Het zijn vooral orthodoxe christenen die zich bezig houden met vragen rond schepping en evolutie. Zij houden de discussie ¬over deze onderwerpen op gang, ondermeer door het publiceren van boeken of door het organiseren van congressen over het creationisme.

Voor de meerderheid van de Nederlandse bevolking is het creationisme echter al een gepasseerd station. Men accepteert het ontstaan van de wereld door evolutie als een feit. Voor zover men nog enige kennis van de Bijbel heeft, wordt het scheppingsrelaas, zoals we dat in het eerste hoofdstuk van Genesis 1 vinden, als een onhistorisch verhaal beschouwd.

Wat opvalt is dat van joodse zijde nauwelijks iets over dit onderwerp wordt gehoord. Er zijn relatief weinig werken door orthodox joodse auteurs over schepping en evolutie gepubliceerd. In dit verband is het illustratief, dat er in de bibliotheek van de Evangelische Hogeschool, dat een grote collectie boeken over het creationisme in Nederland bevat, geen enkel werk van een joodse auteur daarover te vinden is. Evenzo zal men op creationistische congressen zelden of nooit een orthodox joodse spreker of deelnemer tegenkomen.

Hoe valt dat te verklaren? Dit valt des te meer op, omdat we met betrekking tot andere actuele onderwerpen wel uitstekend zijn geïnformeerd over hoe orthodoxe joden hierover denken. Bijvoorbeeld waar het ethische vraagstukken betreft, zoals abortus, euthanasie, of homosexualiteit, vertonen orthodoxe joden en orthodoxe christenen veel overeenkomsten. Omdat ook deze opvattingen afwijken van die van een groot gedeelte van het Nederlandse volk, vindt men elkaar daarin.

Maar ook op het punt van de zondagsrust, laten Nederlandse rabbijnen in de pers hun mening horen. Zij zijn voor handhaving van de zondagsrust en tegen openstelling van winkels op zondag, omdat zij bang zijn dat door deze ontwikkeling steeds minder begrip zal komen voor de joodse viering van de sabbat. Waarom horen we wel over deze onderwerpen en niet over schepping en evolutie?

We mogen immers aannemen, dat orthodoxe joden evenals wij in een letterlijke schepping in zes dagen geloven. Dat kan men alleen al opmaken uit de joodse jaartelling. Deze rekent van de schepping van de wereld. Daarom is het interessant om na te gaan, hoe orthodoxe joden over schepping en evolutie denken.

Niet praktisch

Maar eerst wil ik nagaan, waarom schijnbaar van orthodox joodse zijde zo weinig te horen valt over schepping en evolutie. De belangrijkste reden, waarom we bijvoorbeeld wel goed geïnformeerd zijn over de joodse opvatting over abortus en euthanasie, maar niet over het creationisme, is gelegen in het wezen van de joodse godsdienst zelf. Anders dan het christendom is de joodse godsdienst per definitie “praktisch” gericht.

Wat maakt iemand tot een goede jood? Niet zozeer wanneer hij in bepaalde dogma/s gelooft, maar wanneer hij zich houdt aan de voorschriften die op basis van de Tora zijn opgesteld en daarnaar leeft. Het gaat om de daad. Dat valt op wanneer we boeken over de joodse godsdienst lezen. Terwijl studies over het christendom nagenoeg altijd beginnen met de vraag: Wat gelooft men, staan studies over het jodendom stil bij vragen als: Hoe vieren joden de sabbat en de feesten, hoe ziet en synagoge er uit, etc.
Bij het christendom spreekt men daarom wel van orthodoxie (letterlijk: juiste leer), bij het jodendom van orthopraxie (letterlijk: juiste praktijk). Het jodendom omvat dan ook het gehele leven van de mens, van de wieg tot het graf.

Daarom zijn onderwerpen als euthanasie en abortus veel belangrijker. Immers daar heeft men vandaag de dag mee te maken. Het is een probleem dat nu speelt. Daarentegen heeft de vraag, of de aarde nu zesduizend jaar geleden is ontstaan of vele millioenen jaren geleden, weinig relevantie voor vandaag de dag. Terwijl voor christenen dit een dogmatische vraag kan zijn, is dit voor de meeste joden niet het geval.

Ik denk dat dit dan ook wel de reden zal zijn dat veel moderne orthodox joodse denkers geen moeite hebben om evolutie als feit te accepteren.
Tot de aanhangers van de evolutietheorie behoorden ondermeer de Duitse rab¬bijn Israël Lipschutz (1782 1860), rabbijn A. I. Kook (1865 1¬935) en de voormalige opperrabbijn van het Britse Gemenebest rabbijn dr. J. H. Hertz (1872 1946).

