Lang, lang geleden was er niets. Niets. Nee, geen aarde, geen zee, geen ster en geen zon. Toch was daar ergens een goddelijk wezen. Niet aards en aan het stof gekluisterd zoals wij lage stoffelijke stervelingen maar hoogst zuiver en geestelijk. Hij was niet alleen. Steeds was hij omringd door talloze eonen, geestelijke wezens die aan hem niet gelijk waren maar als ondergoden een zuiver en geestelijk gelukkig leven leidden. Op een onzalig ogenblik bracht Sophia, een van die eonen, waarvan de wijzen voorzichtig fluisteren dat ze de vrouw van god was, uit zichzelf (zonder instemming van de hoogere Geest) een seksuele gedachte voort. Dat had dramatische gevolgen. Er was een wezen verwekt. Geen zuiver en geestelijk wezen zoals de wezens waar de geestelijke werkelijkheid mee vervuld was, maar een wanstaltig onvolmaakt iets.. Ontzetting beving Sophia. Wat had ze gedaan! Met walging slingerde ze dit wezen (door haar Jaldabaoth genoemd) de geestelijke wereld uit opdat niemand van de onsterfelijke eonen het ooit te zien zou krijgen. Jaldabaoth had een vurig en boosaardig karakter. Met al wat het in zich had bracht hij het lage, materiele en stoffelijk voort als emanatie van zichzelf. Jaldabaoth is de grote wereldheerser. Jaldabaoth krijgt in zichzelf een kwade gedachte: ‘ik ga een stoffelijke wereld scheppen’. Hij wordt hiermee de scheppergod van alle kosmische levende wezens, de kwade Demiurg. De Demiurg en de aardse levende wezens zijn niet zuiver geestelijk, maar hun zieleleven is slechts psychisch van aard. Toch had Jaldabaoth een stukje geest van Sophia in zich. Die geest, ook wel de Pneuma genoemd, gaf hij weg aan een wezen dat hij zelf gemaakt had: de mens. Alleen de mens, die de geest van Sophia krijgt heeft daardoor besef van de hoge werkelijkheid. Helaas is deze mens gevangen in de lagere natuur. De mens kan opgewekt worden uit de bestaande doodse lagere natuur door een wezen van menselijke statuur die tegelijk een geestelijk wezen is, die als bemiddelaar van de gnosis optreedt, en wetenschap verschaft over de herkomst van de mens, de val uit de geestelijke wereld, en de weg terug van bevrijding uit deze stoffelijke wereld.

waar_haalden_de_gnostici_hun_wijsheid_vandaan-bol

“Uitgeverij Damon heeft een goed werk gedaan door aandacht te vestigen op deze stromingen.”

Deze mythe van de gnostiek (ook wel de mythe van Sophia) genoemd bekijkt het scheppingsverhaal vanuit een ander perspectief dan de Bijbel dat doet. Volgens gnostici heeft de hoogste God de wereld niet voortgebracht maar heeft een minderwaardige bastaard geboren uit een fout in de geestelijke wereld dat gedaan. Bij uitgeverij Damon verscheen dit jaar een boek van de werkgroep Gnostiek met als titel Waar haalden de gnostici hun wijsheid vandaan? Het is heel lastig om een definitie of omschrijving te geven van de Gnostiek, maar in het boek wordt een poging gewaagd. De Gnostiek is de naam van een beweging die vanaf de eerste eeuwen van onze jaartelling haar sporen heeft nagelaten in het christendom en sindsdien langs velerlei wegen invloed is blijven uitoefenen en mensen is blijven boeien. De gnostiek wordt gezien als verzamelnaam van een brede waaier aan religieuze gedachten en stromingen binnen het vroege christendom. Veelal hadden de gnostici een negatieve visie op de aardse zichtbare wereld en hadden ze hun hoop gevestigd op een andere geestelijke werkelijkheid waar hun Ik of Zelf naar terug wilde keren. Ze dachten, tegengesteld aan de boodschap van Genesis, dat de wereld niet geschapen was door God maar door een arrogante en tirannieke wereldschepper (of Kwade Demiurg).

