Het feit, dat bacteriën tegen antibiotica resistent kunnen worden, wordt vaak als een waarneembaar bewijs voor evolutie gezien. Mutaties, die tot een antibioticaresistentie leiden, hebben echter in de regel een verlies van informatie in het genoom tot gevolg. In de allermeeste gevallen wordt slechts een enkele base in het genoom veranderd, die het een bepaalde bacterie onmogelijk maakt, zich in het lichaam van de gastheer vast te zetten. Hierbij is geen toename van gecodeerde informatie in het genoom opgetreden.

azie_antibiotica_infuus-pixabay

In een voldoende grote populatie kunnen antibioticaresistente mutanten op een antibiotica bevattende voedingsbodem heel gemakkelijk aangetoond worden. Antibioticaresistente cellen zijn echter reeds voor de inwerking van het antibioticum aanwezig. Het antibioticum zelf oefent daarom slecht een selectiefunctie uit. De replicatest naar Lederberg (groei ondanks antibioticum) levert daarvoor een direct bewijs.

Een gedeelte uit “Evolutie: Het nieuwe studieboek”

“Om resistentievorming op moleculair niveau te begrijpen, moet eerst gekeken worden naar antibiotica, die door binding aan ribosomale proteïne de synthese van proteïne remmen.1 De resistentie tegen het antibioticum spektinomycine heeft te maken met de structuur van het S5-proteïne van het kleine ribosoom onderdeel. Daar hecht zich het antibioticum. Een mutatie leidt tot een uitwisseling van het aminozuur serine tegen proline op een bepaalde plaats van het S5-proteïne. Deze uitwisseling veroorzaakt een verandering in de ruimtelijke structuur van het proteïne, waardoor ook de bindingsplaats voor spectinomycine getroffen wordt. Daardoor kan het antibioticum niet meer op het S5-proteïne “aanvallen”, de bacterie is resistent geworden.

Een andere mogelijkheid van resistentie vorming, bijvoorbeeld tegen chloramphenicol, bestaat in de ontgifting door acetylering (binding aan een azijnzuurrest). Zij wordt veroorzaakt door het enzym Chloramphenicol-Acetyltransferase (CAT) en is terug te voeren tot genduplicatie.
Het is begrijpelijk, dat bacteriën over mechanismen beschikken, die antibiotica vernietigen, want schimmels produceren op natuurlijke wijze antibiotica, om ze ter “verdediging” tegen bacteriën in te zetten.”

Penicillinesynthese

De ontdekking van de penicillinesynthese door de schimmel penicilline is een beroemd voorbeeld.2 Penicilline remt de celwandsynthese van bacteriën en wordt door resistente stammen door “Penicillinasen” (beta-Lactamasen) gespleten en daarmee onschadelijk gemaakt. Het gen voor dit enzym is dikwijls op plasmiden gelokaliseerd. Een belangrijke groep van antibioticaresistenties berust op het opnieuw verwerven van genen door plasmide-opname (horizontale gentransfer). Zonder twijfel is het zo, dat het verwerven van een antibioticaresistentie een proces is van micro-evolutie met selectiepositieve werking, wanneer de bacteriën aan de selectiefactor antibiotica blootgesteld worden.

Voetnoten

  1. Junker en Scherer, Evolutie Het nieuwe studieboek, De oude wereld, 2010, p. 142. Dit boek is ook in onze webshop te koop.
  2. Zie noot 1 p. 143.

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

95 Stellingen

Written by

Weliswaar zijn sinds de eerste uitgave van Charles Darwins boek "Het ontstaan van soorten" op 24 november 1859 ontelbare feiten bekend geworden, die heel duidelijk tegen de evolutietheorie spreken, maar het geloof in evolutie, oerknal en een vele miljoenen jaren oude aarde heeft zich diep in het bewustzijn van de moderne maatschappij ingenesteld. Hierbij heeft deze wereldbeschouwing langzamerhand een fundamentalistisch karakter aangenomen. In geen ander gebied van de wetenschap worden kritische stemmen zo onzakelijk en heftig aangevallen als op dit gebied van onderzoek. Wie twijfelt, wordt uit het debat over de oorsprongsvragen uitgesloten en niet zelden bestreden. De eigenwijsheid van de leidende disciplines in wetenschap, onderwijs en media doet denken aan de koppigheid, waarmee de Rooms Katholieke kerk in de Middeleeuwen haar toenmalige wereldbeeld verdedigd heeft. Op 31 oktober 1517 heeft de hervormer Maarten Luther 95 stellingen gepubliceerd, waarmee hij de toenmaals wijdverbreide aflaatpraktijk ter discussie stelde. Deze bemoeienis heeft een kettingreactie veroorzaakt, die uiteindelijk tot de Reformatie leidde. Op gelijke wijze moeten de hier aanwezige 95 stellingen tot een verandering van denken in het oorsprongsdebat bijdragen. Met deze publicatie willen wij ons ervoor inzetten, dat in de discussie over de oorsprong van de mensheid, het aardse leven en de kosmos een open omgang met wetenschappelijke gegevens, interpretaties en wereldbeschouwelijke stellingnamen* mogelijk wordt.

