De unieke organisatie van een bijenvolk heeft door de eeuwen heen de mensheid gefascineerd. In het oude Egypte zag men al iets goddelijks in deze kleine wondertjes van de schepping. De Egyptenaren beschouwden ze als de tranen van de zonnegod. Maar het lukte hen duizenden jaren geleden ook al om honingbijen te houden. De imkers hadden destijds zelfs schepen die door het seizoen heen de Nijl afvoeren tot aan de monding in de Middellandse Zee. Zo konden ze profiteren van de verschillen in bloeitijd tussen binnenland en kust. Door ervaring wijs geworden voeren ze alleen ’s nachts want als je overdag de bijenkorf verplaatste dan konden de bijen de weg naar huis niet meer vinden. Maar verplaats je een bijenvolk in de nacht dan oriënteren de bijen zich opnieuw, zo weten we nu, en vinden ze de volgende dag moeiteloos de weg terug naar de korf. Ook de Grieken in de oudheid zagen de honingbij als goddelijk. De vruchtbaarheidsgodin Artemis in Efeze werd afgebeeld met bijen. Haar priesteressen noemde men melissae naar melissa, het Griekse woord voor honingbij. De Artemis van Efeze kennen we van het boek Handelingen waarin de opruiing van de zilversmeden staat beschreven.

De kerkvaders in Griekenland, Klein-Azië en Rome zagen de honingbij niet als goddelijk maar hun verwondering over de honingbij was een bron van inspiratie. Men zag een bijenvolk wel als een voorbeeld van de kloostergemeenschap en men vergeleek het ook wel met de gemeenschap van gelovigen. Omdat men in die tijd nog niet wist dat de koningin van een bijenvolk na het paren op de bruidsvlucht jarenlang bevruchte eieren kan leggen, zagen theologen de koningin als een symbool van de maagdelijkheid van Maria. Dat klopt dus niet en de Bijbel geeft daar dan ook geen enkele aanwijzing voor. We kunnen ons wel nog steeds verbazen over het feit dat een koningin jarenlang tot wel 2.000 bevruchte eieren per dag kan leggen. Ze krijgt daarvoor van haar hofhouding van een twaalftal werkbijen dan ook supervoedsel aangereikt: koninginnegelei.

De grote ontdekkingen

De grote verwondering over de capaciteiten en de organisatie van de honingbij verdween merkwaardig genoeg in dezelfde periode dat de wetenschap ontdekte hoe uitzonderlijk een honingbij is. De Joodse bioloog Karl Ritter von Frisch kreeg in 1973 de Nobelprijs voor zijn onderzoek waarin hij de verklaring had gevonden voor de kwispeldans van de honingbijen. Met deze dans kan een honingbij voor een rijk voedselgebied de juiste richting aangeven ten opzichte van de zon en de afstand tot de korf. Dat is uiterst belangrijk want het vliegen vreet energie en als de bijen veel tijd verbruiken met zoeken dan verbruiken ze alle nectar voor hun vleugels. Maar wie heeft hun toch ooit die kwispeldans geleerd?
Bijen hebben een perfecte ingebouwde klok en een oog voor de meting van de zonnestand. Na het dansen verwerken ze de veranderingen van de zonnestand om de juiste richting vast te houden.

Een heel wonderlijke eigenschap van de bij is het maken van zeshoekige raten met was die de werkbijen in een bepaalde levensfase uitzweten. De vorm van de honingraat is de inspiratiebron voor een belangrijke ontwikkeling in de industrie. Iedereen kent de zeshoekige vorm van de honingraat en overal op aarde gebruiken honingbijen juist die vorm. Dat is niet toevallig; deze vorm is supersterk en je hebt er minder materiaal voor nodig dan voor welke andere vorm dan ook. Dat is belangrijk voor de bijen want de productie van was gaat ten koste van de honingvoorraad. Het kost vijf gram honing om één gram was te maken. Met 85 gram was maken de bijen voldoende raat om twee kilo honing op te slaan. De tussenschotten van de honingraat zijn superdun: 0,07 millimeter! Bedenk dat voor een theelepel honing acht bijen hun hele werkzame leven druk bezig zijn. Elke bij heeft dan wel 800 kilometer gevlogen met tienduizenden tussenlandingen.

