Er bestaat geen enkel bewezen voorbeeld voor macro-evolutie. Aaneengeschakelde micro-evolutie levert geen macro-evolutie op, omdat daarbij geen nieuwsoortige organen, structuren en functies ontstaan en geen toename van daarvoor passende informatie in het erfelijk materiaal van het levende wezen plaatsvindt. Daar komt nog bij, dat tegenwoordig waargenomen micro- evolutie 10.000 tot 10 miljoen keer sneller kan verlopen, dan dat in het algemeen uit de fossielen afgeleid wordt.

dog-1532754_1280

Ontwikkelingen en genetische veranderingen in de volgende generaties bestaan inderdaad. Goede voorbeelden daarvoor zijn vorming van rassen binnen een biologische soort. Zo zijn uit de soort wolf (Canis lupus) honderden hondenrassen voortgekomen, van de Pekingees tot aan de Sint-Bernard. Hond blijft echter hond. Dat is micro-evolutie.

We kunnen een grote variatie binnen een niet overschreden bandbreedte waarnemen. Een brede ontwikkeling van rassen vond in het bijzonder plaats bij huisdieren. Hier heeft de mens mutaties verzameld, met elkaar gekruist en naar zijn wens geselecteerd. Zo werd bijvoorbeeld de soort rotsduif (Columba livia), waarmee zich ook Charles Darwin intensief heeft beziggehouden, door telers in meer dan duizend rassen opgesplitst.

Gedurende zijn onderzoeksreis heeft Darwin op de Galapagoseilanden exemplaren van verschillende vinken verzameld. Op deze Pacific eilanden komen opvallend veel vinkensoorten voor (in totaal worden 13 soorten onderscheiden, die in lichaamsgrootte alsook in snavelvorm en -grootte verschillen). Vaak worden deze Darwinvinken als een bewijs voor evolutie in het algemeen aangevoerd, ofschoon onbetwist is, dat de veranderingen bij deze vogels binnen het bereik van de micro-evolutie liggen. Deze verschillende soorten zijn nog altijd vinken en zullen ook vinken blijven.

Macro-evolutionaire ontwikkelingen

Volgens Darwin’s leer over de afstamming der soorten, zouden organismen in hun biologische geschiedenis, door spontane gebeurtenissen in hun genetisch apparaat (mutatie, selectie, gentransfer, recombinaties, genduplicatie, en andere factoren) heel nieuwe, voordien niet aanwezige complexe bouwplannen, organen en functies kunnen doen ontstaan. In die zin wordt in de regel het begrip evolutie, „ontwikkeling tot iets hogers”, toegepast.

Bij een veronderstelde ontwikkeling tot iets hogers, bijvoorbeeld van zoogdieren uit reptielen, moeten structuren ontstaan zoals haar, borstklieren, systemen voor de temperatuurregeling en alles, wat de zoogdieren verder nog van de reptielen onderscheid. Echter:

Deze zogenaamd nieuw ontstane structuren onderscheiden zich van „oude” structuren niet slechts in één gen, maar meestal in vele genen, waarvan het ruimtelijke en chronologische activiteitspatroon precies op elkaar afgestemd moeten zijn. Bij macro-evolutionaire processen moet dit ook bij elke afzonderlijke tussenvorm het geval zijn. Het samenspel van de genen moet altijd kloppen.

Snelle vorming van soorten ofwel micro-evolutie

Dat micro-evolutie plaatsvindt is onbetwist. Echter er is ook vastgesteld, dat zij 10.000 tot 10 miljoen maal sneller verlopen kan, dan vanuit veel reeksen in de fossielen beweerd wordt.12

In tegenstelling tot vroegere theorieën kunnen dieren zich binnen enkele generaties aan veranderde milieuomstandigheden aanpassen.3 Dus is duidelijk, dat voor paleontologisch bewezen micro-evolutionaire processen vanuit biologisch oogpunt geen grote tijdsperioden noodzakelijk waren.4