10 Comments

Marcel D

Wanneer is er sprake van micro-evolutie en wanneer van macro-evolutie? Ik kan me niet herinneren dat zoiets bestaat in de biologie. Het lijkt erg op een verschil tussen groot en klein, waarbij het verschil dus maar relatief is. Is 100 keer een micro-evolutionaire verandering ook macro evolutie? Ik begrijp dat creationisten alleen micro-evolutie accepteren omdat de Schepper wordt verondersteld een groot aantal oersoorten te hebben geschapen van waaruit alleen evolutie plaatsvond binnen die oersoort. Is macro-evolutie dus oersoort overstijgende evolutie en daarom niet toegestaan?

Reply
peter b

Marcel D, Biologie gaat tegenwoordig over informatie en macroevolutie betekenet nieuwe informatie, die niet gerelateerd is aan voorgaande informatie en daarmee buiten het bereik van microevolutie. Macroevolutei is dus iet heel anders dan microevolutie, waarbij reeds bestaande informatie lichtelijk wordt gemodificeerd. Jij was toch een van de trouwe lezers van mijn VK Weblog, destijds? Ik heb het daar minimaal 10 keer uitgelegd.

Reply
Marcel D

Dat klopt. Ik heb je blog toen met belangstelling gevolgd en het was zeer vermakelijk. Leuk om te zien dat je hier een plekje hebt gevonden tussen geloofsgenoten. Je hebt het zojuist voor minstens de 11e keer aan mij uitgelegd, waarvoor ik je zeer erkentelijk ben. Echter de reden voor het onderscheid is mij niet duidelijk. Als ik x keer micro evolutie heb, dan kan het resultaat in vergelijking met het origineel dusdanig anders zijn, dat er informatie is bijgekomen en niet (meer) gerelateerd lijken aan het origineel (om in jouw termen te blijven).

peter b

Marcel, in mijn boek heb ik nogmaals heel eenvoudig uitgelegd waarom heel veel micro-evolutie geen macro evolutie maakt. Het baseert op het ontkennen van Darwin en zijn navolgers van fysische beperkingen. Het is als mensen die menen, dat wanneer ze een steen met een snelheid van 100 kmh in oostelijke richting gooien, deze de volgende ergens in de Oeral zou kunnen landen. Mensen die dit geloven hebben zwaartekracht en wrijving niet in hun modellen geincludeerd. Zo hebben de Darwinisten informatie uitgesloten. Dat hun model niet klopt en eenvoudig kann worden weerlegd heb ik in mijn boek zondermeer aangetoond en we dienen het Darwinsten model te vervangen door een beter model. Die Modellen zijn er wel, maar dan moet men eerst inzien dat het model waar men in gelooft niet correct is.

Reply
Marcel D.

Als je een steen met 100 km/h richting het Oosten gooit en hem dan opraapt en dan weer met zeg 130 km/h (als dat is toegestaan) richting het Oosten gooit, en dat maar lang volhoudt, komt hij wel in de Oeral terecht.

Het lijkt er meer op dat creationisten deze termen nodig hebben om hun theorie te beschrijven. Op zich niets mis mee. Maar het valt me op dat het vaak zo gaat: hier zijn de feiten (nl. het letterlijke scheppingsverhaal), welke data ondersteunen dit verhaal (die halen we uit de reguliere wetenschap en alleen als deze de feiten lijken te onderschrijven), en welke termen hebben we nodig om het wetenschappelijk te laten zijn (baronomen, micro- macro evolutie, indicatorgenen, Gutob etc).

Volgens mij houdt men in de wetenschap een andere volgorde aan.

Ik zag elders op de site dat micro en macro nogal uitvoerig werd bediscussieerd, daarom zal ik er niet veel meer aan tijd aan besteden. Maar de metafoor van de zandkorrels en de berg zand vond ik erg aansprekend. Ik was blij te zien dat ook weer de nagels van de zeekoe ter sprake zijn gekomen. Mijn favoriete voorbeeld van evolutie. En er is zelfs inmiddels een fossiel gevonden.

Wat na al die jaren ook niet is veranderd is dat je je boek elke keer maar blijft noemen. Het is bij Bol niet meer beschikbaar en ik zou eigenlijk verwachten dat je het inmiddels wel beschikbaar had gesteld als downloadbare pdf. Wat is de reden dat je dat niet doet?

