Dat God de wereld in zes dagen schiep is geloof, en dat het universum en het leven zijn ontstaan als gevolg van miljarden jaren van evolutie is wetenschap. Dat is ten minste de gangbare mening. Maar klopt dat wel? Hoe werkt wetenschap nu eigenlijk? En hoe verhoudt zich dat tot het schepping-evolutiedebat?

Hoe werkt wetenschap?

Hoe werkt wetenschap? Simpel gezegd is wetenschap niets meer of minder dan een manier om de werkelijkheid te beschrijven. Wetenschappers gaan nemen iets waar, stellen een theorie op om de waarneming te verklaren, ontwerpen experimenten om die theorie te testen en doen nog meer waarnemingen. Dat cirkeltje herhaalt zich keer op keer. Sommige theorieën blijken goed te werken, andere worden (soms pas na vele jaren) verworpen of aangepast.

Experimenteel en historisch

Dit wetenschappelijke systeem legt gelijk ook de beperkingen van de wetenschap bloot. Omdat wetenschap is gebaseerd op observaties, kan wetenschap alleen maar iets zeggen over het hier en nu. Wetenschappers kunnen bijvoorbeeld met een chemische analyse ontzettend veel informatie halen uit een dinosaurusbot, maar om écht te weten hoe en wanneer die dino leefde, zou je terug in de tijd moeten gaan om de dino zelf te observeren. Hier heb je het verschil tussen historische en experimentele wetenschap. Bij experimentele wetenschap bestudeer je het heden. Je kunt experimenten doen om je theorie te testen. Onder de experimentele wetenschap valt bijvoorbeeld natuurkunde, scheikunde, techniek en biologie.

wetenschap

Aan de andere kant heb je historische wetenschappen. Wat je bestudeert (het dinobot) bevindt zich nog steeds in het heden, maar het onderwerp (de dinosaurus) zit in het verleden. Aardwetenschap (geologie), fossielenkunde (paleontologie) en de studie van menselijke beschavingen (archeologie) en literatuur (geschiedenis) en ook evolutie en schepping vallen onder deze tak van wetenschap.

Wetenschap = geloof

Omdat bij historische wetenschappen het onderwerp dat je bestudeert zich in het verleden bevindt, kun je geen experimenten doen. Je kunt niet terug in de tijd gaan om te zien hoe de Romeinen Massada belegerden of hoe de Grand Canyon is ontstaan. Daarom moet je aannames maken over wat er in het verleden is gebeurd, bijvoorbeeld dat Flavius Josephus het Beleg van Massada correct omschrijft of over de processen die een rol spelen bij het uitslijten van ravijnen. Die aannames zijn in feite een geloof, je hebt geen enkele mogelijkheid om ze te controleren of om het zeker te weten.

Iedereen doet de hele dag door aannames. Je neemt aan dat de stoel waarop je zit je gewicht kan dragen, dat alle automobilisten in Nederland rechts rijden, dat er warm water uit de kraan en stroom uit de muur komt. Die aannames zijn gebaseerd op je eigen ervaringen en wat je hebt geleerd. Dat hele systeem van aannames, geloof, en ervaringen kun je samenvatten onder de term ‘wereldbeeld’. Iedereen heeft een wereldbeeld, een soort van bril waardoor je naar de wereld, je medemens en jezelf kijkt. Moslims hebben een islamitische bril, christenen een Bijbelse bril en atheïsten een atheïstische (of: naturalistische) bril. De meeste wetenschappers hebben deze laatste bril. Waarom is dat?

Wetenschappelijke basis

Wetenschap heeft grenzen en spelregels. Die worden niet bepaald door de wetenschap zelf, maar door de filosofie. Wetenschapsfilosofie heet dat vakgebied. Tot lang na de middeleeuwen werd wetenschap vanuit een Bijbelse bril bedreven. Zo waren er wetenschappers die in de aardlagen sporen van de zondvloed zagen. Dat veranderde in de Verlichting. Steeds meer wetenschappers kwamen in de knoop met de Bijbelse ouderdom van de aarde. Men bedacht nieuwe theorieën, van langzame, geleidelijke evolutieprocessen. De Bijbel werd als wetenschappelijke basis aan de kant gezet. Het naturalisme bleef over, de filosofie dat alles een natuurlijke verklaring moet hebben. God als Schepper mag dus niet als wetenschappelijke verklaring worden opgegeven, zelfs wanneer God een briefje uit de hemel zou geven waarop staat dat Hij in zes dagen de wereld heeft geschapen (en dat briefje uit de hemel is er, in de vorm van de Tien Geboden, zie Exodus 20:11 en 31:17-18).

Wie een wetenschappelijke opleiding volgt, wordt ‘gedwongen’ de naturalistische bril op te zetten. Daarom zijn ook veel christelijke wetenschappers overtuigd geraakt van de evolutietheorie: ze hebben nooit geleerd met een andere bril naar de feiten te kijken. Maar er is geen enkele noodzaak om wetenschap als naturalist te bedrijven. Je kunt prima een Bijbelgetrouwe wetenschapper zijn. Zoals je in deze serie kunt lezen zal blijken dat die Bijbelse bril de feiten juist veel beter kan verklaren dan de naturalistische. Wees dus niet te snel onder de indruk als ‘alle wetenschappers’ iets zeggen of vinden. Bedenk vanuit welke bril ze kijken.

Ir. Gert-Jan van Heugten is spreker, auteur van Hoe zit het met…de ouderdom van de aarde?, redacteur bij het creationistische Weet Magazine en eigenaar van waaromschepping.nl.
Tags: Hoe werkt wetenschap.