Samen met Beertje gaat Kikker op zoek naar een schat. Op zijn gevoel graaft hij een gat in de grond. Na een paar uur graven is het gat zo diep dat Kikker niet meer te zien is. Beertje buigt voorover, maar kan zijn evenwicht niet meer bewaren en valt in het gat. Samen zitten ze daar. Het gat is zo diep dat ze er onmogelijk uit kunnen komen. De volgende morgen zien Eend en Varkentje de twee in het gat. Ze vragen Rat om hulp. Rat haalt snel een ladder en samen bevrijden ze Beertje en Kikker. Kikker is verdrietig dat hij geen schat heeft gevonden. Rat raapt een steen op die uit de kuil naar boven was gekomen. Een hele oude steen. Kikker blij omdat hij een hele oude schat gevonden heeft.

Het is erg belangrijk om peuters (en ook kleuters) verhalen voor te lezen uit (prenten)boeken. Voorlezen ontwikkelt de woordenschat van deze jonge kinderen. Wijlen Max Velthuijs ontwikkelde de zogenoemde kikkerserie speciaal voor peuters en kleuters. Hij ontving in 2004 voor zijn hele oeuvre de Hans Christian Andersenprijs. En terecht! Met de kikkerserie komt hij dicht bij de belevingswereld van de peuter (en de kleuter).

In een van de kikkerklassiekers wil Velthuijs echter het naturalistische wereldbeeld aan de kinderen onderwijzen. In het verhaal van ‘Kikker vindt een schat’, schrijft hij het volgende “Hier is de schat die je gevonden hebt. Deze steen is wel honderd miljoen jaar oud”.1 Ik heb hiertegen twee bezwaren en wil ouders en opvoeders een oplossing aanreiken zodat ze de serie met een gerust hart kunnen voorlezen aan hun kleine kinderen.

Bezwaar

Het eerste bezwaar is dat peuters en kleuters totaal geen beeld hebben bij ‘honderd miljoen jaar oud’. Dit komt totaal niet overeen met de belevingswereld van deze jonge kinderen. Het is daarom beter een getal 100.000.000 jaar weg te laten uit deze boeken. Wie kan zich immers een voorstelling maken van honderd miljoen jaar? Peuters in ieder geval niet. Het tweede bezwaar dat ik heb is dat ‘honderd miljoen jaar oud’ voortkomt uit een naturalistisch wereldbeeld. Dit naturalistische wereldbeeld is schadelijk voor het zielenheil van de peuter en kleuter. Van nature denken peuters en kleuters sterk teleologisch. Ze denken en geloven dat er een plan achter deze werkelijkheid ligt. Kinderen zijn namenlijk ‘Born believers’, zo zou Justin L. Barrett het zeggen.2 Een naturalistisch wereldbeeld is tegennatuurlijk. We moeten onze jonge kinderen opbouwen in het geloof en het aangeboren Godsbesef verder uitbouwen en inkaderen.

Oplossing

De oplossing voor dit ‘probleem’ is om vervangend taalgebruik te kiezen en dit op de plaats van ‘honderd miljoen jaar oud’ te plakken. De kikkerserie is namelijk te mooi opgezet om helemaal links te laten liggen. Je zou als ouder en/of opvoeder kunnen kiezen voor de volgende zin: “Hier is de schat die je gevonden hebt. Deze steen is wel heel erg oud.” Misschien lijkt dit een bijzaak, maar vergeet niet dat wanneer we kinderen vanaf de peutertijd indoctrineren met ‘honderd miljoen jaar’ ze er later vanzelf in gaan geloven. Want ze hebben dat nu eenmaal een aantal jaren aan moeten horen. Lees daarom ook de Bijbelse geschiedenissen voor die in verschillende ‘peuterbijbels’ te vinden zijn. Zo geef je de kinderen een positief intrinsiek creationistisch wereldbeeld mee.

Voetnoten

  1. Velthuijs, Max, 2012, Kikker en beertje (Amsterdam: Leopold, tweede druk.
  2. Barrett, Justin L., 2012, Born believers. The Science of Children’s religious belief (New York: Free Press).

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.