Als je een verhaal vertelt over iets wat je hebt meegemaakt, vertel je nooit alles. Soms vergeet je bepaalde dingen uit te leggen, omdat ze in je hoofd heel vanzelfsprekend zijn. Andere dingen zag je wel gebeuren, maar eigenlijk begreep je niet precies wat er aan de hand was. Als iemand meerdere ooggetuigenverslagen naast elkaar legt, dan kan het gebeuren dat het ene verslag een detail uit een ander verslag verklaart. De beide verslagen passen dan als puzzelstukjes in elkaar. In dit artikel wil ik laten zien hoe dergelijke onbedoelde aanvullingen een argument vormen voor de betrouwbaarheid van de evangeliën.

Wat zijn onbedoelde aanvullingen?

In dit artikel gebruik ik de term onbedoelde aanvullingen als een vertaling van de Engelse term undesigned coincidences. Zij werden in de achttiende en negentiende eeuw gebruikt door theologen als argument voor de betrouwbaarheid van de Bijbel, bijvoorbeeld door William Paley1 en John James Blunt2. Het argument raakte toen lange tijd in onbruik, totdat het recent weer is ‘herontdekt’ door de Amerikaanse filosofen Timothy en Lydia McGrew.3 Lydia McGrew definieert undesigned coincidences als volgt:

An undesigned coincidence is a notable connection between two or more accounts or texts that doesn’t seem to have been planned by the person or people giving the accounts. Despite their apparent independence, the items fit together like pieces of a puzzle.4

Hoewel dit op zich een goede definitie is, blijkt uit haar boek dat McGrew erg veel verschillende soorten interne aanwijzingen van betrouwbaarheid schaart onder de term undesigned coincidence. Voor de term onbedoelde aanvulling gebruik ik daarom de volgende definitie:

Een onbedoelde aanvulling is een verklaring in tekst(en) A voor een feit dat genoemd wordt in tekst(en) B, maar in B zelf niet van een verklaring wordt voorzien.

Deze definitie is zelf ook nog heel erg breed. Daarom heb ik onbedoelde aanvullingen onderverdeeld in drie categorieën. In de definities gebruik ik weer A en B om twee groepen teksten aan te duiden.

 

  1. Eenvoudige onbedoelde aanvullingen. In B wordt een vraag opgeroepen die door A wordt beantwoord, maar dat antwoord is ook nodig als verklaring voor iets in A.
  2. Complexe onbedoelde aanvullingen. In B wordt een vraag opgeroepen die door A wordt beantwoord, ook al is dat antwoord niet nodig in de tekst van A.
  3. Zeer complexe onbedoelde aanvullingen. In B wordt een vraag opgeroepen die alleen kan worden beantwoord door gegevens uit meerdere teksten te combineren.

Uiteraard klinkt dit nog allemaal heel abstract, maar waarschijnlijk zal het in de volgende delen vanzelf duidelijk worden door de gegeven voorbeelden.

Wat onbedoelde aanvullingen aantonen

Zoals één zwaluw nog geen zomer maakt, toont één onbedoelde aanvulling nog niet aan dat een tekst gebaseerd is op ooggetuigenverslagen. Toch geldt in het algemeen dat verzonnen of lang overgeleverde verhalen proberen om consistent te zijn. Er komen geen gebeurtenissen of andere details in voor die niet worden uitgelegd, omdat een auteur geen reden heeft om zoiets te verzinnen.

Teksten die gebaseerd zijn op ooggetuigenverslagen zijn echter wel goede kandidaten voor onbedoelde aanvullingen. Oogetuigen zien de gebeurtenissen voor zich en vergeten dan soms om details te vermelden die van belang zijn om het verhaal te begrijpen. Ook maken zij dingen mee die zij niet helemaal begrepen.