Voetnoten

  1. Virginia Morell, Predator-free guppies take an evolutionary leap forward, Science 275, 28. March 1997, p. 1880.
  2. Stephen Jay Gould, Das Paradox des sichtlich Irrelevanten, in: Die Lügensteine von Marrakesch, Frankfurt/M., 2003, S. 411 – 429.
  3. Klaus Neuhaus, Schnelle Anpassung von Leguanen (Anolis) an neue Lebensräume, Studium Integrale 1997/4, S. 81 – 83.
  4. Uwe Brüggemann, Studium Integrale 1998/1, S. 38 – 39.

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

95 Stellingen

Written by

Weliswaar zijn sinds de eerste uitgave van Charles Darwins boek "Het ontstaan van soorten" op 24 november 1859 ontelbare feiten bekend geworden, die heel duidelijk tegen de evolutietheorie spreken, maar het geloof in evolutie, oerknal en een vele miljoenen jaren oude aarde heeft zich diep in het bewustzijn van de moderne maatschappij ingenesteld. Hierbij heeft deze wereldbeschouwing langzamerhand een fundamentalistisch karakter aangenomen. In geen ander gebied van de wetenschap worden kritische stemmen zo onzakelijk en heftig aangevallen als op dit gebied van onderzoek. Wie twijfelt, wordt uit het debat over de oorsprongsvragen uitgesloten en niet zelden bestreden. De eigenwijsheid van de leidende disciplines in wetenschap, onderwijs en media doet denken aan de koppigheid, waarmee de Rooms Katholieke kerk in de Middeleeuwen haar toenmalige wereldbeeld verdedigd heeft. Op 31 oktober 1517 heeft de hervormer Maarten Luther 95 stellingen gepubliceerd, waarmee hij de toenmaals wijdverbreide aflaatpraktijk ter discussie stelde. Deze bemoeienis heeft een kettingreactie veroorzaakt, die uiteindelijk tot de Reformatie leidde. Op gelijke wijze moeten de hier aanwezige 95 stellingen tot een verandering van denken in het oorsprongsdebat bijdragen. Met deze publicatie willen wij ons ervoor inzetten, dat in de discussie over de oorsprong van de mensheid, het aardse leven en de kosmos een open omgang met wetenschappelijke gegevens, interpretaties en wereldbeschouwelijke stellingnamen* mogelijk wordt.

28 Comments

Peter

Voor deze stelling zie de website DEEN (Denk Eens Echt Na):
http://denkeensechtna.blogspot.nl/2009/11/95-stellingen-is-macro-evolutie.html

Het onomstotelijke bewijs voor macro-evolutie wordt [m.i.] door de fossielen gegeven. Zie bijvoorbeeld onder het artikel ‘Vogels in barnsteen’ hier op deze site de discussie over Archaeopteryx. Daar wordt door Bart Klink in detail uitgelegd waarom Archaeopteryx een duidelijke overgangsvorm tussen de ruimere groep theropode dino’s en de vogels is. De discussie daar laat [naar mijn mening] ook het probleem zien. [De] gegevens [die] Bart Klink aanbrengt, de [voor mij] overduidelijke conclusie dat de vogels binnen de dino’s horen, dus ‘dat de vogels van de dinosauriërs afstammen’, word[en] niet aanvaard, zonder dat iemand daartegen gegevens inbrengt. Voor Archaeopteryx zie:
https://nl.wikipedia.org/wiki/Archaeopteryx_(dier)

Nog wat beesten voor macro-evolutie:
– voor de honden bijvoorbeeld Leptocyon als oudste beest van de nog bestaande radiatie, en Prohesperocyon als oudste beest dat misschien, of nog niet, bij de wijde familie hondachtigen hoort https://en.wikipedia.org/wiki/Prohesperocyon en https://en.wikipedia.org/wiki/Canidae;
– een zeekoe met poten, Pezosiren https://en.wikipedia.org/wiki/Pezosiren;
– een schildpad met een half schild en tanden, Odontochelys https://en.wikipedia.org/wiki/Odontochelys;
– een voorouder schildpad, Eunotosaurus https://en.wikipedia.org/wiki/Eunotosaurus [en]
http://www.cell.com/current-biology/abstract/S0960-9822(16)30478-X;
– een slang met vier poten, Tetrapodophis http://phenomena.nationalgeographic.com/2015/07/23/a-fossil-snake-with-four-legs/;

Zo’n lijst kan [wat mij betreft] (…) langer gemaakt worden.

