Na de inflatiefase, zouden geringe ongelijkmatigheden in de gasdichtheden ertoe geleid hebben, dat clusters ontstaan zijn en dat daaruit sterrenstelsels zijn gevormd. Er is echter geen mechanisme bekend, dat het uitdijen van gassen zou kunnen omkeren in een samenballing. Het uitdijen van het universum zou de vorming van sterrenstelsels verhinderd hebben.

Ongeveer één seconde na de oerknal zouden zich stabiele atoomkernen gevormd hebben. In de volgende 100.000 jaren zou de uitdijing van het universum zijn doorgegaan, de temperatuur zou zijn gedaald en de elektronen zouden zich met de protonen verenigd hebben, zodat normale atoomstructuren konden ontstaan.

De daarbij ontstane gassen zouden zich ongelijkmatig verdeeld hebben, wat tot samenballingen zou hebben geleid. De traagheid van de zich uitdijende materie zou echter verhinderd hebben, dat hierbij sterrenstelsels zouden kunnen vormen.

De bekende oerknal-specialist Joseph Silk schrijft hierover:
“De oerknaltheorie heeft tot heden drie fundamentele problemen niet opgelost:
1)  wat gebeurde er voor het begin,
2)  het concept van de singulariteit zelf,
3)  de oorsprong van sterrenstelsels.”1

In de afgelopen tientallen jaren zijn meerdere theorieën opgesteld, waarmee men gepoogd heeft, het ontstaan van sterrenstelsels aan de hand van de oerknaltheorie te verklaren. Echter geen ervan kon in vakkringen de toets doorstaan. Het ontstaan van sterrenstelsels kan binnen het kader van de oerknaltheorie niet worden verklaard.

Voetnoten

  1. Joseph Silk, The Big Bang, W.H. Freeman and Company, New York, 2001, 3e oplage, p. 385.

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

95 Stellingen

Written by

Weliswaar zijn sinds de eerste uitgave van Charles Darwins boek "Het ontstaan van soorten" op 24 november 1859 ontelbare feiten bekend geworden, die heel duidelijk tegen de evolutietheorie spreken, maar het geloof in evolutie, oerknal en een vele miljoenen jaren oude aarde heeft zich diep in het bewustzijn van de moderne maatschappij ingenesteld. Hierbij heeft deze wereldbeschouwing langzamerhand een fundamentalistisch karakter aangenomen. In geen ander gebied van de wetenschap worden kritische stemmen zo onzakelijk en heftig aangevallen als op dit gebied van onderzoek. Wie twijfelt, wordt uit het debat over de oorsprongsvragen uitgesloten en niet zelden bestreden. De eigenwijsheid van de leidende disciplines in wetenschap, onderwijs en media doet denken aan de koppigheid, waarmee de Rooms Katholieke kerk in de Middeleeuwen haar toenmalige wereldbeeld verdedigd heeft. Op 31 oktober 1517 heeft de hervormer Maarten Luther 95 stellingen gepubliceerd, waarmee hij de toenmaals wijdverbreide aflaatpraktijk ter discussie stelde. Deze bemoeienis heeft een kettingreactie veroorzaakt, die uiteindelijk tot de Reformatie leidde. Op gelijke wijze moeten de hier aanwezige 95 stellingen tot een verandering van denken in het oorsprongsdebat bijdragen. Met deze publicatie willen wij ons ervoor inzetten, dat in de discussie over de oorsprong van de mensheid, het aardse leven en de kosmos een open omgang met wetenschappelijke gegevens, interpretaties en wereldbeschouwelijke stellingnamen* mogelijk wordt.

3 Comments

M.Nieuweboer

“Er is echter geen mechanisme bekend, dat het uitdijen van gassen zou kunnen omkeren in een samenballing.”

Jawel, al een paar eeuwen [dat] heet zwaartekracht. Dat we verder niet precies weten hoe of wat komt door gebrek aan empirische data. Daaruit concluderen “onmogelijk wetenschappelijk te verklaren” is een drogreden.

Reply
Peter

Om dat een specialist in 2001 nog niet weet hoe de eerste sterrenstelsels na de Big Bang ontstonden, wordt beweerd dat “Het ontstaan van sterrenstelsels kan binnen het kader van de oerknaltheorie niet worden verklaard.” Iets nu niet kunnen verklaren, is iets heel anders dan de onmogelijkheid iets te verklaren. Intussen is het 2017, en ik weet niet wat er sinds 2001 is bijgekomen. (…)

Reply
haushofer

(…) Het ‘probleem’ waarmee ‘galaxy formation’ zit, is dat we deze formatie alleen kunnen verklaren wanneer we een extra ingrediënt toevoegen: donkere materie. De reden is omdat er tijd nodig is om de massa te laten instorten, en zonder donkere materie (DM) duurt het te lang. De hoeveelheid DM ervan is een parameter in het lambda-CDM model. DM wordt ook gesuggereerd door zgn. rotatiecurves van sterrenstelsels. En wat blijkt? De gesuggereerde hoeveelheid DM uit deze rotatiecurve-metingen lost het probleem op van de stelselformatie in het lambda-CDM model.

De vraag is nu dus wat precies die DM is. Iemand als Erik Verlinde gelooft dat het slechts een effectieve beschrijving is (vergelijk bijv. de verklaring voor Mercurius’ precessie aan de hand van een onbekende planeet en een aanpassing van Newtons theorie, begin 20e eeuw), anderen geloven dat we domweg op aarde niet elke vorm van materie nog hebben kunnen laten ontstaan. De vraag is dus of DM wellicht een ‘effectieve parameter is’ die overeenkomt wanneer we de algemene rel.theorie aanpassen. Probleem daarmee is dat zowel theoretische als experimentele uitkomsten weinig ruimte overlaten om deze theorie aan te passen. (…) [Zoek bijv. via] Google [op] “”galaxy formation” lecture notes”.

Reply

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

 tekens over