Recent verscheen in het Reformatorisch Dagblad een artikel over het artikel van Ab Flipse verschenen in Church History. Ik stuurde een ingezonden stuk, maar deze werd niet geplaatst. Volgens de redacteur reageerde ik niet op het artikel, ik was van mening van wel.

Hierbij het ingezonden stuk: “Recent (13-08-2012) verscheen er in deze krant een artikel over het creationisme. De vraag wordt gesteld ‘waar het creationisme vandaan komt’. De titel geeft aan dat het uit VS komt. Dit artikel en een zoektocht in de literatuur geeft aan dat George McCready Price gezien kan worden als het startpunt. Alle referenties binnen die literatuur geven Ronald Numbers als bron. Ronald Numbers heeft een lijvig werk geschreven over creationisten. Wat het ontstaan van het creationisme betreft vind ik zijn argumenten niet sterk. Er zijn een aantal zaken te noemen die pleiten tegen de gedachte dat George McCready Price gezien kan worden als startpunt van het jonge-aarde-scheppingsparadigma. Het is allereerst nuttig om een jonge-aarde-creationist te definiëren. Een creationist is iemand die wat de oergeschiedenis betreft gelooft dat ‘de aarde zo’n 6.000 tot 10.000 jaar geleden in zes dagen geschapen is, de mens een afzonderlijke schepping van God is, er sprake is van een historische zondeval, een zondvloed en een spraakverwarring.’ Binnen het jonge-aarde-scheppingsparadigma dient onderscheid gemaakt te worden tussen Bijbelse creationisten en Wetenschappelijk creationisten. De Bijbelse creationisten nemen alleen Gods Woord aan als kenbron van de oergeschiedenis. Zoals Ds. G.H. Kersten zegt: ‘Alleen door de openbaring kunnen wij de schepping kennen en door het geloof verstaan.’ Deze Bijbelse creationisten vind je bijvoorbeeld in de bevindelijk-gereformeerde kringen maar ook in andere stromingen. Dit Bijbelse scheppingsmodel is niet afkomstig uit de VS maar vind je al terug bij de kerkvaders en is via Calvijn en Luther in Nederland gekomen. Als tweede het wetenschappelijk scheppingsmodel. Een Wetenschappelijk creationist wil met de Bijbel in de hand onderzoek doen in de wereld om ons heen. Het motto is: ‘Gods Woord en de werkelijkheid kunnen niet met elkaar in tegenspraak zijn.’ Een wetenschappelijk creationist ziet in de aardgeschiedenis sporen van de zondvloed (zondvloedgeologie) en ziet discontinuïteit tussen verschillende groepen van organismen (baraminologie). Volgens hen zijn er sporen van ontwerp in de natuur waar te nemen. Dit Wetenschappelijk Scheppingsmodel is ook niet afkomstig uit de VS. Je vindt deze gedachte al bij de zogenoemde ‘Scriptural Geologists’ die zich op hun beurt weer baseerden op de vroeg-zondvloedgeologen. Een voorbeeld ter verduidelijking: Steven Austin, zondvloedgeoloog in de VS, ontwikkelde het idee dat steenkool was gevormd door snelle afzetting van drijvende vegetatiematten tijdens de zondvloed. Dit idee was niet nieuw maar was al geopperd door John Williams in 1789, James Parkinson in 1804, Granville Penn in 1825, Martyn Paine in 1856 en Ellen G. White in 1864. Er zijn nog tientallen voorbeelden aan te halen in de literatuur die ervoor pleiten dat de argumenten van het wetenschappelijk scheppingsmodel niet werden ontwikkeld als reactie op het Darwinisme maar al veel eerder bestonden.”

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

18 Comments

Radagast

Ik vermoed dat Ab Flipse niet bedoelt dat het gedachtegoed van het jongeaardecreationisme met McReady Price is ontstaan, maar eerder de beweging. Organisaties die worden opgericht om het jongeaardecreationisme te verdedigen en uit te dragen, boeken die geschreven worden, symposia en tijdschriften: heeft u daarvan voorbeelden van voor McReady Price? Want anders denk ik dat het redelijk is om te zeggen dat “het” jongeaardecreationisme “begonnen” is bij McReady Price.