Reply
Radagast

Uit de link van Peter:
“Creationisten laten zich soms van hun welwillendste kant zien en geven dan toe dat micro-evolutie misschien wel mogelijk is: kleine wijzigingen binnen de soort.”

Dat is niet waar. Creationisten geloven in variatie binnen basistypen (ongeveer op familieniveau). Speciatie kan ook prima voorkomen.

“Maar wat ze er praktisch nooit bij vertellen is wat dan precies die grens tussen soorten is.”

[Een tip voor] DEEN [is om] zich in de moderne baraminologie van Wood e.a. [te] verdiepen. [Zie bijvoorbeeld:] http://creation.com/a-baraminology-tutorial-with-examples-from-the-grasses-poaceae

Hiermee is het volledige artikel [m.i. irrelevant] geworden. Creationisten accepteren soortvorming e.d. gewoon.

Reply
Hetty Dolman

“Er bestaat geen enkel bewezen voorbeeld voor macro-evolutie. Aaneengeschakelde micro-evolutie levert geen macro-evolutie op, omdat daarbij geen nieuwsoortige organen, structuren en functies ontstaan en geen toename van daarvoor passende informatie in het erfelijk materiaal van het levende wezen plaatsvindt.”

Dat is m.i. niet waar. Dat wat ‘micro-evolutie’ wordt genoemd levert wel degelijk nieuwe functies, structuren en organen op. De voorouder van een kameel [en] dromedaris had geen bulten. De voorouder van de ijsbeer had geen holle haren.

Reply
peter b

De hele discussie over micro en macro evolutie gaat over informatie en bioprogrammatuur. De biologie baseert op informatie. Er is nieuwe informatie nodig voor macroevolutie. Nieuwe programmas. Een bult maak je zonder nieuwe programmatuur, een holle haar ook. Dat zijn strukturen die je door genexpressieverschillen voor elkaar krijgt. Maar die genen die de haren maken, of die bindweefsel maken, dat is de informatie en programmatuur, waar het om gaat. Dat is nodig voor “macroevolutie”. En daar hebben de biologen geen verklaring voor.

JW

Beste Radagast,

Je haalt baraminologie aan. Wood en anderen definiëren dat op basis van ‘discontinuiteit’. Discontinuiteit is iets wat niet bewezen kan worden (je kan een eigenschap missen, en organismen niet opgenomen hebben in je studie). Het aantonen van discontinuiteit kan alleen wanneer alle soorten die geleefd hebben en die momenteel leven, opgenomen zijn in je studie. Helaas is dat onmogelijk.

Baraminologie is leuk om groeperingen aan te brengen in organismen (clusteren van vergelijkbare organismen), maar niet om te definiëren of ergens een grens ligt. Dat kan [m.i.] helemaal niet. Volgens mij is dat de grote valkuil van baraminologie. Gangbare cladistiek doet dit overigens ook, maar worden de ‘lijntjes’ doorgetrokken vanwege aanname van de gemeenschappelijke voorouder.

Tot dusverre hebben creationisten geprobeerd om een grens aan te geven tussen soorten, maar daar valt nogal wat op af te dingen. Vanuit een jongeaarde model zijn de scheppingsdagen een mooie maat om te bepalen wat niet onder soortvorming valt. Walvissen op een andere dag dan vleermuizen, etc. Planten op een andere dag dan dieren.

