Met behulp van de evolutie-, oersoep- en oerknaltheorie probeert men, de wereld op zuiver natuurlijke wijze te verklaren. Natuur en natuurlijk zijn echter zeer flexibele woorden. Bij een nauwkeuriger onderzoek mislukt de scheiding tussen het “natuurlijke” en het “bovennatuurlijke”.

Veel wetenschappers bedoelen met het begrip “natuurlijk”  in de eerste plaats slechts één enkele betekenis, die echter in de praktijk verschillend wordt toegepast. De natuur wordt allereerst tot een universum van deeltjes en krachten beperkt. Hiervan uitgesloten zijn goden, engelen en alle andere “bijgelovige” objecten. Daarna echter maakt men een ommekeer en gebruikt begrippen voor rationaliteit en moraal, die niet tot deeltjes en krachten gereduceerd kunnen worden.

Overdenk de volgende niet-natuurkundige grootheden, die in de wetenschappelijke literatuur gebruikt worden: Krachten, die op afstand werken, singulariteit, oneindigheid, bewustzijn, verstand, buitenaardse intelligentie, placebo-effect, niet waarneembare fenomenen zoals het binnenste van sterren, donkere materie, donkere energie, quarks, superstrings, de oerknal en het ontstaan van leven. Enige wetenschappers bedenken zelfs parallelle universums of een oneindig multiversum. Hoe natuurlijk is dat alles?1

En we werken met talrijke begrippen zoals: Informatie, wiskunde, de wetten van de logica, filosofie, geschiedenis, verstand, de wetenschappelijke methode, rationaliteit, classificatie, causaliteit, inductie, objectiviteit. De wetenschap zelf is een begrip.

Andere niet-fysische begrippen zijn: De morele categorieën zoals waarheid, eerlijkheid, ethiek, integriteit en gerechtigheid, die tijdloos en universeel zijn en die zich beroepen op absolute waarden. De wetenschap is van veel zaken afhankelijk, die zich niet met deeltjes en krachten laten uitleggen.

Het wetenschappelijk tijdschrift Nature schrijft, dat de wetenschap aan de waarheid moet vasthouden, ook dan, wanneer zij onaangenaam of pijnlijk is. “Het geloof van de meeste mensen neigt ertoe, het eigenbelang te versterken. In deze onnatuurlijkheid ligt de grote kracht van de wetenschap”.2

De wiskundige en logicus Kurt Gödel kon aantonen, dat de wiskunde zichzelf niet kan valideren. De natuurkundige David Wolpert heeft dit onlangs voor elke wetenschappelijke argumentatie uitgebreid. Volgens de natuurkundige Philippe M. Binder kon Wolpert bewijzen, dat “het gehele fysische universum niet volledig door één enkel systeem van afgeleiden, dat daarbinnen bestaat, kan worden begrepen”.3 Daarom kan zich het naturalistische wereldbeeld, tegen de wens van vele van zijn aanhangers, niet uit zichzelf en in zichzelf valideren.

Voetnoten

  1. David F. Coppedge, Acts and Facts 38/4, April 2009, p. 19.
  2. Nature, Editorial, Humanity and Evolution: Charles Darwin´s thinking about the natural world was profoundly influenced by his revulsion for slavery, Nature 457, 12 Februari 2009, p. 763-764.
  3. Philippe M. Binder, Philosophy of science: Theories of almost everything, Nature 455, 16 Oktober 2008, p. 884-885.

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

95 Stellingen

Written by

Weliswaar zijn sinds de eerste uitgave van Charles Darwins boek "Het ontstaan van soorten" op 24 november 1859 ontelbare feiten bekend geworden, die heel duidelijk tegen de evolutietheorie spreken, maar het geloof in evolutie, oerknal en een vele miljoenen jaren oude aarde heeft zich diep in het bewustzijn van de moderne maatschappij ingenesteld. Hierbij heeft deze wereldbeschouwing langzamerhand een fundamentalistisch karakter aangenomen. In geen ander gebied van de wetenschap worden kritische stemmen zo onzakelijk en heftig aangevallen als op dit gebied van onderzoek. Wie twijfelt, wordt uit het debat over de oorsprongsvragen uitgesloten en niet zelden bestreden. De eigenwijsheid van de leidende disciplines in wetenschap, onderwijs en media doet denken aan de koppigheid, waarmee de Rooms Katholieke kerk in de Middeleeuwen haar toenmalige wereldbeeld verdedigd heeft. Op 31 oktober 1517 heeft de hervormer Maarten Luther 95 stellingen gepubliceerd, waarmee hij de toenmaals wijdverbreide aflaatpraktijk ter discussie stelde. Deze bemoeienis heeft een kettingreactie veroorzaakt, die uiteindelijk tot de Reformatie leidde. Op gelijke wijze moeten de hier aanwezige 95 stellingen tot een verandering van denken in het oorsprongsdebat bijdragen. Met deze publicatie willen wij ons ervoor inzetten, dat in de discussie over de oorsprong van de mensheid, het aardse leven en de kosmos een open omgang met wetenschappelijke gegevens, interpretaties en wereldbeschouwelijke stellingnamen* mogelijk wordt.