Hoe uniek is de mens? Als bioloog en christen zeg ik volmondig dat de mens werkelijk een uniek schepsel is te midden van al het andere leven dat we op aarde kunnen vinden. Ook in vergelijking met aapachtigen. Daar heb ik een aantal redenen voor.
1. Uniek in bouw
Veel mensen vergelijken de mens graag met de mensapen als de gorilla en chimpansee. Er zijn echter 10 duidelijke verschillen in bouw, o.a. omdat we rechtop lopen:

Illustratieve tekening van de skeletten van een gorilla (mensaap) versus een moderne mens, gemaakt met behulp van AI.
- Onze ruggengraat heeft een ’S’-vorm: dat zorgt voor extra vering. Bij chimpansees is dat een ‘C’ – gebogen als bij een hond.
- Ons dijbeen buigt naar binnen, zodat onze benen recht onder ons staan. Bij een chimpansee is het dijbeen recht en staan de voeten uit elkaar – als zij rechtop lopen (en dat kunnen ze goed), waggelen ze als een eend.
- Ons hoofd zit boven op onze wervelkolom – lastig als je op handen en voeten loopt en vooruit wil kijken. Bij chimpansees hangt het hoofd vóór de ruggengraat (de ruggengraat zit vast aan het onderste deel van de achterkant van het hoofd, red. Logos Instituut).
- Onze benen zijn langer dan onze armen, bij chimpansees is dat andersom.
2. Taal: typisch menselijk
Chimpansees kunnen symbolen leren gebruiken, maar ze maken nooit echte zinnen. Ze kunnen leren begrijpen wat wij zeggen, maar dat kunnen kat en hond ook.
Onze taal is uniek: we gebruiken abstracte symbolen bij het schrijven, onze zinnen hebben een ingewikkelde structuur. Per taal verschilt de grammatica, maar een kind is bij de geboorte als het ware al ‘klaar om te praten’: je wordt geboren met een programma om een taal te leren, met woorden en zinnen. Ons strottenhoofd is gebouwd om te kunnen praten, net als ons tongbeen en de zenuwbanen die onze ademhaling regelen – dat heeft de chimpansee niet. In onze hersenen hebben we een spraakgebied (gebied van Broca) waarvan de anatomie echt anders is dan bij apen. Onze hersenen zijn ontworpen om te kunnen praten en schrijven.
3. Voorspelbaar gedrag
In 2009 ontwikkelde Charlotte Hemelrijk (hoogleraar in Groningen) een methode om apengedrag heel simpel via computer simulaties te verklaren. De simpele regel als “een individu zal gaan vlooien als het verwacht een aanval op de ander te verliezen”, leidt in het model al tot alle complexe patronen van vriendschappelijk gedrag. We hoeven complex gedrag niet te zoeken in de complexiteit van het brein. Ze stelt: “Apen zijn intelligent, maar dat wordt overschat. Mensen geven veel te hoge cognitieve verklaringen voor sociaal gedrag van apen.” Voor apen is het te ingewikkeld om berekenend te zijn. Simpele modellen voldoen voor verklaring van veel gedrag van dieren – inclusief apen. Bij ons is dat anders – alleen al doordat we hier over na kunnen denken.
4. Abstract denken
Wij kunnen abstract denken en communiceren. Dat zie je aan onze wiskunde: getallen bevatten net als taal informatie, maar informatie is geen materie. Ons verstand neemt geen ruimte in, zoals materie wel doet: je denkt, je voelt, je gebruikt je verbeelding, je hebt zelfbewustzijn. Denk aan een sudoku: geen aap die daar iets van snapt! Denk ook aan het placebo-effect van medicijnen: een nep-pil werkt soms omdat wij denken dat het werkt. Daar heeft een aap geen last van …
5. Groot verschil in DNA
Dat het DNA van mens en chimpansee voor 98% gelijk zou zijn, is een sprookje – oud nieuws. De overeenkomst is zeker minder dan 90%, wellicht maar tussen de 72 en 84% – als je echt letter voor letter het DNA gaat vergelijken. Er zijn zeker 1400 voor de mens unieke genen ontdekt, die vooral te maken hebben met onze hersenen. Ook zijn er veel verschillen in regelgenen. Het gaat bij DNA namelijk nooit alleen om de genen, maar ook om hoe je die genen gebruikt.
6. Unieke hersenen
Dat de mens zoveel meer kan dan de chimpansee heeft te maken met onze hersenen: die zijn ontworpen om ingewikkelde taken uit te kunnen voeren en bijzondere verbanden te leggen tussen onze waarnemingen. Zo kunnen we wetenschap bedrijven en mooie en nieuwe dingen maken, abstracte taal gebruiken en begrijpen en cultuur ontwikkelen. Maar ook maken onze hersenen een geestelijk leven mogelijk.
7. De mens heeft verstand
Nu komen we aan bij de kern van ons verhaal. Dieren als apen hebben een bewustzijn en kunnen dingen leren. Maar ons bewustzijn heeft een ander, een geestelijk niveau. We zijn gemaakt naar Gods beeld. Aristoteles schreef al dat alleen de mens een rationele ziel heeft: ons verstand. Ons mentale leven is typerend voor ons mensen. Daar hoort ons denken bij, ons geweten, onze cultuur, ons geloofsleven, onze wil, onze normen, het ervaren van schoonheid en onze creativiteit. Die mentale laag maakt het wel noodzakelijk dat ons lichaam (en zeker onze hersenen) op een speciale manier ontworpen zijn die uniek is voor de mens. Daar valt veel over te zeggen – zie het boek ‘Adam, waar ben je’ van W.J. Ouweneel en mijn eigen ‘Wie is de mens?’ (verschenen in 2024).
Conclusie
De mens leeft in twee werelden: de biologisch- materiële (die we delen met madeliefjes, eiken, potvissen en apen) en de geestelijke (die we delen met de engelen en onze Schepper). We hebben een lichaam waar zelfs de Heilige Geest van God in kan wonen. We zijn uniek, omdat de HEERE God ons zo gemaakt en gewild heeft.
Meer weten? Zie logos.nl/bijbelvast-extra/ (Bijbelvast #11) voor verdieping en literatuurtips.
Overgenomen uit Bijbelvast nummer 11. Bijbelvast is het gratis kwartaalblad voor de achterban van Logos Instituut. In dit blad van 16 pagina’s verschijnen relevante artikelen over Bijbel en wetenschap, kinder- en tienerpagina’s, verhalen uit de praktijk en nieuwsberichten.
Klik hier voor een gratis abonnement.






