“Wie het leven van deze menschen van nabij heeft beschouwd, weet tot welk een puriteins ras zij behoren, hoe hun huid en hun levensbeschouwing gelooid zijn tot harde, dogmatische koppen, gekerfd en verweerd als vermolmde, primitieve heiligenbeelden. Dit volk is een arm volk. Maar het is een volk van vorsten.”

Deze lovende kritiek kreeg het schilderwerk van Ernst Leyden dat als titel Biddende Vissers heeft. Het schilderij hangt in het Urker museum ‘Het Oude Raadhuis’. Eind maart 2017 bezocht ik dit museum. Het museum is gevestigd in het voormalige raadhuis dat van 1905-1988 dienst heeft gedaan als bestuurscentrum van de gemeente Urk. Omdat de gemeente een nieuw gemeentehuis in gebruik nam, werd het gebouw (na een grondige verbouwing) in gebruik genomen als museum.

Urker museum

Wil je de Urker cultuur snuiven, dan moet je zeker het museum bezoeken. We zien bijvoorbeeld de klederdracht, het huisraad, de huisinrichting, een echte visserswoning en een ingerichte scheerwinkel (de ontmoetingsplaats van het dorp). In de bovenzaal krijg je meer informatie te zien en te lezen over het dagelijks leven op Urk en de verschillende ambachten die er werden beoefend. De hele tentoonstelling speelt zich af rond eind 19e tot begin 20e eeuw, toen Urk nog een eiland was. Je hoeft jezelf overigens niet af te vragen hoe Urk er rond 1920 uitzag. Een gedetailleerde en indrukwekkende maquette geeft een beeld van het eiland in de oude glorie. Naast dit alles is er een tentoonstelling van Urk ten tijde van de Tweede Wereldoorlog. Diverse Urkse vissersschepen kunnen in een dergelijk museum ook niet ontbreken en daarom is er een zaal vol met boten. In dezelfde zaal ontvang je ook uitleg over de vismethoden zoals spanvisserij en over allerlei modellen van visnetten. Ter afsluiting kun je, als er geen trouwerij is, een film bekijken over het dagelijks leven op Urk in de begin 20e eeuw, over hoe Urk ‘eiland af’ werd en hoe de visserij vandaag de dag functioneert.

1200px-Hohe_Villerspitze_von_Nordosten.wikipedia

Het museum is vooral cultuurhistorisch interessant. Vergeet bij een dagje Urk daarom het museum niet. Wie wil weten hoe het Urker eiland de afgelopen eeuwen aan geografische en geologische veranderingen onderhevig is geweest, en wat de natuurlijke oorzaken van die veranderingen zijn, krijgt helaas weinig tot geen informatie. We zien enkele kaarten aan de muur hangen waarop Nederland te zien is vóór en ten tijde van de Romeinen1, in de 13e-14e eeuw, tijdens de tachtigjarige oorlog en in de 20e eeuw. Daarbij is goed te zien hoe Urk van een schiereiland veranderde in een eiland omgeven door water. Dit betreft uiteraard het eiland vóór de drooglegging van de Noordoostpolder. Maar hoe is het Urker eiland ontstaan? Is het echt een product van meerdere ijstijden? Of worden meerdere ijstijden door het museumbestuur bij voorbaat al afgeserveerd omdat er volgens de naturalist duizenden jaren mee gemoeid zijn en het bestuur deze jaartallen terecht als onjuist ziet? Laten we echter niet het kind met het badwater weggooien. Het kan namelijk ook anders: veel creationisten duiden de verschijnselen die te zien zijn in de Urker bodem wel als ijstijdverschijnselen, maar ze denken anders over de tijdschaal. Ze plaatsen deze ijstijdverschijnselen in een korte chronologie van duizenden jaren.2 In een museum op Urk zou deze visie zeer goed passen. Is een van de doelen van een museum niet de volwassenen en de kinderen uit de directe omgeving iets te leren over het leven op en het ontstaan van Urk? Is er niet een dringende behoefde onder de bevolking om de dingen die in het veld gevonden worden – de Urker vissersschepen vissen jaarlijks veel botten van de Noordzeebodem – te duiden in een christelijk kader?3 Een museum is dan bij uitstek de plaats om kinderen hierover te onderwijzen. We vinden in de vitrines wel mammoetkiezen en -slagtanden en andere paleontologische en archeologische vondsten die door de vissers naar boven zijn gehaald. Helaas staat er geen omschrijving bij zodat de leek in het duister tast over wat het allemaal is of waar het voor dient. In een museum over een christelijk dorp als Urk zou het verschil gemaakt kunnen worden op het gebied van het ontstaan en de ontwikkeling van het eiland en haar bevolking.4