Teksten met veel onbedoelde aanvullingen zijn daarom waarschijnlijk gebaseerd op ooggetuigenverslagen en waarschijnlijk niet het resultaat van een lange periode van mondelinge overlevering waarin de verhalen veranderden en verzonnen gebeurtenissen werden toegevoegd. Daarom vormen onbedoelde aanvullingen een argument voor de betrouwbaarheid van bepaalde teksten.

Het argument van onbedoelde aanvullingen staat nog in de kinderschoenen. Paley en Blunt hebben het principe alleen toegepast op de Bijbel en dat geldt ook voor de beide McGrews. Om de kracht van het argument te onderzoeken moeten ook andere teksten geanalyseerd worden. Bijvoorbeeld andere klassieke teksten die gebaseerd zijn op ooggetuigenverslagen. Ik heb zelf de ooggetuigenverslagen van medewerkers van hulpdiensten die hielpen rond het World Trade Center op 11 september 2001 onderzocht.5 Ook daar zijn onbedoelde aanvullingen in te vinden.

Sean Brown zat in dezelfde brandweerauto als Ronnie Cifu. Brown vertelt:

We arrived via Church Street, tried to make the left turn onto Liberty Avenue, but could not. Liberty Street, excuse me. We could not gain access to the south tower, so we ended up backing up, staying on Church, and at that point, that was about 0900 hours.6

Dat is merkwaardig. Hoe kan een brandweerauto ergens geen toegang tot krijgen? Die wordt altijd doorgelaten, ook als er bijvoorbeeld een politieafzetting is. Cifu vermeldt echter de reden:

I went up Church and made a left turn onto Liberty, but there was too much civilians and traffic on Liberty.7

Cifu geeft antwoord op de vraag die het verslag van Brown oproept: de brandweerauto kon Liberty Street niet op rijden omdat het er te druk was. Dit is een voorbeeld van een eenvoudige onbedoelde aanvulling.

Op 9/11 werkten chef Pedro Carrasquillo en zijn assistent Sal Sangeniti samen. Op een gegeven moment vluchten zij samen een garage binnen. Sangeniti vertelt:

Then at that point we were there just trying to strategize and at that point, the building collapsed. Myself and Chief Carrasquillo and numerous people ran into the garage and I found a little room to the left side of the garage. It was myself, a Port Authority female Sargent, and a detective were in the room. (…)At that point, I really thought that Chief Carrasquillo was gone.8

Hoe kan het dat Sangeniti zijn chef was kwijtgeraakt? Je zou verwachten dat zij bij elkaar bleven. Het antwoord is te vinden in het verslag van Carrasquillo:

So we all retreated into a garage that had a ramp going down directly across the street. I think it was the American Express building or one of those buildings there. We went in. As we’re running down, I’m looking at where I can hide. There were some little cutouts as you’re going down the ramp. So I went to one of them. There were three other firefighters there.9

Carrasquillo’s verslag geeft een verklaring voor het feit dat Sangeniti hem kwijtraakte: hij ging in een nis in de muur zitten, terwijl de meeste mensen verder naar beneden renden. In zo’n situatie raakt een ander je makkelijk kwijt. Dit is een voorbeeld van een complexe onbedoelde aanvulling.
Het argument van onbedoelde aanvullingen kan eenvoudig gefalsifieerd worden. Wanneer in teksten die aantoonbaar niet op ooggetuigenverslagen zijn gebaseerd meerdere onbedoelde aanvullingen voorkomen, blijkt dat onbedoelde aanvullingen geen argument zijn voor de betrouwbaarheid van een tekst. Andersom is het niet het geval: het is mogelijk dat er in teksten die gebaseerd zijn op ooggetuigenverslagen bijna geen onbedoelde aanvullingen voorkomen. Ooggetuigen kunnen een dichtgetimmerd verhaal vertellen dat geen verdere vragen oproept.