Reply
Radagast

Geachte JW,

Ik haalde baraminologie aan als reactie op de stelling van DEEN, dat creationisten niet vertellen wat de grens tussen soorten is. Dat vertellen creationisten dus wel, met baraminologie.

Voor zover ik weet, geven creationisten openlijk toe dat hun discontinuïteiten niet absolute feiten zijn. Nieuwe ontdekkingen kunnen nieuw licht werpen op de zaak. Bekijk bijv. dit filmpje van Todd Wood eens: http://logosnl.wpengine.com/hoe-creationisten-over-soortvorming-denken/. Op een gegeven moment (vanaf 7:30) zegt hij dat een fossiele vorm, die hij in het filmpje niet bespreekt, wel eens de discontinuïteit kan opheffen en dat dat de inzichten kan veranderen.

JW

Beste Radegast,

Inderdaad dat wordt ronduit toegegeven, wat prachtig is. Maar wetenschap moet toetsbaar zijn. Continuiteit is toetsbaar, discontinuiteit [m.i.] niet. Elke claim gebaseerd op discontinuiteit is daarom [wat mij betreft] niet wetenschappelijk! Maar je hebt gelijk dat gepoogd wordt om soortsgrenzen te verduidelijken. Maar is een poging genoeg?

Reply
Hetty Dolman

Peter B

“Een bult maak je zonder nieuwe programmatuur, een holle haar ook. Dat zijn strukturen die je door genexpressieverschillen voor elkaar krijgt.”

(…) Er moet in mijn ogen genetisch toch wel iets gebeuren voordat je nakomelingen twee zeer functionele structuren krijgen de hen helpen bij het overleven. Maar dan nog moet de tekst van bovenstaand artikel [wat mij betreft] aangepast worden [in]:

“Er kunnen wel degelijk nieuwe structuren en functies ontstaan binnen de micro-evolutie als dat mogelijk is binnen de z.g. genexpressie. Want het zijn nieuwe functies en het zijn nieuwe structuren. Dat is dan [m.i.] verkeerd geformuleerd.

Reply
Bart Klink

Als creationisten het onderscheid tussen micro-en macro-evolutie willen verdedigen, moeten ze [wat mij betreft] eerst duidelijk maken hoe we ‘basistypen’ bij fossielen kunnen onderscheiden. In eerdere discussies heb ik geen antwoord gegekregen op die vraag. Nu [zou ik dat graag] wel [willen zien.] Het onderscheid is [m.i.] cruciaal voor het creationisme!

@Radagast: als ‘basistypen’ “ongeveer op familieniveau” kunnen variëren. Betekent dit dan ook dat mensen gorilla’s, chimpansees, orang-oetans tot hetzelfde ‘basistype’ behoren. Ze [b]e[h]oren immers allemaal tot dezelfde familie: Hominidae. Zo niet: wat zijn dan de criteria?

Reply
Radagast

Beste Bart,
De moderne baraminologie van o.a. Todd Wood kan ik [ook] niet helemaal begrijpen. Wood is zelf bezig met de baraminologie van mensen (en kwam daarmee tot de controversiële conclusie dat de A. sediba tot de holobaramin van de mensen behoorde). Ik weet uit ervaring dat hij je welwillend te woord staat(zie ook zijn mogelijkheid tot feedback bij elke post op zijn blog). Je kunt de baraminologische methodes ook voor fossielen hanteren, wat gedaan is bij verschillende dinosauriërs en Avialae en nog veel meer.

Ed Vaessen

“Er bestaat geen enkel bewezen voorbeeld voor macro-evolutie.”

In 1850 had nog niemand een foto van een ronde aarde gezien. Men had die ook niet nodig om te weten dat de aarde rond was.

Reply
Peter

Radagast en overige creationisten hier zijn niet ingegaan op de voorbeelden van macroevolutie die ik gaf. [Wat betreft] baraminologie (…): Todd Wood vindt de families terug met wat statistiek, en daarna neemt hij [m.i.] zonder verder betoog aan dat het om baramin gaat. Het meest cruciale punt is bij baraminologie een eenvoudige aanname.