Uit het boek blijkt dat er veel onduidelijkheid is over de oorsprong van de Gnostiek. Sommigen menen dat het een oosterse, dualistische, religieuze beweging is met Joodse, Iranese of Egyptische wortels. Anderen denken aan een vorm van intellectuele speculatie in het kader van de hellenisering van oudere religieuze tradities, daarmee zou de gnostiek dus Grieks van oorsprong zijn? Zijn wellicht beide opties tegelijk mogelijk? De kerkvaders voerden de gnostiek terug op Simon de Tovenaar die in het Bijbelboek Handelingen wordt genoemd. Zij noemden Simon de ‘vader aller ketters’. Dr. G.C. Schaeffer heeft hierover een interessant hoofdstuk geschreven en hij komt tot de conclusie: ‘Simonianen waren de eerste ‘gnostici’ in eigenlijke zin’. Het boek boort nog tal van andere onderwerpen aan, geeft aan welke mening de gnostici en haar bestrijders daarover hadden en beschrijft de hedendaagse gnostische invloeden op het christendom. ‘Waar haalden gnostici hun wijsheid vandaan?’ kent drie hoofddelen waarbij het eerste deel ingaat op de oorsprong van de gnosis, het tweede deel op haar aanhangers en tegenstanders en het derde deel inzoomt op een interessante ontdekking in Egypte: Nag Hammadi. De Nag Hammadi zijn een verzameling in Egypte teruggevonden gnostische teksten die pretenderen een ‘geheime’, ‘verborgen’ kennis over te dragen. In de eerste eeuwen van het christendom was de Kerk nog in ontwikkeling, gemeenschappelijke concilies vonden pas plaats in de 4e eeuw. Hoewel er dus geen officiële bestrijding van ketters was middels concilies, was toch ook voor de christenen in de vroegste Kerk al snel duidelijk dat het bij het gnosticisme ging om een ketterij die verworpen, ja zelfs bestreden, moest worden. En werd deze ketterij ook bestreden, twee beroemde bestrijders van het gnosticisme waren Origenes en Augustinus. Hun argumenten tegen de gnostiek vullen drie lezenswaardige hoofdstukken in het boek. Voor wie wat wil weten over de mythen en het geloof van de gnostici is dit boek aan te bevelen. Uitgeverij Damon heeft een goed werk gedaan door aandacht te vestigen op deze stromingen.

zon-pixabay

Niets nieuws onder de zon

Als je het boek leest, blijkt dat gnostische gedachten nu nog niet verdwenen zijn uit de kerk; discussies die in die tijd gevoerd werden worden ook nu nog zeer levendig gevoerd. Dr. H.J. van Rietschoten en W.G. van Rietschoten komen dan ook tot de conclusie: “Het is boeiend te zien dat vele eeuwen geleden, in de vroeg-christelijke periode al een diepgaande, levendige discussie gaande was, met een grote verscheidenheid in opvattingen, tussen de krachtige, dominante, traditionele hoofdstromen en oppositionele gnostische kringen over thema’s die nu nog de gemoederen volop bezig houden. Denk aan moderne discussies over thema’s als: verzoening door voldoening, de strijd in de godenwereld (God en Satan), de vraag waar het kwaad vandaan komt, de schuld of onschuld van mensen, de al of niet zondige mens, een al dan niet metaforische opvatting van het Bijbelse scheppingsverhaal, de verschillende betekenissen die worden gegeven aan ‘Zoon van God’, Christus die de wereld schiep, en in verband hiermee het thema van de allerhoogste God en een lagere scheppergod of de kwestie van de al dan niet metaforische opvatting van Christus’ lijden, sterven en lichamelijke opstanding. De studie van geschriften over de gnostiek vinden wij belangrijk om de hedendaagse discussie in christelijke, kerkelijke kring beter te verstaan, en behulpzaam om de eigen identiteit beter in kaart te brengen.” Met deze woorden komen bij mij de woorden van de wijze koning Salomo in de gedachten: “Er is niets nieuws onder de zon”.