Voetnoten

  1. Jan Rein de Wit schreef een lezenswaardig artikel in Weet Magazine over wat er ten tijde van de Romeinen op het schiereiland Urk gebeurde. Wellicht is het mooi om dit verhaal ook een plaatsje te geven in het museum. Bron: Wit, J.R. de, 2017, Nederland in het jaar nul. Wat gebeurde er in de lage landen toen Jezus over de aarde liep?, Weet 44: 40-43.
  2. Het chronologisch kader van een creationist is een zesdaagse schepping (zo’n 6.000 tot 10.000 jaar geleden), een historische zondeval, een wereldwijde zondvloed, en een turbulente herstart van het klimaat, het aardoppervlak en het leven direct na de zondvloed. Langzaamaan (over een periode van duizend jaar) werd dit minder turbulent. Eén of meerdere ijstijd(en) zouden dan plaatsgevonden hebben in de periode van de turbulente herstart van het klimaat, nieuwe vorming van het aardoppervlak en het opnieuw oppakken van het dagelijkse leven.
  3. Diverse wetenschappers zijn aangesloten bij Logos Instituut. Logos Instituut is van harte bereid mee te denken rond vragen over de oorsprong van het Urker eiland en haar bevolking.
  4. Meer dan 80% van de Urkers stemden bij de afgelopen landelijke verkiezingen voor de Tweede Kamer op een christelijke partij (CU, SGP of CDA).

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

11 Comments

Hetty Dolman

De geachte heer van Meerten schreef:
“Helaas staat er geen omschrijving bij zodat de leek in het duister tast over wat het allemaal is of waar het voor dient. In een museum over een christelijk dorp als Urk zou het verschil gemaakt kunnen worden op het gebied van het ontstaan en de ontwikkeling van het eiland en haar bevolking.”

Het is helaas onmogelijk om de geologische geschiedenis van Urk, op basis van de opbouw van aardlagen, creationistisch te verklaren. Vandaar dat dit onderwerp, juist in een christelijk dorp wordt overgeslagen. De evidentie voor de ijstijd (1 keer ijs, 1 keer een zeer koude tijd, poolklimaat) ligt onder de veenlagen, de volgorde van de lagen gaat in tegen het creationistisch gedachtegoed. De opbouw van de Urker ondergrond zullen de Urker vissers liever niet in hun museum willen zien. Lees in elk geval: http://www.geologienederland.nl/files/ftp/Van%20der%20Lijn%20reservaat%20(1).pdf

Reply
J

Hoi Jan,

“In een museum op Urk zou deze visie zeer goed passen.”

Volgens mij zijn musea niet de plek om het gesprek te voeren over de validiteit van verschillende oorsprongsvraagstukken. Waarom zou een christelijke visie hier beter bij passen? Is er ook een boeddhistische visie, en een islamitische visie op het ontstaan van Urk? Urk is tenslotte maar een keer ontstaan. Wat zou zo’n museum nu concreet moeten doen, om zodoende én de christelijke ‘achterban’ tevreden te stellen, én tegelijkertijd de mainstream wetenschap te belichten?