(…) Creationisten [negeren] de voorbeelden van macro-evolutie [maar] ze [kunnen m.i. beter] bekennen dat macro-evolutie en micro-evolutie een glijdende schaal vormen zonder vaste grens. Zie [ook] de bijdrage van Jente op zijn website, over de Sorites paradox. [Wat doen] (…) creationisten [met] een fossiele 220 miljoen jaar oude schildpad met tanden en een half schild (etc.)[?]

Reply
Bart Klink

Radagast, ik wil graag van de creationisten hier horen hoe we de basistypen bij fossielen kunnen onderscheiden. Als (macro-)evolutie waar is, is dit niet mogelijk, want hoe meer overgangsvormen we vinden, hoe vager de grenzen worden. Als creationisme daarentegen waar is (en overgangsvormen dus niet bestaan), zou het toch heel eenvoudig moeten zijn om de ‘basistypen’ van elkaar te onderscheiden? Waarom gaan je hier dan niet op in? Hierin doen beide ‘modellen’ dus verschillende voorspellingen, maar alleen die van evolutie komt uit.

Dit probleem van grenzen tussen ‘basistypen’ geldt niet alleen voor de evolutie van vogels uit dino’s (zie mijn eerdere discussie hierover), maar bijvoorbeeld ook voor die van de mens. Juist hier zou je verwachten dat er een overduidelijk verschil is tussen de mens en andere dieren (in het bijzonder de andere apen). Dat is er [naar mijn mening] echter niet, en creationisten kunnen er onderling zelfs niet uitkomen welk fossiel een mens en welke een aap is! [Zie ook:] http://www.talkorigins.org/faqs/homs/compare.html

Als evolutie waar is, mag je een morfologisch continuüm verwachten, geen duidelijke grenzen. Dat is ook wat de fossielen laten zien. Hier bijvoorbeeld voor schedelgrootte van mensachtigen: http://www.pandasthumb.org/archives/2006/09/fun_with_homini.html Er is wederom geen duidelijke grens. Dat is [m.i.] wat je op grond van evolutie mag verwachten, niet op grond van creationisme.

Reply
Radagast

Beste Peter,

De voorbeelden die jij gaf zijn m.i. goede argumenten voor de evolutietheorie. Ze zijn echter niet onoplosbaar binnen het scheppingsmodel. Wat kan een Schepper ervan weerhouden om bijv. een zeekoe met poten te scheppen? Waarom kan de schildpad zijn schild niet verkregen hebben door evolutie (ik ken creationisten die dat geloven)? Wat betreft baraminologie: baraminologie is geen bewijs tegen de evolutietheorie o.i.d., het is een werkwijze. De normale werkwijze in de wetenschap is om alle organismen met lijntjes te verbinden en zo een stamboom te maken. Dat dat zou moeten, is een aanname. Baraminologie gaat er vanuit dat er meerdere onafhankelijke stambomen zijn en werken daarvanuit. Nieuwe vondsten kunnen de ET-levensboom wijzigen, nieuwe vondsten kunnen ook de baraminologiebomen wijzigen.

Beste Bart,
Waarom ik daar niet op in ga, heb ik al gezegd: ik heb daar te weinig verstand van. Ik ben nu zelf n.a.v. de barnsteendiscussie de veronderstelde dino-vogelevolutie aan het onderzoeken. Het argument ‘creationisten kunnen er onderling zelfs niet uitkomen’ is [m.i.] allang weerlegd. Hoeveel creationisten hebben beschikking tot menselijke fossielen? Hoeveel creationisten zijn paleoantropoloog? Jij laat een grafiek van schedelgrootte zien, ofwel je neemt één kenmerk. Baraminologen bekijken zoveel mogelijk kenmerken tegelijk en dan schijnt de discontinuïteit zichtbaar te zijn (dat zegt Todd Wood i.i.g.).