Reply
Peter

Zie: https://en.wikipedia.org/wiki/Scriptural_geologist voor Scriptural Geologists. Allemaal eerste helft 19de eeuw. Ook George McCready Price heeft weinig invloed gehad. “George McCready Price (26 August 1870 – 24 January 1963) was a Canadian creationist. He produced several anti-evolution and creationist works, particularly on the subject of flood geology. His views did not become common among creationists until after his death, particularly with the modern creation science movement starting in the 1960s”: https://en.wikipedia.org/wiki/George_McCready_Price
Creation Science als beweging begon in 1961 met “The Genesis Flood”, van John C. Whitcomb en Henry M. Morris. Die Flipse weet heus wel wat hij schrijft.

Reply
Jan van Meerten

Geachte Radagast, een recente schepping, historische zondeval, wereldwijde zondvloed etc. is onderdeel van de christelijke dogmatiek. Het is m.i. daarom niet juist om te spreken van een ‘beweging’ die begonnen zou zijn met McCready Price. Voor de laatste 500 jaar NL heeft deze gedachtegang in ieder geval overleefd in Calvijn/Luther – Nadere Reformatie – Reveil/Afscheiding. Het laten beginnen bij SdA/McCready Price is m.i. een eenzijdige focus op een bepaalde stroming binnen het christendom en op het Amerikaanse continent. Breder kijken leidt tot een andere visie. De door mij hooggeachte dr. A. Flipse baseert zich teveel op dr. Ronald Numbers die de geschiedenis van het zgn. creationisme beschreven heeft in een lijvig en lezenswaardig boekwerk maar de voorgeschiedenis en lijnen naar het verleden nauwelijks aan bod laat komen.

Geachte Peter, de gedachte dat het dogma van een recente schepping, historische zondeval en wereldwijde zondvloed begonnen zijn bij ‘The Genesis Flood’ verdedigen zelfs dr. Flipse en dr. Numbers niet. Lijkt mij ook aantoonbaar onjuist met namen van bijvoorbeeld Frank L Marsh en Harold W. Clark. Een overzichtelijk en lezenswaardig boek is dat van dr. William VanDoodewaard, The quest of the historical Adam.

Ik ben een uitgebreide literatuurstudie aan het doen naar de tijd voor Scopes Trial. Hou daarvoor deze pagina in de gaten: http://logosnl.wpengine.com/terug-naar-de-bronnen/.

Reply
Peter

“Het is m.i. daarom niet juist om te spreken van een ‘beweging’ die begonnen zou zijn met McCready Price. Voor de laatste 500 jaar NL heeft deze gedachtegang in ieder geval overleefd in Calvijn/Luther –”

Dat kan alleen beweerd worden als de ‘Bijbelse creationisten’ en de ‘wetenschappelijk creationisten’ ten onrechte op een hoop gegooid worden. Wetenschappelijk creationisme kwam pas van de grond met Whitcombe en Morris, Marsh etc hebben nooit die tractie gekregen.

ICR: 1970; CMI: 1977; AiG: 1980. EO, EH: 1975 of zo. Wort und Wissen: 1979.

Alles laatste 50 jaar, voor die tijd geen enkele organisatie.

Reply
Jan van Meerten

Geachte Peter, ik ontken nergens dat Whitcomb en Morris een belangrijke bijdrage geleverd hebben aan de opleving van het scheppingsparadigma, net zoals McCready Price of Fairholme hier een bijdrage aan hebben geleverd. Maar dat is nog wat anders dan dat het ook ontstaan is met Whitcomb en Morris. De basis van het scheppingsparadigma (de scheppingsleer) is al eeuwenoud en heeft overleefd in de kerken bijvoorbeeld via o.a. Calvijn/Luther – o.a. Nadere Reformatie – o.a. Reveil/Afscheiding – heden. De verklaring van de werkelijkheid (het scheppingsmodel) bestaat ook al veel langer lijn loopt bijvoorbeeld via o.a. William Whiston – o.a. Scriptural Geologists – o.a. George McCready Price – o.a. Harold Clark maar ook Byron C. Nelson – o.a. Whitcomb/Morris – heden. Ik schrijf veel o.a. omdat er meer te noemen valt. Scheppingsleer en scheppingsmodel zijn wel onderscheiden maar er is geen boedelscheiding tussen die twee. Ten onrechte geeft u aan dat ik alles op een hoop gooi, en ook ziende op mijn oorspronkelijke artikel is dit onjuist.