Peter

De tekst onder het plaatje is accurater dan bij de meeste van deze stellingen. Er wordt naar toevallige mutatie verwezen, namelijk waar er staat: “Antibioticaresistente cellen zijn echter reeds voor de inwerking van het antibioticum aanwezig” De genoemde replicatest van Lederberg is de bekende proef die aantoont dat mutaties random zijn, en dat de omgeving selecteert uit toevallige variatie. De test levert daarvoor een direct bewijs. Interessant is de passage uit het boek van Junker en Scherer. Hier staat dat resistentie tegen chloramphenicol terug te voeren is tot genduplicatie voor het enzym Chloramphenicol-Acetyltransferase (CAT). Er staat niet bij in welk organisme, vermoedelijk een bacterie. Bij de literatuurverwijzingen naar hoofdstuk 9 van Junker en Scherer is er geen artikel dat iets in de richting van chloramphenicol in de titel heeft. Ik kan zo’n artikel ook niet vinden. Kan iemand van Logos opzoeken waar dit over gaat?

Boven het plaatje gaat het anders. De bewering is: “Mutaties, die tot een antibioticaresistentie leiden, hebben echter in de regel een verlies van informatie in het genoom tot gevolg.” Dat wordt verderop niet aangetoond: het gaat er onder het plaatje zelfs niet over. De bewering is: In de allermeeste gevallen wordt slechts een enkele base in het genoom veranderd, die het een bepaalde bacterie onmogelijk maakt, zich in het lichaam van de gastheer vast te zetten.” Onder het plaatje gaat het nergens daarover. De bewering is: “Hierbij is geen toename van gecodeerde informatie in het genoom opgetreden.” Onder het plaatje gaat het nergens daarover. De mogelijkheid van ‘een toename van informatie’ bij resistentie tegen antibiotica bestaat wel. Zie : Li et al, 2016. Abrp, a new gene, confers reduced susceptibility to tetracycline, glycylcine, chloramphenicol and fosfomycin classes in Acinetobacter baumannii, Eur j clin microbial inf dis 35: 1371.

Reply
peter b

“De mogelijkheid van ‘een toename van informatie’ bij resistentie tegen antibiotica bestaat wel. Zie : Li et al, 2016. Abrp, a new gene, confers reduced susceptibility to tetracycline, glycylcine, chloramphenicol and fosfomycin classes in Acinetobacter baumannii, Eur j clin microbial inf dis 35: 1371.”

Peter, (…) het betreft geen nieuw gen. Het is gewoon een peptidase, die we overal in de natuur aantreffen. Wellicht werd het in de omgeving aangetroffen en in het genoom geintegreerd (HGT). Alle info is er al, Peter. Elk voorbeeld van evolutie dat je aanvoert betreft steeds een bevestiging voor preformationisme. Open [bijvoorbeeld] deze figuur: 10096_2016_2674_MOESM1_ESM.pptx
van deze link: http://link.springer.com/article/10.1007%2Fs10096-016-2674-0

Dan weet je dat de evol[utiebiol]ogen het verschil tussen een nieuw gen en een mutatie in een reeds bestaand gen nog niet kunnen onderscheiden.

peter b

“Als je een steen met 100 km/h richting het Oosten gooit en hem dan opraapt en dan weer met zeg 130 km/h (als dat is toegestaan) richting het Oosten gooit, en dat maar lang volhoudt, komt hij wel in de Oeral terecht.”

Precies, Marcel, en dit proces heet intelligent design. Interessant dat je dat zelf niet inziet, terwijl ik je toch steeds heb uitgelegd hoe dat te herkennen. Met alleen meterologische en geologische processen komt die steen nooit in de Oeral. Misschien met een enorme vloedgolf, maar dat is het creation science model en dat erken je niet. Wat mijn boek betreft, ik ben bezig met een update in het Duits. De nieuwe versie includeert nog meer vernietigende recente argumenten voor elke vorm van gradulistisch selectionisme. De biologie bewijst dat het een product is van schepping, niet van toeval.

Reply
Marcel D

Precies Peter B. Dat is Intelligent Design. Men weet bij ID van te voren de uitkomst. In dit geval de Oeral. En hoe je daar komt bepaal je ook helemaal zelf. Maar evolutie kent geen doel. De uitkomst had om het even waar kunnen zijn en dan had je hetzelfde verhaal kunnen houden. Een steen in Amersfoort kent ook zijn oorsprong veel noordelijker en is er beetje bij beetje zonder gooien gekomen. Het is als de winnaar van het dobbelspel met afvallers die God dankt en spreekt van een wonder dat hij het alle keren goed had. Maar iemand ging toch zeker winnen.

peter b

Marcel, je hoeft van tevoren de uitkomst niet te weten om ID vast te kunnen stellen. ID is verder niets dan een conclusie. (…) Darwin’s evolutie kent inderdaad geen doel en daarom werd het ook gefalsifieerd, want er zijn veel voorbeelden te geven waarbij de genen al aanwezig (moeten) zijn, die later pas in eukaryota worden toegepast. Dit was een van de grote verrassingen van de ontwikkelinggenetica. Waarom was het een verrassing? Omdat men dit vanuit het Darwinistenparadigma niet had verwacht. Ernst Myer had voorspeld dat zulke genen niet kunnen bestaan. Daarom wordt Darwin opnieuw gefalsificeerd door de waarnemingen. Nu moeten ze weer de geschiedenis herschrijven.

Reply

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

 tekens over