Ik zie uit naar jullie reacties, maar zal voorlopig wegens vakantie zelf niet meer reageren.

Reply
Peter

Radagast zegt: “Wat kan een Schepper ervan weerhouden om bijv. een zeekoe met poten te scheppen?”

Niets natuurlijk. Het punt is alleen dat je met schepping op op vele uitzonderlijke uitgestorven beesten uitkomt, zonder verband, en met evolutie op een duidelijk verhaal. Een zeekoe met poten is wat je verwacht bij afstamming van zeekoeien van landbeesten. En dat is dus [m.i.] duidelijk gedocumenteerd.

Peter

Radagast: “Baraminologen bekijken zoveel mogelijk kenmerken tegelijk en dan schijnt de discontinuïteit zichtbaar te zijn (dat zegt Todd Wood i.i.g.).”

Dan vindt Todd Wood de bekende families terug, in het meeste van zijn werk.

“Baraminologie gaat er vanuit dat er meerdere onafhankelijke stambomen zijn en werken daarvanuit.”

Todd Wood vindt groeperingen en noemt dat discontinuïteiten. Onthoud dat elke indeling groepen maakt waarbij de verschillen binnen de groep kleiner zijn dan tussen de groep. Zoals je zegt, er wordt bij baraminologie vanuit gegaan dat er onafhankelijke stambomen zijn, dus dat punt is [hiermee] niet bewezen. De methode van Todd Wood is gebruikt door Phil Senter om te laten zien dat de gaten in het fossiele verslag geleidelijk gedepmt worden. Het artikel is “Using creation science to demonstrate evolution” in het Journal of Evolutionary Biology. De conclusie is: “I apply CMDS to a phylogenetic analysis of coelurosaurian dinosaurs and show that it reveals morphological continuity between Archaeopteryx, other early birds, and a wide range of nonavian coelurosaurs.” Zie [ook:] http://toddcwood.blogspot.nl/2010/06/baraminology-in-journal-of-evolutionary.html

Bart Klink

Radagast. dat je er niet verder op in wilt gaan omdat je hier geen verstand van hebt snap en respecteer ik. Ik ben dan wel erg benieuwd naar de reacties van andere creationisten, want dit is [m.i.] een cruciaal punt! Creationisten kunnen alle gegevens gewoon uit de wetenschappelijke literatuur halen; daarin worden alle fossielen kwalitatief en kwantitatief beschreven en met foto’s afgebeeld. Dit zou [m.i.] dus geen reden mogen zijn dat ze er onderling niet uitkomen.

De schedelgrootte is een zeer belangrijk kenmerk omdat dat het voornaamste fossiele verschil is tussen moderne mensen en de andere apen. Je kunt vergelijkbare morfologische continua ook maken voor andere fossiele kenmerken (bouw voet, inclinatiehoek knie, heupvorm, verhouding armen-benen, gebit enz.). Ook daarin zie je dat de grenzen vervagen naarmate er meer fossielen worden gevonden. Ook dit bevestigt [naar mijn mening] evolutie en weerspreekt creationisme. Fijne vakantie!

Reply
GWP

Bart, Peter Borger legt in zijn boek ‘Terug naar de Oorsprong’ uit waarom mensen geen apen zijn. De schedelgrootte en -vorm kunnen bij mensen variëren. Daarom hoeven fossiele ‘apen’ niet eens apen te zijn, maar zouden dat ook gewoon mensen kunnen zijn. De exacte uitleg kan ik zo niet noemen, daarvoor zou je toch bij Borger ten rade moeten gaan.

Hetty Dolman

Hoi GWP,
“Bart, Peter Borger (…) rade moeten gaan.”

Mensen zijn geen apen. Er is niemand die dat beweert. Mensen en apen hebben dezelfde voorouder en daarom zijn we wel verwant aan apen, maar horen desondanks tot de familie van Hominidae i.t.t. apen. We behoren wel tot de orde van primaten, zoals apen. [Zie:] https://nl.wikipedia.org/wiki/Mens

Reply
Bart Klink

GWP, ik ken Borgers boek en heb er een uitgebreide kritische recensie van geschreven, zie [dit artikel] op mijn site.