U schrijft: ICR: 1970; CMI: 1977; AiG: 1980. EO, EH: 1975 of zo. Wort und Wissen: 1979. Alles laatste 50 jaar, voor die tijd geen enkele organisatie.

Ik neem aan dat u hiermee probeert aan te tonen dat het moet zijn ontstaan na Morris/Whitcomb. Contradata: DGS (Deluge Geology Society): 1938; EPM (Evolution Protest Movement): 1932; Loma Linda University: 1909, Southern Adventist University: 1892. Er zijn ook nog veel organisaties daarvoor te noemen die creationisten in hun gelederen hadden die ook diverse creationistische publicaties het licht lieten zien zoals bijvoorbeeld Victoria Institute (1865) en de Vrije Universiteit (1880). Het is onhoudbaar te stellen dat het scheppingsparadigma begon bij Whitcomb en Morris.

Reply
Peter

Jan van Meerten blijft theologische scheppingsgeloof uit vorige eeuwen en het ‘wetenschappelijke scheppingsmodel’ door elkaar gooien. Zijn historisch overzicht laat zien dat het Flood model geen tractie had voor Whitcombe/Morris. Daarmee laat hij de wel interessant vraag waarom Whitcome/Morris aansloeg liggen. De meest gehoorde verklaring is hoger opleidingsniveau van de bevolkingsgroep die het traditionele verhaal vanaf de kleuterschool gehoord hadden, en nu geconfronteerd werden met andere opvattingen. Jan van Meerten noemt vier organisaties van vóór 1960: de Deluge Geology Society is zo (…) [onbekend] dat het niet eens in wikipedia voorkomt; de Evolution Protest Movement was marginaal en deed niet aan Flood Geology tot na Whitcombe/Morris en Amerikaanse invloed. Volgens https://en.wikipedia.org/wiki/Creation_Science_Movement – een aanrader om te lezen voor Jan. De andere twee zijn zevende-dags-adventisten organisaties. McCready Price was ook zevende-dags-adventist. Zonder de zevende-dags-adventisten hadden we geen YEC gehad.

Jan van Meerten

Geachte Peter, u blijft mij beschuldigen van ‘het op een hoop vegen’. Mijn reacties en het artikel laten juist duidelijk zien dat dit niet het geval is. Ik maak duidelijk onderscheid binnen het scheppingsparadigma tussen scheppingsleer en scheppingsmodel. U schrijft: “De meest gehoorde (…) met andere opvattingen.” Graag wat data ter onderbouwing van deze quote. Door te wijzen naar het ‘traditionele verhaal’ schiet u uzelf in de voet, dat laat namelijk zien dat in ieder geval de scheppingsleer veel ouder is dan McCready Price. Overigens ontken ik nergens dat McCready Price een belangrijke bijdrage geleverd heeft aan de opleving van het scheppingsparadigma, zie mijn reactie van 23 mei 2016. Wat de DGS of de geschiedenis van het scheppingsparadigma betreft zou ik inderdaad Wikipedia niet willen gebruiken als ultieme bron van waarheden. Je kunt dan beter de originele bronnen lezen van de personen verbonden met DGS. Het is goed om te zien, waarde Peter, dat uw grens verschuift naar McCready Price als beginpunt van het scheppingsparadigma. Dit is nog steeds onjuist, zoals ik ook op 23 mei 2016 aangeef en ik in dit artikel kort weergeef, maar we vorderen 2,5% op de tijdlijn van het Christendom.

Reply
Peter

We vorderen niet echt, want met Scriptural Geologists hield het (…) [protest] tegen geologie op, DGS etc. hadden geen weerklank, de zevende-dags-adventisten zijn geen christelijke hoofdstroom maar leverden wel McCready Price op – die buiten zijn zevende-dags-adventisten omgeving geen voet aan de grond kreeg – tot dat we bij Whitcombe en Morris komen.

Jan van Meerten schreef bovenaan: “Het is m.i. daarom niet juist om te spreken van een ‘beweging’ die begonnen zou zijn met McCready Price. Voor de laatste 500 jaar NL heeft deze gedachtegang in ieder geval overleefd in Calvijn/Luther – Nadere Reformatie – Reveil/Afscheiding.” Kijk, daar komen de problemen. Calvijn/Luther – Nadere Reformatie – Reveil/Afscheiding hebben geen wetenschappelijke insteek, alleen een theologische. Zolang Jan van Meerten niet ziet dat dat dat ‘wetenschappelijke scheppingsmodel’ een ander verhaal is dan de theologisch scheppingsleer, blijven we hier steken.