geological-time-spiral-767821_1280

Theïstisch evolutionisme

Twee jaar geleden heb ik in een artikel in het Reformatorisch Dagblad nog gewezen op de gnostische invloeden in het huidige theïstische evolutionisme.1 Door enkele mensen achter deze stroming werd ik toen beschuldigd van ‘de opponent verdacht maken.’ Ik gaf toen aan, dat dit geen verdachtmaken betrof maar enkel een constatering. Het lezen van dit boek heeft de gedachte dat er gnostische invloeden zijn in het theïstisch evolutionisme bij mij niet weggenomen, integendeel, het heeft deze gedachte juist bevestigd. Gnostische invloeden zijn aanwijsbaar in het theïstisch evolutionisme. In het hoofdstuk ‘De oorsprong van de gnosis’ schrijft dr. J. Brankaer: “De geschiedenis die in de gnostische mythen wordt geschilderd, is niet in de eerste plaats historische werkelijkheid. Verhalen die in Genesis worden voorgesteld als historische gebeurtenissen, zijn in de ogen van de gnostici slechts mythen: symbolische vertellingen die ons iets leren over de huidige menselijke toestand. De gnostische verhalen vertellen niet onze eeuwenlange geschiedenis sinds het ontstaan van de kosmos en zelfs daarvoor. Ze beschrijven de heilsgeschiedenis, die een verborgen dimensie is van alles wat er in de wereld gebeurt. Deze geschiedenis is lineair en leidt onvermijdelijk tot de overwinning van het licht.” Theïstisch evolutionisten geven exact dezelfde beschrijving als het gaat om hun visie op Genesis. Genesis vertelt volgens hen namelijk niet ‘hoe’ (= historisch) God de wereld geschapen heeft maar ‘waarom en waartoe’ (= symbolisch) God de wereld geschapen heeft. Genesis 1-11 zou geen of zeer weinig historische informatie geven. Daarnaast is Gods hand niet op te merken in de evolutionaire geschiedenis maar leidt Hij alles in een verborgen dimensie. Als tweede wil ik citeren uit het hoofdstuk ‘Manichese kosmologie en verlossingsleer’: “De eerste mensen werden vervolgens geschapen als producten van de seksuele begeertes van kwaadaardige mannelijke en vrouwelijke archonten. (…) De eerste twee mensen waren oorspronkelijk blind en doof: zij hadden geen besef van hun goddelijke afkomst, het licht buiten zichzelf of van het goddelijke Lichtrijk. (…) Jezus Zonneglans daalde neer om Adam te onderwijzen over de hoogste God en over het goddelijke licht binnen zijn eigen ziel. Dus was Adam in Mani’s visie de eerste mens die zich bewust kon worden van zijn oorsprong en gnosis (wijsheid of ware kennis) kon ontvangen.” Ook hier dringt zich de vergelijking op. In de theïstisch evolutionistische geschiedenis had Adam (waarvan de voorouders aapmensen waren) eerst geen besef van zijn goddelijke afkomst, hij was immers een aapmens. Maar later, toen Adam oud en wijs genoeg was, werkte God bewustzijn in hem zodat hij zich bewust werd van zijn oorsprong en ware wijsheid ontving. Een derde overeenkomst heb ik in een artikel in het Reformatorisch Dagblad gegeven, namelijk dat de mechanismen achter de evolutietheorie handelen als de kwade Demiurg. Er zijn meer overeenkomsten te noemen maar hier laat ik het even bij. Dat ik dit geschreven heb, wordt niet gedreven door een behoefte aan scherpslijperij maar door oprechte zorg. Zijn medechristenen die de evolutie aanhangen zich ervan bewust welke weg ze bewandelen? Uiteraard nemen theïstisch evolutionisten niet alle leerstellingen van de gnostici over. Gelukkig niet! Veel theïstisch evolutionisten en creationisten zullen samen met bijvoorbeeld Origines belijden: “Het Woord (Christus) heeft een echt menselijk lichaam aangenomen, geen schijnlichaam, om de gehele mensheid te kunnen redden.” Waarmee zowel creationistische als evolutionistische christenen tegen de gnostici de historiciteit van Jezus benadrukken. Jezus die zowel een Zaligmaker is van de ziel als van het lichaam. Paulus noemt daarom Jezus Christus ‘de uiterste Hoeksteen; op welken het gehele gebouw (…) opwast tot een heilige tempel in den Heere’ (Efeze 2: 20-21, SV).

