” sluit Jan af. Nu is er nog de tijd om naar Hem te gaan, maar die tijd is niet eindeloos.

Belangrijkste plaatje

Logos-voorzitter Frans Gunnink greep terug op een slide die Jan aanhaalde met twee visies op de dood: de dood is altijd al onderdeel geweest van deze wereld en zal dat altijd zijn (evolutiegedachte), of de dood is iets tijdelijks (wat de Bijbel leert). „Dat is misschien wel het belangrijkste plaatje van de avond. Wat zeg je bijvoorbeeld tegen iemand die op sterven ligt of een dierbare verloren heeft? ‘Die dood, die was er al vanaf het begin en die zal er altijd zijn. Wen er maar aan’?” Na een korte inleiding over het werk van Logos Instituut denkt Frans na over de vraag waarom geloof in de schepping belangrijk is. „Als u ooit met mensen over het evangelie spreekt is een van de eerste vragen waarom er dood en lijden in de wereld is. Als je niet gelooft in Genesis, waarin wordt uitgelegd dat het de schuld is van onze eerste voorouder, sta je al snel met een mond vol tanden.” Het geloof in Genesis doortrekt alles. „Als we niet in een Schepper geloven hoeven we Hem ook geen verantwoording af te leggen. Dan kun je doen en laten wat je wilt.” Dat besef is geworteld in Darwins evolutietheorie. Naast de visie op de dood is de visie op de wereld volgens Frans ook een belangrijk punt. „Creationisten en evolutionisten hebben dezelfde feiten, maar kijken allebei met een andere bril (een Bijbelse bril of een atheïstische, -red.) naar die feiten.” En ja, dan kom je ook tot andere conclusies.

Waarom dit boek?

Na de pauze verzorgde Rob Visser zelf de rest van de avond. Visser vertelde hoe hij tot het schrijven van Gelukkig geen mythe is gekomen. Al in de kerk van zijn jeugd speelde de historiciteit van Genesis een belangrijke rol. Ook tijdens zijn predikantschap in Zuid-Afrika, en later weer in Nederland, waren er vragen in de kerken over hoe Genesis wordt gelezen. „Wat is het belangrijk dat we de jeugd en onszelf laten zien wat er in het Woord van God staat. Niet: je moet het maar geloven, maar juist vanuit de Schrift laten zien dat Genesis betrouwbaar is.” Weten wij meer dan Paulus, vraagt Visser zich af. „De eerste Adam wordt nadrukkelijk vergeleken met de laatste Adam, Christus.” Beiden worden door Paulus als historische personen gepresenteerd. Theïstische evolutie botst met het karakter van God. „God kan niet iets scheppen dat verkeerd is. Toch is dat wat je leest in Van den Brinks boek: de schepping was niet ‘goed’, maar ‘functioneel’.” Dan zijn er allerlei vormen van ellende door God in de schepping ingebouwd. Is dat hoe de God van de Bijbel te werk gaat?

Visser haalt nog een interessant puntje aan. Volgens Bijbelcritici is de satan een menselijk bedenksel van na de Babylonische ballingschap. „Maar er zijn ook kleitabletten gevonden waarop de duivel wordt genoemd die veel ouder zijn.” Moet je dan de Bijbel lezen door de bril van die kleitabletten die over de schepping en de zondvloed spreken? Nee, vindt Visser, „want volgens Romeinen 1 hebben de mensen van God allerlei dingen gezien en het aangepast aan hun eigen zondige verstand. Zo was het ook met al die verhalen, maar die laten wel zien dat er een besef was van de schepping, de zondeval en de zondvloed.” De kwestie schepping/evolutie raakt volgens Visser aan het hart van het evangelie. Als de zondeval wordt vergeestelijkt verliest het verlossingswerk van Jezus z’n waarde.

Het boekje ‘Gelukkig geen mythe’ wordt ook in onze webshop te koop aangeboden.

Dit artikel is met toestemming overgenomen van de website WaaromSchepping. Het originele artikel is hier te vinden.

Voetnoten

  1. https://logos.nl/en-brink-bracht-voort/.
  2. https://logos.nl/adam-en-eva-eerste-voorouders/.

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

Gert-Jan van Heugten

Written by

Gert-Jan van Heugten is ir. in de scheikundige technologie en schrijft en spreekt regelmatig over schepping en evolutie. Lees meer van en over hem op zijn eigen site: waaromschepping.nl Gert-Jan is in 2006 tot geloof gekomen omdat hij overtuigende argumenten te zien kreeg vóór het Bijbelse scheppingsverhaal, en tegen het evolutieverhaal. Sindsdien is hij er van overtuigd dat de Bijbel van kaft tot kaft een betrouwbaar beeld van de geschiedenis weergeeft. Vier jaar en een hele hoop boeken, DVD's, lezingen en discussies later is hij begonnen met het verzorgen van presentaties over schepping en evolutie. In 2011 ben is hij als vrijwilliger bij Weet Magazine terecht gekomen, waar hij sinds 2012 met veel plezier in de redactie zit. Na het behalen van zijn ir./M.Sc. titel in 2013 heeft hij het Naventure trainingsjaar gevolgd bij de Navigators. In de zomer van 2014 heeft hij besloten voor zichzelf te beginnen en Waarom Schepping naar een hoger niveau te tillen. Gert-Jan gaat meestal naar een PKN gemeente in Eindhoven, maar beschouwt zichzelf als 'non-denominational'. Hij kan zich helemaal vinden in de uitspraak van Kees Kraayenoord: "Ik ben eigenlijk een gereherformeerde evanpinksterbaptoliek."

1 Comment

Peter van Leeuwen

Genesis is niet te rijmen met wetenschap. Om dat te doen, wordt vaak gezegd dat de Bijbel verkeerd geïnterpreteerd wordt, terwijl de tekst toch duidelijk is. Of je gelooft er in en je buigt je in allerlei bochten om er een wetenschappelijke verklaring voor te kunnen vinden, of je accepteert wat er wetenschappelijk aangetoond is wat vervolgens onmogelijk maakt dat Genesis de waarheid beschrijft.

“Het geloof in Genesis doortrekt alles. „Als we niet in een Schepper geloven hoeven we Hem ook geen verantwoording af te leggen. Dan kun je doen en laten wat je wilt.” Dat besef is geworteld in Darwins evolutietheorie.”

Darwin’s evolutietheorie zegt niks over dat je kunt doen en laten wat je wilt. Mensen zijn beschaafd omdat ze afspraken vanuit morele overwegingen hebben ontwikkeld hoe ze met elkaar omgaan. Je legt dus verantwoording af aan je medemensen. Dat is een stuk eenvoudiger dan aan iets dat zich niet laat zien, een Schrift laat opstellen dat zaken bevat staat die door de gemiddelde mens als immoreel zijn bevonden en daarom bij wet zijn verboden.

Reply

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

 tekens over