Het heelal is onmetelijk groot. Wetenschappers hebben het einde daarvan nog niet ontdekt, al denken ze wel dat het heelal z’n grenzen kent zowel in tijd als in afstand. Hoe kun je nou proefjes doen met het heelal? Hanna Holwerda heeft er een boek over geschreven. Ze wil je laten verwonderen over de schepping. En dat lukt aardig…

In het boek Ontdek het oneindige heelal komen we verschillende opdrachten tegen: hersenkrakers, proefjes, creatieve opdrachten, schrijfopdrachten, onderzoeken en iets in het klein namaken. Door het gebruik van diverse opdrachten is het boek geschikt voor allerlei soorten kinderen. De opdrachten vormen inspiratie voor de leerkrachten als zij in het natuurkunde/biologieonderwijs te maken krijgen met het heelal. De schrijfster heeft ook nog oog voor het milieu en ze roept de kinderen op het materiaal buiten niet te laten slingeren. Door het hele boek heen zijn Bijbelteksten te vinden, wat dit boek bruikbaar maakt in het christelijke gezin en in het christelijk onderwijs. Het boek bevat hele mooie opdrachten die de moeite van het uitvoeren waard zijn.

Hoewel de auteur wel verwijst naar Genesis lijkt het er soms dat ze uitgaat van de naturalistische wetenschap: een oerknal, langzame continentverschuiving etc. Diverse zinnen zouden vanuit het creationistische wereldbeeld daarom anders geformuleerd moeten worden. Op onze website hebben wij een pagina gemaakt waar we deze zinnen op volgorde hebben gezet en een alternatieve bewoording bieden. Zo blijft dit prachtige boek bruikbaar voor opvoeding en onderwijs. Het siert de auteur dat ze de miljarden jaren achterwege laat en spreekt over ‘(heel) lang geleden’. Het reformatorische gedeelte van onze achterban zal mogelijk moeite kunnen hebben voor de keuze van de Bijbelvertaling (Het Boek) en de wat populaire wijze waarop er over God wordt gesproken (bijv. de Heilige Geest als raketverbrandingsmotor).

Voorbeeldopdracht

Op bladzijde 8 wordt de uitdijing van het heelal begrijpelijk gemaakt voor de leerlingen. Je hebt daarvoor nodig een ballon en een stift. De beschrijving luidt: “Wetenschappers hebben ontdekt dat het heelal steeds groter wordt. Dat kun je vergelijken met een ballon. Teken op de ballon een aantal stippen. Dit zijn sterren. Blaas de ballon langzaam op. Zie je hoe de sterren steeds verder uit elkaar komen te staan?”

Zinnen die anders zouden moeten worden geformuleerd:

Blz. 9: Wetenschappers denken dat het steeds groter wordende heelal door iets of Iemand begonnen is.

Dit zou kunnen heenwijzen naar de Big Bang miljarden jaren geleden. De meeste creationisten denken wel aan uitdijing van het heelal maar ook aan een leeftijd van 6.000 – 10.000 jaar.

Blz. 39: Zo schuiven Amerika en Afrika steeds verder uit elkaar, 0-10 centimeter per jaar. Als je terug zou rekenen hebben de continenten héél lang geleden tegen elkaar aan gelegen.

Dit zou kunnen heenwijzen naar de naturalistische variant van plaattektoniek. Creationisten hebben hiervoor een alternatief, namelijk dat de aardplaten inderdaad soms langzaam uit elkaar gaan, maar soms ook snel (zoals tijdens de zondvloed en de roerige periode daarna). Een theorie die heet Catastrofale Plaattektoniek.

Blz. 61: In de Bijbel gaat het ook over een watervloed en een grote overstroming: het verhaal van Noach en de ark.

Creationisten noemen de geschiedenis van de zondvloed geen ‘verhaal’, maar ‘de geschiedenis van Noach en de ark’.

Blz. 75 en 79: Buitenaards leven op Mars krijgt aandacht in dit boek op blz. 75 en blz. 79. Het lijkt erop dat de auteur dit niet afwijst. Veel creationisten wijzen dit wel af, de aarde is geschapen voor leven. Al de andere planeten bevatten hoogstwaarschijnlijk geen leven.

Blz. 118: Het zwarte gat is heel ver bij de aarde vandaan, namelijk ongeveer 55 miljoen lichtjaar.

Wanneer we bladzijde 143 hierop zouden toepassen dan zou blijken dat het heelal dus meer dan 55 miljoen jaar oud is, wat in strijd is met de Schriftgegevens. ‘Lichtjaar’ als afstandsmaat is prima, niet als tijdsindicatie.

Blz. 121: In het boek wordt de astrofysicus prof. dr. Heino Falcke geïnterviewd. Hoewel dit niet uit het stukje blijkt gaat dr. Falcke uit van een oud heelal en een big bang. Sommige creationisten zullen wat problemen ervaren met het stukje van Falcke ‘voor ouders’. Het is niet in reformatorisch jargon opgeschreven en we kunnen uit de natuur niet afleiden hoe God geschapen heeft. Wel dát er een God is. Hoe God geschapen heeft is (summier) te lezen in Genesis. Theïstische evolutionisten dringen vaak de Big Bang op als Gods ‘scheppingsmethode’. Dit is in strijd met de Schrift en met Falcke’s ‘je hoeft God niet te vertellen hoe Hij geschapen heeft’, zeker niet als de ‘scheppingsmethode’ van de naturalist en de theïstisch evolutionist in strijd is met wat God openbaart in Zijn Woord.

Blz. 136: Eigenlijk is tijd een afspraak die mensen met elkaar gemaakt hebben, dit is in tegenspraak met wat op blz. 137 staat.

Blz. 143:  Als een ster 5 lichtjaar bij de aarde vandaan staat, zie jij ’s avonds het licht dat de ster 5 jaar geleden uitstraalde. Bedenk bij de sterren uit de opdracht ‘Lichtjaren ver weg’ hoe oud jij was op het moment dat de ster het licht uitzond dat je vandaag ziet. ‘Lichtjaar’ is een afstandsmaat en geen tijdsindicatie.

Klimaat

Heb je als creationist moeite met de man-made-klimaatopwarming dan kan moet deze zin nog vervangen worden:

Blz. 48: De laatste jaren komen de veranderingen met name door de mens.