Met name rabbijn Kook, een vroegere opperrabbijn van Israël is hierin sterk beïnvloedt door de Kabbala. Getuige zijn volgende uitspraak: “De evolutietheorie, die op dit moment steeds meer de wereld verovert, is meer in overeenstemming met de geheimen van de Kabbala dan alle andere filosofische theorieën.” Er waren namelijk een aantal kabbalisten die leerden dat er verscheidene cycli van scheppingen zijn geweest.

De schepping, zoals beschreven in Gen. 1:1 zou dus niet de eerste zijn geweest. Ook rabbijn Lipschutz was deze mening toegedaan. Men kan zijn opvattingen enigszins vergelijken met de in bepaalde christelijke kringen populaire restitutietheorie.

Een andere uitspraak van rabbijn Kook is: “Niets in de Tora wordt weersproken door enige kennis in de wereld dat voorkomt uit onderzoek. Maar we moeten geen hypotheses als waarheid accepteren, zelfs niet wanneer daarover een grote mate van overeenstemming bestaat”. Overigens vat rabbijn Kook Gen. 1 niet letterlijk op en wijst hij de evolutietheorie niet af.

Lubavitch

Daarentegen is er een stroming binnen het jodendom voor wie creationisme wel een belangrijk onderwerp is. De Lubavitcher Chassie¬diem, bij monde van hun voormalige leider, rabbijn Schneersohn, benadrukken dat iedere orthodoxe jood ver¬plicht is om de schepping in zes dagen als historisch feit te accepteren.

Zo schreef hij zo’n veertig jaar geleden een brief over dit onderwerp aan zijn volgelingen. Ik laat hieronder enkele karakteristieke passages (in vrije vertaling) volgen:

“Het verbaast me te horen, dat jullie nog steeds een probleem hebben met de ouderdom van de wereld, omdat de wetenschappelijke theorieën niet in overeenstemming gebracht kunnen worden met de opvatting van de Tora, die stelt dat de aarde 5772 jaar oud is. Ik benadruk het woord theorieën, omdat het noodzakelijk is om in gedachten te houden, dat wetenschap theorieën en hypothesen formuleert, terwijl de Tora absolute waarheden bevat.”

Vervolgens legt hij uit, dat het basisprincipe van het jodendom eerst is “na’aseh” (lett. Hebreeuws voor: “laten wij doen”) en dan pas “v’nishma” (lett. Hebreeuws voor: “laten wij horen”) op basis van Ex. 24:7b. Dat wil zeggen een jood is verplicht zich aan Gods geboden te houden, ongeacht of hij twijfels hier aan heeft, of dat het begrijpt of niet begrijpt. Hoeveel te meer geldt dit ook niet voor het vraagstuk van de ouderdom van de wereld, omdat het hier in wezen om een schijnprobleem gaat.

“De vondst van de fossielen vormt absoluut geen sluitend bewijs voor de ouderdom van de aarde en wel om de volgende redenen:

(a) We zijn niet op de hoogte van de toestand van de aarde in “prehistorische” tijden, van bijvoorbeeld de atmosferische druk, temperatuur, radioactiviteit, waardoor veranderingen kunnen zijn opgetreden die totaal verschillend zijn van die heden ten dage. Daarom kunnen we de mogelijkheid niet uitsluiten, dat er dinosaurussen bij de schepping bestonden en binnen enkele jaren tot fossielen werden onder invloed van grote natuurrampen in plaats van in millioenen jaren. We hebben nu niet de mogelijkheid om de criteria hiervoor vast te stellen.

(b) Zelfs al zou de tijdsperiode volgens de Tora te kort zijn voor de vorming van fossielen (hoewel ik niet zie hoe men zo categorisch kan zijn), dan nog kunnen we aannemen dat de fossielen in de aarde zijn ge¬plaatst bij de schepping van de aarde.

Literatuur
– Judah Landa, Torah and Science, Hoboken N.J. 1993,
– A. Carmell en C. Domb, Challenge: Torah Vieuws on Science and its Problems, Uitg. Association of Orthodox Jewish Scientists of Great-Britain, Jeruzalem/New York, 1976
– A. Kaplan, Immorality, esurrection and the Age of the Universe, A Kabbalistic View.
– Rabbi Menachem M. Schneerson, The age of the world, in: A Thought for the Week, vol. 5, no. 43, Uitgave Yeshiva Gedola Lubavitch, Manchester z.j.

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

Written by

Prof. dr. P.A. Siebesma studeerde Semitische talen en letterkunde aan de Rijksuniversiteit te Leiden. Daar promoveerde hij ook op een onderwerp over de grammatica van het Bijbels Hebreeuws. Hij is senior docent Oude Testament, Hebreeuws en wereldreligies aan de Christelijke Hogeschool Ede en hoogleraar Godsdienstwetenschappen aan de Evangelische Theologische Faculteit te Leuven. Daarnaast is hij docent Hebreeuws aan het Instituut Da'at in Lunteren en doet o.a. onderzoek naar de rabbijns joodse uitleg van het Oude Testament.