Vliegtuigbouwers ontdekten dat je met de honingraatstructuur superlichte en toch sterke platen van aluminium kunt maken. Hoe is het mogelijk dat de honingbij deze vorm overal op aarde perfect toepast voor de honingraat? Hoe ontdekten ze dat exact deze vorm optimaal is en waarom duurde het tot ver in de 20e eeuw voordat onze wiskundigen en ingenieurs in de gaten kregen dat deze zeshoek perfect is?
Een heel recente ontdekking is de gevoeligheid voor elektromagnetische straling. Die ontdekking geeft een antwoord op de vraag hoe honingbijen er toch in slagen om te weten of een bloem nectar heeft of leeg is door het bezoek van een andere bij. Een honingbij moet heel efficiënt omgaan met energie en dus is het belangrijk om onnodige inspanning te vermijden. God heeft de honingbij een wonderlijk instrument gegeven. De bij voelt aan het elektromagnetisch veld van een bloem of een bezoekje zin heeft.

De ontwikkeling van robotbijen

Terwijl we nu zoveel weten over deze wonderlijke minischepsels is de verwondering die er vroeger was, vaak verdwenen. De onvoorstelbare eigenschappen van de honingbijen maken op de moderne mens nauwelijks indruk. Het leidt niet tot bewondering voor hun Schepper. Waar we ons over verbazen zijn onze technologische prestaties zoals de allernieuwste smart phone, virtual reality en robots.
Maar de mensheid beseft nog wel de afhankelijkheid van de bijenvolken en men ziet het gevaar dat de honingbij uitsterft. Dat gevaar is reëel. De bijenvolken lijden onder landbouwgiften, er zijn minder bloemen dan vroeger en bovendien lijken de bijenvolken door rassenveredeling ook gevoeliger voor ongedierte en ziekten te worden. De gevoeligheid van bijen voor elektromagnetische straling draagt allicht ook niet bij aan het welzijn. Deze straling is immers met de komst van zendmasten voor mobiele telefonie enorm toegenomen.

Het uitsterven van de honingbij zou een groot voedselprobleem veroorzaken, omdat dan veel van onze voedingsgewassen niet meer bestoven worden. Dat willen we niet en daarom zetten we ons in voor meer bloemen en voor beperking van landbouwbestrijdingsmiddelen al is dat een moeizame strijd. Maar de moderne mens zet als vanzelfsprekend ook in op techniek. We denken dat elk probleem met nieuwe technologie is op te lossen. Bij het Wyss Instituut van de Harvard Universiteit heeft men dan ook al een oplossing bedacht: de robotbij! De Amerikaanse overheid gelooft er wel in. Die heeft in elk geval al miljoenen dollars uitgegeven voor onderzoek.

Op Harvard weet men nu in elk geval hoe verbazingwekkend knap de honingbij in elkaar steekt. De besturing en de sensoren zijn uiterst complex en alles moet ook nog ongelooflijk licht zijn. De honingbij kan meer dan zijn eigen gewicht aan nectar meedragen over kilometers afstand. De robotbij lukte het tot voor kort niet om het eigen gewicht inclusief een mini-accu de lucht in te krijgen. Maar op 25 oktober 2017 meldde het Wyss Instituut dat men erin geslaagd was om een robotbij te laten vliegen. In plaats van een zware accu gebruikt men nu een brandstofgas De allernieuwste technologische ontwikkelingen zijn uit de kast gehaald voor deze nog primitieve versie die nog bepaald niet in staat is om bloemen te bestuiven. Zal het echt lukken om een robotbij te maken die net als een honingbij met lading kilometers kan vliegen en precies weet waar de bloemen zijn die bestoven moeten worden? En als dat echt zou lukken hoeveel moet je er dan maken? Een enkel bijenvolk bevat in de zomer wel 60.000 bijen. Voor bijvoorbeeld een bloeiende appelboomgaard heb je al een aantal volken nodig. Wereldwijd gaat het om vele miljarden honingbijen.

Maar de mens is vindingrijk. We benaderen het probleem ook vanuit een andere hoek. Het manipuleren van de genetische eigenschappen van planten heeft een geweldige vlucht genomen. Er zijn dan ook al specialisten bezig om appelbomen, koolzaad, groenten en wat ook maar te ontwikkelen die geen bestuiving door insecten meer nodig hebben. In plaats van bewondering en ontzag voor de schepping knutselen we als een tovenaarsleerling aan de natuur zonder te beseffen hoe planten en dieren samen een uiterst complexe schepping zijn waarin alles in elkaar grijpt.

De auteur heeft hierover ook een boekje geschreven. Dit boekje wordt in onze webshop te koop aangeboden.

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

Written by

De unieke organisatie van een bijenvolk heeft door de eeuwen heen de mensheid gefascineerd. In het oude Egypte zag men al iets goddelijks in deze kleine wondertjes van de schepping. De Egyptenaren beschouwden ze als de tranen van de zonnegod. Maar het lukte hen duizenden jaren geleden ook al om honingbijen te houden.

...
Read more