Reply
Jan van Meerten

De geachte mevrouw Dolman schrijft: “Het is helaas onmogelijk (…) creationistisch te verklaren.”. Ik respecteer de mening van mevrouw Dolman, de realiteit laat echter iets anders zien: er worden door creationisten meerdere hypothesen opgesteld m.b.t. de ijstijd. Nederlandstalige maar ook Europese creationisten hebben in het verleden nagedacht over een ‘ijstijd over Nederland/Europa’ (ik denk bijvoorbeeld aan de bijdragen van Hoogerduijn, Van der Louw, Molén en Wiegers). De suggestie één keer ijs en één keer een zeer koude tijd doet aan deze creationistische werkhypothesen geen recht. Lees daarvoor bijvoorbeeld de bijdragen van Oard (die ijstijden ziet als direct gevolg van de zondvloed en daarvoor steun krijgt van veel creationisten) en Hoogerduijn (die ijstijden ziet als aparte klimaatcatastrofe en daarvoor vooral in Europa medestanders vindt). Dat naturalistische natuurfilosofie niet in een museum van een christelijk dorp past daar ben ik het niet mee eens, er zou wat mij betreft een ‘twee-referentiekader-onderwijs’ moeten zijn (een creationistische en een naturalistische visie). De kinderen uit het dorp worden immers in het dagelijks leven ‘geconfronteerd’ met deze naturalistische natuurfilosofie.

De geachte J. schrijft: “Urk is tenslotte maar een keer ontstaan”. Inderdaad! En ik meen dat de creationistische visie, die rekening houdt met Gods openbaring, schepping, zondeval en zondvloed, in het onderzoek dichter bij de waarheid m.b.t. het ontstaan van Urk zit dan de naturalistische visie. Een naturalist (al dan niet theïstisch) zal het daar uiteraard mee oneens zijn (en dat mag). Waarom een boeddhistische of hindoeïstische visie niet op het christelijke Urk past behoeft geen betoog. Ik ben niet bekend met een boeddhistische/hindoeïstische gemeenschap op Urk. De geachte J. vraagt: Wat zou een museum moeten doen om de achterban tevreden te stellen? Een twee-referentiekader-onderwijs aanbieden. Zodat de kinderen (en ook de volwassenen) beide visies onder ogen krijgen en zelf daarover na kunnen denken. In veel musea krijgen ze maar één denkrichting mee nl. een naturalistische.

Reply
Peter

“De kinderen uit het dorp worden immers in het dagelijks leven ‘geconfronteerd’ met deze naturalistische natuurfilosofie.”

De kinderen uit het dorp Urk worden in hun dagelijks leven geconfronteerd met creationisme. Dat is wat ze op Urk te horen krijgen. Hoeveel kinderen op Urk gaan naar een middelbare school waar iets anders te horen is? Soms komt iemand uit Urk tot [een ander] inzicht, zie: https://www.nrc.nl/nieuws/2017/04/09/de-visser-die-graag-botten-vangt-8040543-a1553868

Reply
Hetty Dolman

“Ik respecteer de mening (…) ‘ijstijd over Nederland/Europa’”

Uiteraard respecteer ik ook de mening van de geachte heer van Meerten, maar de realiteit lijkt mij toch dat de geologie van Urk wel iets gevarieerder is dan alleen restanten van één ijstijd, hoewel Schokland en Urk hun bestaan danken aan de laatste ijstijd. Dus de creationistische verklaring wat betreft een ijstijd dekt totaal niet de lading van de Urker geologie. Het geologisch reservaat bij Urk laat zien wat voor geologische evenementen er historisch gezien hebben plaatsgevonden. Rivierduinen, gepolijste stenen, diepe verwering, dekzanden, rivierzanden en tot slot veen, noem maar op. [Zie:] http://docplayer.nl/25123839-Het-geologisch-reservaat-bij-urk.html Creationisten zullen alle geologische waarnemingen moeten interpreteren, niet alleen die van een ijstijd, om een creationistisch plaatje van de urker geologie te fabriceren. Overigens schrijven creationisten de ijstijd toe aan een ‘ramp’ ten gevolge van de zondvloed. Er was veel as in de lucht, het regende, en zonlicht bereikte nauwelijks de aarde. Hoe er dan een regenboog kon zijn, en Noach een wijngaard hield alsof het klimaat gewoon mediterraan was is mij een raadsel.