Boekgegevens: Bos, A.P., Luttinkhuizen, G.P., 2016, Waar haalden de gnostici hun wijsheid vandaan? Over de bronnen, de doelgroep en de tegenstanders van de gnostische beweging, (Budel: Damon). ISBN: 978 94 6340 042 8.

Voetnoten

  1. http://logos.nl/neodarwinisme-haaks-op-belijdenis/

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

10 Comments

Hetty Dolman

“Jaldabaoth krijgt in (…) de hoge werkelijkheid.”

[Zou] de geachte heer van Meerten [ook] een vergelijking maken tussen het gedachtegoed van theïstische evolutionisten en de geciteerde tekst hierboven[?] (…)

“De eerste mensen werden vervolgens geschapen als producten van de seksuele begeertes van kwaadaardige mannelijke en vrouwelijke archonten. (…) De eerste twee mensen waren oorspronkelijk blind en doof: zij hadden geen besef van hun goddelijke afkomst, het licht buiten zichzelf of van het goddelijke Lichtrijk. (…) Jezus Zonneglans daalde neer om Adam te onderwijzen over de hoogste God en over het goddelijke licht binnen zijn eigen ziel. Dus was Adam in Mani’s visie de eerste mens die zich bewust kon worden van zijn oorsprong en gnosis (wijsheid of ware kennis) kon ontvangen.”

Dat is nu precies te vergelijken met het ‘jonge -aarde-creationisme (of wat er letterlijk in de bijbel staat) en bepaald niet met de theïstisch evolutionistische gedachte! Of zoals staat geschreven [in] Gen 3: “Toen zeide de Heere God: Ziet, de mens is geworden als Onzer een, kennende het goed en het kwaad! Nu dan, dat hij zijn hand niet uitsteke, en neme ook van den boom des levens, en ete, en leve in eeuwigheid.” Daarvoor had de mens geen idee over een goddelijke oorsprong of over goed en kwaad. En ook volgens jonge-aarde-creationisten is Jezus al betrokken bij het gebeuren.

Reply
Jan van Meerten

Geachte mevrouw Dolman, u schrijft: ‘[Zou] de geachte heer van Meerten (…)’. Ik sprak over gnostische invloeden binnen het theïstisch evolutionisme en niet over 1 op 1 overname van gnostische mythologieën. Zoals hierboven in het artikel beschreven zie ik gelukkig een gezamenlijk optrekken van creationisten en (veel) theïstisch evolutionisten als het gaat om de verdediging van de historiciteit van Jezus Christus. U schrijft: ‘Dat is nu precies te vergelijken met het ‘jonge-aarde-creationisme (…)’ Dat is duidelijk niet het geval. De mens is volgens de volgelingen van Mani het product ‘van de seksuele begeertes van kwaadaardige mannelijke en vrouwelijke archonten’, in de theïstisch evolutionistische beweging is de mens (Adam) het ‘product’ van de seksuele begeertes van mannelijke en vrouwelijke aapmensen. In de scheppingsleer van creationisten is dat niet het geval daar is de mens een speciale creatie van God zoals ook beschreven in Genesis. Daarnaast heb ik nog een belangrijk citaat gegeven vóór het citaat over Adam, nl. het lezen van Genesis door gnostici als symbolisch i.p.v. historisch. Hieruit blijkt dat de vergelijking tussen creationisten en gnostici op dit punt niet op gaat, maar dat dit wel geldt voor theïstisch evolutionisten.

Reply
Hetty Dolman

Geachte heer van Meerten, U zegt: “Ik sprak over gnostische (…) gnostische mythologieën.”