De belangrijke vraag is waarom Whitcombe en Morris er in slaagden een redelijk deel van vooral de Amerikaans evangelicalen achter zich te krijgen, terwijl dat steeds daarvoor (…) [mislukt] was. Schrok men van wat er bekend bleek toen het opleidingsniveau toenam? Ook in Nederland: de refo-evangelicalen die zich ingraven nu evolutie (…) in het eindexamen staat. Daarvoor kon men evolutie negeren, nu niet meer.

Reply
Jan van Meerten

Geachte Peter, u schrijft: hadden geen weerklank, het gaat hier niet om de invloed van het scheppingsparadigma maar om het bestaan en ontstaan ervan. Met de ‘scriptural geologists’ vorderen we weer 7,5% op de tijdlijn, de stap naar Whiston, Woodward en Scheuchzer is nu niet ver meer. U schrijft: “Kijk, daar komen de problemen. Calvijn/Luther – Nadere Reformatie – Reveil/Afscheiding hebben (…) blijven we hier steken.” Het valt op dat u, waarde Peter, nu zelf geen onderscheid meer maakt tussen scheppingsleer en scheppingsmodel. Ik daarentegen blijf het onderscheid hanteren tussen leer en model, daarbij niet overgaand in een boedelscheiding omdat ze wel degelijk met elkaar te maken hebben. U schrijft: De belangrijke vraag (…). Dat is een interessante vraag maar heeft m.i. weinig te maken met het ontstaan en het bestaan van het scheppingsparadigma.

Reply
Evert

(…) Ik zou graag weten welk gedachtegoed nu precies wanneer en door wie is ontstaan? Net zoals ik graag zou willen weten hoe de aarde is ontstaan. Als we niet weten hoe het gedachtegoed is ontstaan, [dan] zal ik [denk ik] mijn ambities over het ontstaan van de aarde misschien ook maar moeten matigen.

Reply
Peter

“Het is m.i. daarom niet juist om te spreken van een ‘beweging’ die begonnen zou zijn met McCready Price. Voor de laatste 500 jaar NL heeft deze gedachtegang in ieder geval overleefd in Calvijn/Luther – Nadere Reformatie – Reveil/Afscheiding.”

Nog steeds: Jan van Meerten gooit theologie (Calvijn) en (…) wetenschap (McCready Price) op een hoop. Na de ‘Scriptural Geologists’ – geen geologen maar theologen – van de eerste helft van de 19de eeuw zijn er geen pogingen geweest een alternatieve geologie op te zetten tot McCready Price. Er is een goed historisch overzicht door Davis A. Young, A History of the Collapse of “Flood Geology” and a Young Earth adapted from the book The Biblical Flood: A Case Study of the Church’s Response to Extrabiblical Evidence(Eerdmans, 1995) by Davis A. Young, an evangelical Christian geologist from Calvin College http://www.philvaz.com/apologetics/p82.htm

Reply
Jan van Meerten

Geachte Peter, nog steeds: Jan van Meerten maakt het onderscheid wel zoals hierboven ook te zien is. Zijn gewaardeerde opponent doet dat volgens hem de ene keer wel en de andere keer niet. U schrijft: “geen geologen maar theologen” Dit geeft [m.i.] een onjuist beeld van de Scriptural Geologists. Andrew Ure was bijvoorbeeld een chemicus.

U schrijft: “Van de eerste (…) tot McCready Price.” Dit geeft [m.i.] ook een onjuist beeld van de ontwikkeling van het scheppingsreferentiekader, wat mij betreft past het beter bij de geschiedenis om te zeggen: er bestaat geen periode in de geschiedenis na 1600 dat er niet werd nagedacht over zondvloedgeologie binnen een scheppingsreferentiekader. Drie voorbeelden (maar er zijn er veel meer te noemen) van de tweede helft van de 19e eeuw: Antonio Snider-Pellegrini, David and Eleazar Lord en Isaac Vail. Daarnaast was McCready Price goed op de hoogte van het werk van de scriptural geologists Young en Fairholme. Dat valt te lezen in enkele van zijn eerste boeken (Illogical Geology en The Fundamentals of Geology)