Reply
Jan van Meerten

De geachte mevrouw Dolman slaat een groot deel van mijn reactie over. De geologie rondom ijstijdverschijnselen is inderdaad complex, dat neemt niet weg dat er creationistische werkhypothesen zijn opgesteld. Deze hypothesen ga ik hier niet omschrijven de ruimte, is daarvoor té beperkt, daarom verwees ik hier naar mensen die daar uitgebreid over geschreven hebben. De creationistische visie beschrijven als ‘één keer ijs(tijd), in één periode van koude’ is een karikatuur die in het vervolg van haar reactie door de geachte mevrouw Dolman wordt bestreden. Aan het verdedigen van karikaturen heb ik geen behoefte. In het bovenstaande artikel gaat het niet over ‘alle geologische waarnemingen’ maar over ‘een ijstijd op Urk’. Hoewel het verleidelijk is, moeten we niet onze doelpalen verzetten.

De geachte Peter schrijft: “De kinderen (…) met creationisme.” Heeft de geachte Peter kennis van de methoden die gebruikt worden op deze basisscholen en de (lees)boeken die daar in de kast staan? Ik ben (nog) niet op de hoogte van de methoden die gebruikt worden op Urk, maar weet wel dat iedere plaatselijke bibliotheek een aantal, zo niet veel, boeken heeft die uitgaan van de naturalistische natuurfilosofie. Met uw steun, geachte Peter, is het mogelijk meer creationistische lectuur te maken en aan te bieden aan de basisschoolkinderen op Urk, zodat het beoogde evenwicht ontstaat. Het verhaal van Klaas Post laat zien dat Urkers inderdaad ‘geconfronteerd’ worden met de naturalistische natuurfilosofie. Een verhaal wat overigens niet ten gunste is van de theïstisch/deïstisch evolutionistische gemeenschap in Nederland. Of de acceptatie van universele gemeenschappelijke afstamming bij de geachte heer Post ook een rol gespeeld heeft in het verlaten van het christelijk geloof is mij (nog) niet duidelijk, wellicht speelden er (ook) andere zaken (mee).

Reply
Hetty

De geachte heer van Meerten schreef:

“daarom verwees ik hier naar mensen die daar uitgebreid over geschreven hebben.”

Die mensen hebben niets geschreven over de geologische geschiedenis van Urk. Ik ben op de hoogte van de creationistische visie over een ijstijd.

“De creationistische visie beschrijven als ‘één keer ijs(tijd), in één periode van koude’ is een karikatuur die in het vervolg van haar reactie door de geachte mevrouw Dolman wordt bestreden.”

Dat is geen beschrijving van een creationistische visie, noch een karikatuur. Het is gewoon een stukje koude geschiedenis van Urk, zoals beschreven door de geologische vereniging: de eerste keer pakijs, (dan een warmere periode) de tweede keer pool klimaat. Maar dat is dus lang niet het hele verhaal.

“Aan het verdedigen van karikaturen heb ik geen behoefte. In het bovenstaande artikel gaat het niet over ‘alle geologische waarnemingen’ maar over ‘een ijstijd op Urk’. Hoewel het verleidelijk is, moeten we niet onze doelpalen verzetten.”

Zo heb ik het artikel niet geïnterpreteerd, en er is geen enkel museum op de hele wereld die maar één stukje van een geologische geschiedenis weergeeft. Een museum die de geologische geschiedenis van een locatie tentoonstelt, geeft een compleet plaatje. Vandaar dat ik dat dacht dat u in het artikel liet doorschemeren dat u het geologische verleden van Urk in het museum had willen aantreffen. Dat schijnt een misverstand te zijn.