De enige sceptici die tot nu toe bij mijn weten een reactie hebben gegeven op het argument van onbedoelde aanvullingen, zijn Bart Ehrman10 en Richard Carrier11. Ehrman leek niet goed te begrijpen wat onbedoelde aanvullingen zijn en wat ze aantonen, dus zijn opmerkingen erover waren niet relevant. Carrier kwam met een betere tegenwerping: de schrijvers van het Nieuwe Testament zijn niet onafhankelijk. De gangbare hypothese is dat Mattheüs en Lukas gebruik hebben gemaakt van het evangelie van Markus. Waarschijnlijk kende Johannes de andere drie evangeliën. Verder gelooft Carrier – in tegenstelling tot de meeste nieuwtestamentici – dat Lukas het evangelie van Mattheüs kende en ook de brieven van Paulus. Op die manier wordt alle overlap tussen gedeeltes in het Nieuwe Testament verklaard door literaire afhankelijkheid.

Toch is dat geen goede weerlegging van het argument van onbedoelde aanvullingen, om verschillende redenen. Ten eerste biedt deze verklaring geen uitleg voor de vragen die worden opgeroepen door bijvoorbeeld het evangelie van Markus of de brieven van Paulus. Nog steeds wijst dat erop dat op zijn minst Markus en Paulus zich baseren op ooggetuigenverslagen. Ten tweede is het mogelijk om met literaire afhankelijkheid eenvoudige onbedoelde aanvullingen te verklaren, maar dit gaat niet op voor (zeer) complexe onbedoelde aanvullingen. Alles wijst erop dat de auteur die de verklaring geeft dit niet doet om een uitleg te geven bij een gedeelte van een andere auteur. Dit wordt in de voorbeelden vanzelf duidelijk. Ten derde werkt deze verklaring maar een richting op: latere, afhankelijke auteurs die antwoorden geven op vragen die in het verhaal van eerdere auteurs worden opgeroepen. Onbedoelde aanvullingen verbinden de evangeliën echter op allerlei manieren.

In het volgende deel zal ik voorbeelden geven van onbedoelde aanvullingen in de eerste vijf boeken van het Nieuwe testament. In het derde deel komen de onbedoelde aanvullingen die Handelingen verbindt met de brieven van Paulus aan bod. Hoe meer onbedoelde aanvullingen er zijn, hoe waarschijnlijker het is dat deze boeken gebaseerd zijn op ooggetuigenverslagen.

Het tweede deel in deze serie is hier verschenen.

Voetnoten

  1. William Paley, Horae Paulinae, 1790.
  2. John James Blunt, Undesigned Coincidences, 1833.
  3. Lydia McGrew, Hidden in Plain View, 2017.
  4. McGrew, Lydia. Hidden In Plain View: Undesigned Coincidences in the Gospels and Acts (Kindle Locations 226-228). DeWard Publishing Company, Ltd.. Kindle Edition.
  5. https://archive.nytimes.com/www.nytimes.com/packages/html/nyregion/20050812_WTC_GRAPHIC/met_WTC_histories_full_01.html.
  6. https://static01.nyt.com/packages/pdf/nyregion/20050812_WTC_GRAPHIC/9110346.PDF.
  7. https://static01.nyt.com/packages/pdf/nyregion/20050812_WTC_GRAPHIC/9110415.PDF.
  8. https://static01.nyt.com/packages/pdf/nyregion/20050812_WTC_GRAPHIC/9110088.PDF.
  9. https://static01.nyt.com/packages/pdf/nyregion/20050812_WTC_GRAPHIC/9110089.PDF.
  10. https://www.youtube.com/watch?v=Gm-nx8yNK3o&t=2446s.
  11. https://www.youtube.com/watch?v=HCcq8G-WzJM&t=4372s.

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

Written by

Als je een verhaal vertelt over iets wat je hebt meegemaakt, vertel je nooit alles. Soms vergeet je bepaalde dingen uit te leggen, omdat ze in je hoofd heel vanzelfsprekend zijn. Andere dingen zag je wel gebeuren, maar eigenlijk begreep je niet precies wat er aan de hand was.

...
Read more