Nee, u heeft het niet over gnostische invloeden. U trekt een vergelijking, die ik niet deel, en geen enkele christen die genesis niet letterlijk opvat. Als er gnostische invloeden zouden zijn, dan zou er een oorzakelijk verband moeten zijn tussen het gnostische gedachtegoed en theïstisch evolutionisme. U kunt niet enkel teksten naast elkaar leggen en een vergelijking maken, u zult een verband moeten aantonen, dat het gnostische gedachtegoed op een wijze is gelieerd aan het niet letterlijk opvatten van Genesis. Anders blijft het bij verdacht maken.

”in de theïstisch evolutionistische beweging is de mens (Adam) het ‘product’ van de seksuele begeertes van mannelijke en vrouwelijke aapmensen.”

Een christen, creationist of niet, gelooft dat elk nieuw leven wordt geïnitieerd door God. Dat geld niet alleen voor Adam en Eva. We zijn niet alleen een ‘product’

“In de scheppingsleer van creationisten is dat niet het geval daar is de mens een speciale creatie van God zoals ook beschreven in Genesis.”

Ik heb in mijn christelijke opvoeding altijd geleerd dat elk leven een speciale creatie is van God. Uw vergelijking strookt niet met het geloof van christenen en is alleen daarom al onterecht.

“Daarnaast heb ik nog een belangrijk citaat gegeven (..) evolutionisten.”

Theistische evolutionisten vinden dat Genesis niet letterlijk opgevat moet worden, op een neutrale manier, en juist omdat de elementen die het gnosisme er uit haalt passen bij het letterlijk nemen van de scheppingsverhalen. Adam en Eva waren (figuurlijk) blind en doof en zich onbewust van een goddelijke afkomst. Zo staat het in de bijbel en dat vatten veel mensen niet letterlijk op. Als je dat wél doet kan ik wel zeggen dat (jonge-aarde) creationisme behept is met gnostische invloeden. (…)

Reply
Jan van Meerten

Geachte mevrouw Dolman, wellicht is het goed om het artikel nog eens te lezen. U legt woorden in de mond die niet uitgesproken zijn. U schrijft: “Nee, u heeft het niet over gnostische invloeden.”. In mijn artikel schreef ik: “Het lezen van dit boek heeft de gedachte dat er gnostische invloeden zijn in het theïstisch evolutionisme bij mij niet weggenomen.” Hier staat toch echt ‘gnostische invloeden’. U bent vrij om het met deze gedachte oneens te zijn.

U schrijft: ‘het niet letterlijk opvatten van Genesis’. Het gaat in dit artikel niet over het ‘letterlijke’ opvatten van Genesis. In het artikel wordt geschreven: ‘Verhalen die in Genesis worden voorgesteld als historische gebeurtenissen, zijn in de ogen van de gnostici slechts mythen’. Het gaat om de historiciteit van de verhalen in het bovenstaande artikel.

U schrijft: ‘We zijn niet alleen een ‘product’. Dat klopt, maar dat heb ik ook nergens geschreven. Volgens theïstisch evolutionisten zijn de mensen lichamelijk het product van seksuele begeertes van mannelijke en vrouwelijke aapmensen. Ik heb het onderscheid in het artikel gemaakt.

U schrijft: ‘elk leven een speciale creatie’. In het artikel en onze discussie hadden wij het over mensen en niet over alle levensvormen. Laten we niet de doelpalen verzetten in de discussie. Gnostische christenen zien Genesis juist niet als historisch waar en dan is Adam (voor hij bezocht wordt) zich onbewust van zijn goddelijke afkomst. Dit is vergelijkbaar met het theïstisch evolutionisme. Waarbij Adam eerst zonder God leefde en later geroepen werd en bewustzijn kreeg. In de scheppingsleer van creationisten is Adam zich (direct na zijn schepping) wel degelijk bewust van zijn goddelijke afkomst: hij herkende God, hij sprak met God en hij kreeg geboden en verboden van God. Dat kan alleen als je jezelf bewust bent van God. De vergelijking YEC met Gnostici is niet te maken, omdat Gnostici Genesis opvatte als niet-historisch en creationisten zien het als historie, de vergelijken tussen sommige opvatting van Gnostici en TE is wel te maken door middel van de eerder aangevoerde argumenten. Dit niet bedoeld als verdachtmaken maar slechts een constatering. Creationisten en veel TE’ers kunnen gelukkig wel door een deur als het gaat over de historiciteit van Jezus.