Reply
Jan van Meerten

Geachte mevrouw Dolman, u schrijft: “Die mensen hebben (…) geschiedenis van Urk.”. Dit is een onjuist weergeven van mijn reactie. Het ging in mijn reacties om de creationistische werkhypothesen rondom de ijstijdverschijnselen en in dat verband zijn de personen aangehaald. Daarnaast is deze zin onjuist, mijn zeer gewaardeerde medecreationisten Hoogerduijn en De Wit hebben wel degelijk gepubliceerd hierover. U beschreef de creationistische visie als ‘één keer ijs(tijd), één koude periode’ en dat is een karikatuur. Goed dat u daar nu afstand van neemt. Het lijkt erop dat u de naturalistische visie op deze ijstijdverschijnselen als feit neemt en dan verzoekt dit vermeende feit in te passen binnen een creationistisch referentiekader. Creationisten gaan hierin gelukkig hun eigen weg, zoals ook in de creationistische literatuur te zien is en waarvan ik hierboven de namen van de auteurs gegeven heb. U schrijft: “Een museum die (…) een locatie tentoonstelt, geeft een compleet plaatje.” Ik sprak, zoals al eerder gezegd, niet over ‘de geologische geschiedenis’ maar over het ontstaan van Urk. Zelfs volgens de naturalist ontstond Urk ‘laat’ in de geologische geschiedenis, namelijk in het Pleistoceen. Als we dus zowel naturalistisch als creationistisch in een museum spreken over het ontstaan van Urk dan begint men als naturalist bij het Pleistoceen (of iets daarvoor) en als creationist bij de ijstijdverschijnselen (of iets daarvoor). Een twee-referentiekader-onderwijs zou op deze manier eenvoudig en overzichtelijk op één bord weergegeven kunnen worden. Dat zou helderheid verschaffen in de verschillende visies op de oorsprong van Urk. We zijn daarmee de cirkel rond en daarom wat mij betreft aan het einde gekomen van onze gedachtewisseling.

Reply
Peter

Als de plaatselijke openbare bibliotheek op Urk goede boeken heeft die iets anders inhouden dan het creationisme dat de kinderen daar verder thuis en op school [onderwezen krijgen] dat alleen maar goed. Daar leren ze nadenken van – als het niet door het thuisfront aan de kinderen verboden wordt dergelijke boeken te lezen.

Reply
Jan van Meerten

De geachte Peter geeft geen antwoord op mijn vraag of hij op de hoogte is van het onderwijs op Urk. Welke methoden worden er gebruikt etc.? Als een Urker basisschool bijvoorbeeld de lesmethode Geobas gebruikt dan is dat een voluit naturalistische methode waar voor een creationistisch referentiekader geen plaats is. Binnenkort op deze website een uitgebreide analyse van mijn hand van deze methode. Zoals gezegd ben ik niet bekend met welke lesmethoden gebruikt worden op Urk.

Reply
Hetty Dolman

Ik krijg het idee dat de geachte heer van Meerten en ik langs elkaar heen communiceren. Ik heb van Hoogerduin en de Wit niet iets kunnen vinden over de geologie van Urk. Misschien kunt u me eventueel helpen met een link. Alleen over ijstijden. In een museum over Urk past (nogmaals) geen algemene visie op de ijstijden. Want die gaan over heel Europa en Nederland en niet speciaal over Urk. Uw mening past blijkbaar ook niet in het beleid van het museum op Urk.

“Als we dus zowel naturalistisch als creationistisch in een museum spreken over het ontstaan van Urk dan begint men als naturalist bij het Pleistoceen (of iets daarvoor) en als creationist bij de ijstijdverschijnselen (of iets daarvoor).”

Het verhaal van creationisten is dan aanmerkelijk minder compleet. Of dat reclame is voor het creationisme lijkt me niet zo evident. Met name de veengebieden als afsluiting lijkt me vragen oproepen.

Reply

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

 tekens over