De variatiegrootte bij mensen is niet eindeloos groot. Er is een morfologische continuüm van een kleine schedel, met een achterhoofdsgat aan de onder-achterkant, zware, vooruitstekende kaak, zware wenkbrauwbogen en andere primitieve (aapachtige) kenmerken tot de moderne mens. Daarnaast hebben ze ook nog de juiste ouderdom (je vindt geen moderne schedels van 5 miljoen jaar oud). Dit pleit voor (macro-)evolutie en tegen creationisme.

Reply
peter b

B[art] K[link] heeft een poging gedaan, in 2010 als ik me niet vergis, om mijn stellingen in [Terug naar de Oorsprong] te weerleggen, maar [is daar naar mijn mening niet in geslaagd]. In de tussentijd zijn we 6 jaar verder en mijn stellingen werden [m.i.] allemaal verder onderbouwd met nieuwe moleculair biologische data. Deze presenteerde ik afgelopen februari in Utrecht, en [Bart Klink] was in de zaal. [Ik denk dat] hij met alles instemde wat ik presenteerde want hij had geen commentaar en geen opmerkingen. We kunnen m.i. met een gerust hart afstand nemen van universele gemeenschappelijke afstamming. Het is niet waar [want] het werd weerlegd door de biologische data.

[@Hetty Dolman:]
Mensen zijn wel degelijk gewoon apen volgens de evolutionisten. Het zijn moderne apen (lees ook wat [Bart Klink] er over zegt, hieronder) en je mag [m.i. ook] rustig zeggen dat de mens van apen afstamt. Je mag niet zeggen dat ze van de moderne nu levende apen afstammen. Volgens de evo[lutionist] zijn we verder niets [meer] dan een aap, niets meer dan een konijn, niet belangrijker dan een insect of bacterie.

Hetty Dolman

Dank je wel Bart. Ik heb even wat rond gelezen. Ik moet ineens denken aan het boek wat vroeger bij ons thuis lag: “De aangeklede aap…” Valt trouwens wel onder micro evolutie.

Reply
Bart Klink

Peter Borger, ik stemde zeker niet met alles in wat je in Utrecht presenteerde afgelopen februari. [Integendeel] ik [vond het echter] zinloos [om te reageren]. Als je meent dat je creationistische stellingen “allemaal verder [zijn] onderbouwd met nieuwe moleculair biologische data”, moet je dat [m.i.] presenteren op een congres voor evolutiebiologen of publiceren in relevante vakbladen [en] niet op een creationistencongres (…).

Reply
peter b

B[art Klink], mijn presentatie in Utrecht was [m.i.] een wetenschappelijke [presentatie]. Met creationisme ha[d] het weinig van doen. Ik toonde met nieuwe data [naar mijn mening] de incongruentie van de genetische boom, de genetische uniekheid van mens en chimp [en daarmee] werd de 2% mythe verder weerlegd. Ik toonde nogmaals met nieuwe voorbeelden aan waarom selectie [m.i.] geen rol van betekenis speelt in de biologie. (…)

Bart Klink

Peter Borger: een wetenschappelijke presentatie geef je [naar mijn mening] aan vakgenoten, die de kennis in huis hebben om je stellingen kritisch te kunnen beoordelen. In Utrecht sprak je voor een gelijkgezinde groep waarvan [ik denk dat] (…) de meesten niet thuis zijn in de moleculaire biologie. Er was ook geen tijd voor discussie. Ook is een wetenschappelijke presentatie meestal gebaseerd op gedaan onderzoek dat is gepubliceerd in de vakliteratuur, zodat het beoordeeld kan worden door vakgenoten. Wat heb jij in de vakliteratuur gepubliceerd op het gebied van moleculaire evolutie?

Reply

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

 tekens over