Goed dat u het boek van Young noemt. Zijn boek is ook een onderbouwing voor de bovengenoemde stelling dat het scheppingsreferentiekader oude papieren heeft. Hij schrijft bijvoorbeeld over de relatie tussen ‘scriptural geologists’ en ‘creationists’ het volgende: “In many ways modern flood geology is a descendant of the though of the ‘scriptural geologists’ of the early nineteenth century such as Penn, Fairholme, Bugg, and Young, and of such later nineteenth-century authors as the Lords and Isaac Newton Vail.” Het boek is inderdaad zeer lezenswaardig, alhoewel ik het niet met alles eens ben, laat het in globale lijnen zien hoe er door het christendom over de zondvloed gedacht werd. Dat overzicht vormt mijns inziens echter een probleem voor mensen die verdedigen dat het scheppingsreferentiekader begonnen is bij McCready Price.

Reply
Jan van Meerten

Gisteren had ik een discussie met de geachte Peter onder een ander artikel. Zelf ben ik van mening dat het beter hier past daarom zal ik hier reageren. Om onder dat artikel mijn laatste reactie te lezen, klik dan hier.

Peter schrijft daar: “Dat is (…) de natuurwetenschap.”

Ik weet dat dit uw mening is maar die wordt naar mijn mening niet onderbouwd met historische gegevens. Integendeel. Daarnaast is de reactie [m.i.] geschreven vanuit de vooronderstelling dat alle creationisten reactionair zijn. Allereerst wordt mijns inziens [hier] het scheppingsmodel en de scheppingsleer door elkaar gehaald. Namelijk dat de creationistische scheppingsleer een reactie zou zijn op naturalistische wetenschappelijke verklaringsmodellen. Maar als we teruglezen in de geschiedenis dan lezen we, bijvoorbeeld bij de kerkvaders en de reformatoren, dat de scheppingsleer van de creationisten al bestond ver voor de opkomst van de moderne naturalistische wetenschappen. Ook het scheppingsmodel is geen reactie op de moderne naturalistische wetenschap maar kwam op vanuit de behoefte om de werkelijkheid te verklaren binnen een scheppingsreferentiekader. Maar zelfs al zouden creationisten alleen reactionair zijn, wat voor mij duidelijk niet het geval is, dan is de grens 1850 naar mijn mening arbitrair getrokken en doet deze geen recht aan de historische gegevens. Ik denk bijvoorbeeld alleen al aan het debat (al dan niet live gevoerd) tussen William Cockburn (scriptural geologist) en Adam Sedgwick (naturalist) halverwege de 19e eeuw. Daarnaast spreekt de geachte Peter zichzelf tegen. Eerst bestond de scheppingsleer van creationisten niet voor 1850, nu echter geeft hij aan dat de scheppingsleer van creationisten al in de 18e en 19e eeuw (1701-1900) bestond. Het is inderdaad goed verdedigbaar dat de scheppingsleer van creationisten al in de 18e eeuw bestond, naar mijn mening bestond die overigens al veel eerder. We verschuiven daarmee zowel qua scheppingsleer als qua scheppingsmodel een stukje op de tijdbalk van het christendom.

Reply
Jan van Meerten

De geachte Peter schrijft hier: “jullie wetenschappelijke model is van 500 BC”. Dat is een zeer grote sprong op de bovengenoemde tijdbalk. Is de scheppingsleer van creationisten ook zo oud, geachte Peter, of alleen het scheppingsmodel van creationisten?

Reply
Peter

Niet de scheppingsleer natuurlijk; die bestaat so-wie-so niet. Genesis is zo oud (misschien) en geeft noch scheppingsleer noch scheppingsmodel. Aleen [creationisten] denk[en] dat.