Reply
Hetty Dolman

Geachte heer van Meerten,

“Hier staat toch echt ‘gnostische invloeden’.“

Misschien heb ik me onduidelijk uitgedrukt. Ik bedoel te zeggen dat u wel spreekt over gnostische invloeden, maar dit niet waarmaakt. Teksten vergelijken is heel iets anders dan invloeden opmerken. Dan moet u aantonen dat er een verband is, (bijv dat theïstische evolutionisten teksten hebben bestudeerd en dat mensen daardoor beïnvloed worden.) Pas dan is er sprake van invloed van. M.i. zijn christenen die evolutie accepteren uitsluitend beïnvloed door de moderne wetenschap. Je hebt wel christenen met belangstelling voor bijv. het Thomas evangelie, maar dat totaal los van TE.

“U bent vrij om het met deze gedachte oneens te zijn.”

Dat wordt gewaardeerd.

“U schrijft: ‘het niet letterlijk opvatten van Genesis’. Het gaat in dit artikel niet over het ‘letterlijke’ opvatten van Genesis. In het artikel wordt geschreven: ‘Verhalen die in Genesis worden voorgesteld als historische gebeurtenissen, zijn in de ogen van de gnostici slechts mythen’. Het gaat om de historiciteit van de verhalen in het bovenstaande artikel.”

Volgens mij is het zo dat een ieder die genesis niet letterlijk opvat (literair, poetisch) de historiciteit daarmee loslaat.

“U schrijft: ‘We zijn niet alleen een ‘product’. Dat klopt, maar dat heb ik ook nergens geschreven”

U vult dat in voor theïstische evolutionisten. Of zij dat vinden is de vraag. Elk mens is fysiek al een product van seksuele begeerte.

“Hij herkende God, hij sprak met God en hij kreeg geboden en verboden van God.”

Je bewust zijn van God is heel wat anders dan bewust zijn van Goddelijke afkomst.

Reply
Jan van Meerten

Geachte mevrouw Dolman, hartelijk bedankt voor uw verduidelijking. Als ik het goed begrijp dan heeft u ‘problemen’ met het woordje ‘invloed’ en u wenst een historische lijn geschetst te zien als het gaat om de gnostische gedachten. Allereerst is het goed om te beseffen dat dit een recensie is van een boek en geen wetenschappelijk-theologische verhandeling. Daarom wordt deze stelling door mij in de recensie niet breed uitgewerkt en voorlopig zal daar ook niet van komen. Voor een historische lijn en gnostische invloeden in het debat is het goed deze boeken te lezen: The quest for the historical Adam (prof. dr. VanDoodewaard), God and evolution (dr. Richards) en Should christians embrace evolution? (prof. dr. Nevin en dr. Reeves). Daarnaast moet het woordje ‘invloeden’ niet te letterlijk worden genomen. Ik bedoel hiermee de breedste zin van het woord namelijk dat gnostische gedachten aanwezig zijn binnen theïstisch evolutionistische stromingen. U schrijft: Volgens mij (…) daarmee loslaat. Dat lijkt mij een vals dilemma. Niemand neemt bijv. de fabel van Jotam in Richteren 9 letterlijk. Toch zien creationisten Jotam wel als een personage die echt (=historisch) geleefd heeft. U schrijft: ‘Elk mens is (…) van seksuele begeerte.’ In het bovenstaande ging het niet om elk mens, maar om de eerste mens (Adam). Bij TE en Manicheeërs is Adam lichamelijk ‘product’ van seksuele begeerte, bij creationisten een speciale scheppingsdaad (=geen seksuele begeerte). U schrijft over ‘goddelijke afkomst’. In ieder geval wist Adam dat zijn vrouw van goddelijke afkomst was, God bracht haar namelijk tot hem. Genesis 1-3 geeft geen aanleiding te denken dat Adam zich onbewust was van zijn schepping en daarmee zijn goddelijke afkomst. Volgens TE hadden de aapmensen voor Adam helemaal geen bewustzijn en waren zich ook niet bewust van God. Pas met Adam veranderde dat. Daarmee is op dit punt de vergelijking nog steeds te maken tussen de TE en Gnostici.

