Aan de hand van computersimulaties tracht men te verklaren, hoe gasplaneten, steenplaneten en ijsplaneten konden ontstaan. Een absoluut raadsel is het, hoe de stof in een stofschijf (die bijvoorbeeld onze zon zou hebben omgeven) tot planeten kon samenballen. De bekende krachten der zwaartekracht zijn daarvoor in de verste verte niet toereikend. Daarbij komt, dat de omloopbanen van de planeten en de maan in ons zonnestelsel niet simpelweg willekeurig zijn opgebouwd, maar wiskundige wetmatigheden volgen.

Het proces na een supernova explosie, waarbij een ster zoals de zon ontstaat en zware elementen zoals ijzer, nikkel, lood enzovoorts gevormd worden, kan gesimuleerd worden. Evenzo kan men begrijpen, hoe zich daarna een gas- en stofschijf zou vormen. Echter of en hoe uit deze gas- en stofschijven planeten konden ontstaan, is nog steeds onduidelijk en in hoge mate betwist.1

Gasplaneten

Computersimulaties van het ontstaan van ons zonnestelsel tonen, dat bij een schijf, die een ster omgeeft, geen gasplaneten ontstaan, omdat men zich ver onder de grens voor een samenballing door zwaartekracht bevindt. Jupiter heeft een ongeveer 1000 maal lagere massa dan de zon. Indien zelfs de zon niet door zwaartekracht kon worden samengebald (daarvoor zouden in theorie meerdere supernova explosies noodzakelijk zijn), hoe moeilijk is het dan wel voor te stellen, dat de massa van Jupiter vanzelf kon samenballen?

Rotsplaneten

Om het ontstaan van steenplaneten te verklaren, heeft men onder anderen voorgesteld, dat zich meerdere meteorieten zouden hebben kunnen samenballen. Maar meteorieten bestaan niet uit stof, maar uit vaste rots of ijzer. Daarbij komt. dat ook de meteorieten zelf te weinig zwaartekracht uitoefenen, om zich samen te ballen.

IJsplaneten

Nog moeilijker is het te verklaren hoe ijsplaneten ontstaan. Zij moeten het doen met zeer weinig materiaal, zodat een samenballing extreem veel tijd zou kosten.

Edelmetalen op onze aarde

Volgens de gangbare theorie over de vorming van de aardkorst zouden er op onze aarde geen edelmetalen zijn. Metalen zoals goud, platina, iridium verbinden zich onder bepaalde omstandigheden heel gemakkelijk met ijzer. Daarom zouden zij op de naar men zegt miljoenen jaren bestaande “hete oeraarde” in gesmolten toestand geleidelijk in de ijzerrijke kern zijn verdwenen.

Om het conventionele ontstaansmodel van onze planeet te ondersteunen, wordt voorgesteld, dat de gehele hoeveelheid van onze edelmetalen in het oppervlak der aarde afkomstig is van inslagen van metaalhoudende meteorieten.2 Het conventionele ontstaansmodel van ons planetenstelsel op zich wordt echter zelden ter discussie gesteld.

Voetnoten

  1. Alex Williams, John Hartnett, Dismantling the Big Bang, Master Books, 2006, p. 151-155.
  2. Gerhard Schmidt, op het European Planetary Science Congress 2008 in Münster, 22 Sept. 2008.

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

95 Stellingen

Written by

Weliswaar zijn sinds de eerste uitgave van Charles Darwins boek "Het ontstaan van soorten" op 24 november 1859 ontelbare feiten bekend geworden, die heel duidelijk tegen de evolutietheorie spreken, maar het geloof in evolutie, oerknal en een vele miljoenen jaren oude aarde heeft zich diep in het bewustzijn van de moderne maatschappij ingenesteld. Hierbij heeft deze wereldbeschouwing langzamerhand een fundamentalistisch karakter aangenomen. In geen ander gebied van de wetenschap worden kritische stemmen zo onzakelijk en heftig aangevallen als op dit gebied van onderzoek. Wie twijfelt, wordt uit het debat over de oorsprongsvragen uitgesloten en niet zelden bestreden. De eigenwijsheid van de leidende disciplines in wetenschap, onderwijs en media doet denken aan de koppigheid, waarmee de Rooms Katholieke kerk in de Middeleeuwen haar toenmalige wereldbeeld verdedigd heeft. Op 31 oktober 1517 heeft de hervormer Maarten Luther 95 stellingen gepubliceerd, waarmee hij de toenmaals wijdverbreide aflaatpraktijk ter discussie stelde. Deze bemoeienis heeft een kettingreactie veroorzaakt, die uiteindelijk tot de Reformatie leidde. Op gelijke wijze moeten de hier aanwezige 95 stellingen tot een verandering van denken in het oorsprongsdebat bijdragen. Met deze publicatie willen wij ons ervoor inzetten, dat in de discussie over de oorsprong van de mensheid, het aardse leven en de kosmos een open omgang met wetenschappelijke gegevens, interpretaties en wereldbeschouwelijke stellingnamen* mogelijk wordt.

1 Comment

M.Nieuweboer

“De bekende krachten der zwaartekracht zijn daarvoor in de verste verte niet toereikend.”

Afgezien van het [onjuiste] Nederlands (zwaartekracht is maar één kracht – één van de vier fundamentele), [vraag ik om] bewijs (…). [Is dat mogelijk] middels een doorwrochte wiskundige berekening in een peer-reviewed wetenschappelijk tijdschrift?

“maar wiskundige wetmatigheden volgen”

Die volstrekt overeenstemmen met het gebruikelijke model van ons zonnestelsel. Dit is behalve geen argument tegen evolutie [ook g]een argument tegen een heelal ouder dan 6000 jaar – zelfs al kloppen al deze ongefundeerde beweringen, dan nog spreekt dit stukje een zonnestelsel van 4,5 miljard jaar of meer volstrekt niet tegen, laat staan een Oerknal.

Reply

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

 tekens over