Tot ergens tussen 1750 en 1800 was Genesis 1 voor de meeste mensen, zelfs geïnformeerde mensen, vergelijkbaar met de geschiedenis van de graven van Holland of de geschiedenis van de Peleponnesische oorlog. Daar kwam een eind aan tegen het einde van de 18de eeuw, en zeker toen in Engeland voor het delven van steenkool en het graven van kanalen kaarten van de ondergrond nodig werden. In 1839 is de zondvloed definief uit de wetenschap afgevoerd. De ‘scriptural geologists’ hadden weinig expertise, en waren tussen 1841 en 1858 allen gestorven (volgens wikipedia scriptural geologists). Daarna is een schepping in zes dagen het exclusieve domein van de orthodoxere kerken, en schuift dat door totdat alleen de steeds strengere orthodoxie er nog in gelooft als werkelijkheid. Bovendien was er voor 1800 niet de minste kennis van het oude Nabije Oosten, en in 1900 en nu wel. Zodat er nu context is voor Genesis. Tussen het uitsterven van de scriptural geologists en McCready Price is er geen serieuze poging tot anti-geologie, en ook McCready Price sloeg niet aan – te veel zevende dags adventist. De kerken waren nog helemaal bezig met zes-dagen-schepping, en als ze als iets van geologie wisten waren ze tegen, maar het bleef theologie. Pas met The Genesis Flood van Whitcome en Morris komt er iets op gang dat zich wetenschappelijk noemt. Dat is in 1961. Pas na 1961 is er een poging om een zesdaagse schepping wetenschappelijk te maken die ook nog aansloeg bij mensen die hun bijbelopvatting wilden verdedigen. Dus Jan van Meertens ‘scheppingsparadigma’ is een recente ontwikkeling, 56 jaar oud, en trouwens geen paradigma want er is geen samenhangend verhaal dat op [de moderne] wetenschap lijkt.

Jan van Meerten

De geachte Peter schrijft: “Tot ergens tussen 1750 (…) de Peleponnesische oorlog.” Mooi dat hij, qua scheppingsleer, mijn betoog onderschrijft. In het bovenstaande beschuldigde de geachte Peter mij onterecht van een verhaspelen van theologie met wetenschap. In zijn betoog doet hij dit echter zelf. Daarnaast wordt er door hem ook een lijn geschetst van de naturalistische wetenschap, dit is off-topic omdat het in het bovenstaande gaat over de geschiedenis van het scheppingsreferentiekader en niet over die van het naturalistische referentiekader. Dat de zondvloed uit de naturalistische wetenschap gevoerd wordt en dat er een pleidooi gevoerd wordt om Genesis naturalistisch als aftreksel te beschouwen van Nabij-Oosterse-Mythologieën is naturalistisch wellicht interessant maar heeft weinig van doen met de geschiedenis van het scheppingsreferentiekader. Ook de beschuldiging dat scriptural geologists weinig expertise hadden doet er niets aan af dát het creationistische gedachtengoed al bestond. Het gaat erom dát sommige gelovigen in hun scheppingsreferentiekader creationistisch dachten. Het volgen van Wikipedia is evenmin verstandig zoals ik hierboven enkele namen gaf, waar Peter nog niet op ingegaan is. Er is geen gap tussen scriptural geologists als de Lord brothers en McCready Price. Het creationistisch gedachtengoed laten beginnen bij Morris & Whitcomb is zeer onjuist zoals hierboven door mij al eerder betoogd maar genegeerd door de geachte Peter. We kunnen zelfs zeggen dat er geen boek Whitcomb & Morris zou bestaan zonder de eerdergenoemde personen die soms ver voor de auteurs leefden. Daarnaast spreekt de opponent zichzelf tegen. Eerst noemt hij het ‘wetenschappelijke model’ afkomstig uit 500 BC maar nu is het weer begonnen in 1961. We kunnen daarom met een gerust hart vasthouden aan een lijn zoals hierboven eerder door mij geschetst. Hierbij gaat het scheppingsmodel zeker terug tot 1600 en het scheppingsgeloof terug tot het begin van de wereld. Zo niet, laat de geachte Peter dan die lijn aanvechten.

Reply
Jan van Meerten

De geachte Peter geeft het volgende op Sterrenstof (de website van de geachte bioloog dr. René Fransen) te kennen: “Creationisme is failed science, en dat al 200 jaar.”. Nu gaat het mij niet om het eerste, daar wordt elders op deze website al over gediscussieerd en zou op deze plaats offtopic zijn, maar om het tweede. De geachte Peter geeft namelijk aan dat het scheppingsreferentiekader al >200 jaar bestaat en daarmee al minstens sinds 1817. Deze stelling komt dicht in de buurt van mijn gedachte, namelijk dat het scheppingsreferentiekader van creationisten al in de 19e eeuw bestond en niet ontstaan is met Whitcomb & Morris of met McCready Price. Zie o.a. ook mijn reactie van 10 augustus 2016.

Reply

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

 tekens over