Reply
Hetty Dolman

“Daarnaast moet het woordje ‘invloeden’ niet te letterlijk (..) theïstisch evolutionistische stromingen.”

U bedoeld misschien dat gedachten die eventueel vergelijkbaar zijn met gnostische gedachten, ook binnen de TE aanwezig zijn.

“Dat lijkt mij een vals dilemma. Niemand neemt bijv. de fabel van Jotam in Richteren 9 letterlijk. Toch zien creationisten Jotam wel als een personage die echt (=historisch) geleefd heeft.”

Een theïstisch evolutionist accepteert de wetenschap. namelijk dat de mens ontstaan is uit een grotere groep in Afrika, waar ook de primitieve menselijke fossielen worden gevonden. Dus elke vorm van theïstisch evolutionisme sluit historiciteit uit. De vergelijking met iemand (een historisch figuur) die een beeldend verhaal verteld is onterecht.

“U schrijft: ‘Elk mens is (…) van seksuele begeerte.’ In het bovenstaande ging het niet om elk mens, maar om de eerste mens (Adam).”

Mag ik vragen wat het verschil is? In allebei de gevallen is Adam stoffelijk. God schiep de normale vruchtbaarheid. Was is daar mis mee?

“Genesis 1-3 geeft geen aanleiding te denken dat Adam zich onbewust was van zijn schepping en daarmee zijn goddelijke afkomst.”

We zien in Gen 3 het volgende: “Toen zeide de Heere God: Ziet, de mens is geworden als “Onzer een”, kennende het goed en het kwaad! Nu dan, dat hij zijn hand niet uitsteke, en neme ook van den boom des levens, en ete, en leve in eeuwigheid.”

Kennelijk had de mens, Adam en Eva, het bewustzijn van een heel jong kind, geen kennis van goed en kwaad impliceert dat. “Onzer een” is overduidelijk een bevestiging dat Adam en Eva daarvoor niet ‘onzer een’ waren

“Volgens TE hadden de aapmensen voor Adam helemaal geen bewustzijn en waren zich ook niet bewust van God. Pas met Adam veranderde dat. Daarmee is op dit punt de vergelijking nog steeds te maken tussen de TE en Gnostici.”

U vult [hier] in naar believen. Zelfs olifanten hebben een bewustzijn.

Reply
Jan van Meerten

Geachte mevrouw Dolman, de recensie en de discussie geeft aan wat de bedoeling is met de vergelijking van TE met gnostici. U schrijft: Een theïstisch evolutionist (…) verteld is onterecht. U gaf aan dat ieder die Genesis niet letterlijk opvat de historiciteit loslaat. Met het voorbeeld heb ik verduidelijkt dat dit niet altijd het geval is. En dat TE’ers overtuigd zijn van het naturalistische verhaal daar ben ik van op de hoogte, dat maakt het juist mogelijk ze te vergelijken met de Gnostici. Die waren ook overtuigd van hun eigen verhaal en lazen daarom Genesis anders.

U schrijft: Mag ik vragen wat het verschil is?. Alle mensen komen voort uit een seksuele daad van twee mensen, maar Adam (de eerste mens) kwam daar niet uit voort maar was een speciale scheppingsdaad van God. Dat is het grote verschil. Bij de manicheeërs en de TE’ers heeft Adam voorouders (resp. archonten of aapmensen) bij creationisten niet. U citeert daarna een tekst uit Genesis 3. Daarin gaat het echter niet over bewustzijn van de goddelijke afkomst van de mens of een bewustzijn van een Hogere Macht. Daarnaast is er onder exegeten discussie wat er bedoeling is van wordt deze woorden. Gezien de context is het onwaarschijnlijk dat Adam en Eva kinderen waren. Maar dat is een andere discussie die hier te voeren is. Daarnaast hebben jonge kinderen wel degelijk besef van goed en kwaad. Citeren van ‘onzer een’ zegt nog niets over bewustzijn van goddelijke schepping en afkomst. U schrijft: ‘U vult (…) een bewustzijn. Laten we hier niet de doelpalen verzetten. Uiteraard hebben we het hier over menselijk bewustzijn (besef van een Hogere Macht) wat verschilt met olifanten bewustzijn (een menselijke interpretatie van gedrag van olifanten waar nog veel discussie over is). Volgens mij is in onze discussie alles gezegd over de vergelijking tussen TE’ers en Gnostici. Er is wel degelijk een overeenkomst tussen sommige gedachten van Gnostici en theïstische evolutionisten. Dit is geen scherpslijperij maar mijn oprechte zorg.

Reply
Hetty Dolman

Geachte heer van Meerten,
“U gaf aan dat ieder die Genesis niet letterlijk opvat de historiciteit loslaat. Met het voorbeeld heb ik verduidelijkt dat dit niet altijd het geval is.”

Kunt u aangeven in welk opzicht een theïstisch evolutionist het scheppingsverhaal nog historisch kan opvatten?

“En dat TE’ers overtuigd zijn van het naturalistische verhaal daar ben ik van op de hoogte, dat maakt het juist mogelijk ze te vergelijken met de Gnostici. Die waren ook overtuigd van hun eigen verhaal en lazen daarom Genesis anders.”

Zo kunnen dus vrijwel alle wereldbewoners, buiten jonge-aarde creationisten, vergeleken worden met gnostici.

“Alle mensen komen voort uit een seksuele daad van twee mensen, maar Adam (de eerste mens) kwam daar niet uit voort maar was een speciale scheppingsdaad van God. Dat is het grote verschil. Bij de manicheeërs en de TE’ers heeft Adam voorouders (resp. archonten of aapmensen) bij creationisten niet.”

Een vergelijking van mijn kant: Elke gelovige denkt dat de mens stoffelijk is geschapen en dat elk mens nog steeds een schepping is.

“Er is wel degelijk een overeenkomst tussen sommige gedachten van Gnostici en theïstische evolutionisten. Dit is geen scherpslijperij maar mijn oprechte zorg.”

Dat is te waarderen maar m.i. onterecht. Het is aan elke individuele gelovige om na te gaan of er in hem of haar belangstelling is voor gnostische ideeën, het is m.i. geen basis voor om dit te stellen voor ‘de’ theïstische evolutionisten.

Reply
Jan van Meerten

Geachte mevrouw Dolman, omdat ik het gevoel heb dat de doelpalen verzet worden en ik in herhaling moet vallen mijn laatste reactie in deze discussie. U schrijft: Kunt u aangeven in (…) historisch kan opvatten? Dat was inderdaad ook mijn vraag aan een theïstisch evolutionist. Maar daar ging deze stelling niet over. U gaf aan dat als letterlijkheid losgelaten wordt ook historiciteit losgelaten wordt, dat is een vals dilemma. Hier heb ik aangegeven hoe creationisten Genesis lezen. U schrijft: “Zo kunnen dus vrijwel (…) worden met gnostici.” Is dit een argumentum ad populum? Daarnaast gaat de vergelijking niet op omdat niet alle wereldbewoners christen en theïstisch evolutionist zijn. U schrijft: “Een vergelijking van mijn (…) een schepping is.” Zoals hierboven aangegeven gaat het hier om de eerste mens en niet om elk mens. Daarom gaat uw vergelijking hier mank. U schrijft: ‘Het is aan (…) ‘de’ theïstische evolutionisten.’. Uiteraard is ieder verantwoordelijk voor zijn eigen ideeën. In onze discussie ging het niet over alle gnostische ideeën maar over de ideeën die te vergelijken zijn met TE. In de bovenstaande discussie is het niet gelukt om deze vergelijking als onjuist te beschouwen. Er zijn overeenkomsten tussen TE en de Gnostici, en dat baart mij zorgen. Dat is geen verdachtmaking maar een constatering het is aan TE of zij deze constatering ter harte nemen.

Reply

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

 tekens over