Vraag

Kan iemand meer helderheid geven over de oertijd/prehistorie? Ik kan sommige dingen niet echt begrijpen. Ik neem als voorbeeld Ötzi. De jongste berekeningen geven aan dat Ötzi geleefd moet hebben tussen 3053 en 2931 voor Chr. Dat zou Bijbels gezien kunnen. Maar waar kwam hij vandaan? Waar kwam zijn familie vandaan vanuit Bijbels perspectief gezien? Als je reconstructies ziet van Ötzi dan zie je hem meestal staan in een dierenvel, speer, ruig gezicht enz. Liepen ze er in die tijd allemaal zo bij (in Israël e.o)? Ötzi is maar één voorbeeld. Er zijn er meer mensenresten en die worden dan ook ouder gedateerd. Bij dieren/planten/continenten wordt altijd naar de zondvloed verwezen, maar als het over Ötzi en zijn verwanten gaat loop ik vast.

Antwoord

In eerdere bijdragen aan deze vragenrubriek schreef ik dat de afzettingsgesteenten die de aarde voor een groot deel bedekken beter verklaard kunnen worden met een catastrofe model, dan met het gangbare uniformitarianistische model1; dat de Alpen ontstaan zijn tijdens die catastrofe2; en dat die catastrofe op grond van Bijbelse gegevens gedateerd kan worden in het eerste deel van het derde millennium v. Chr. (dat begint in 3000 v. Chr. en eindigt in 2000 v. Chr.).3

In 1991 is in de Alpen het lichaam van een man gevonden, dat lange tijd onder het ijs gelegen heeft en daardoor is gemummificeerd. Met de C14 methode is bepaald dat de man (Ötzi) geleefd moet hebben tussen 3053 en 2931 v. Chr. Deze getallen suggereren dat de C14 methode tot op het jaar nauwkeurig is, maar dat is niet zo. De C14 dateringtechniek is erop gebaseerd dat in de atmosfeer op heel veel gewone C12 koolstof atomen een paar afwijkende C1 atomen aanwezig zijn, die onder invloed van zonlicht en andere straling zijn ontstaan. Om precies te zijn: tegenover 1.000.000.000.000.000 gewone C12 atomen zijn er in de atmosfeer van vandaag 10 C14 atomen. In 1000 jaar verdwijnt er van die 10 ongeveer 1 en in de volgende 1000 jaar weer 1. Dit betekent dat de uitkomst van deze dateringsmethode sterk afhankelijk is van de hoeveelheid C14 in de atmosfeer tijdens het leven van het organisme dat gedateerd wordt. Aangezien het percentage C14 fluctueert in de tijd, worden bij toepassing van de methode correctietabellen gebruikt die geijkt zijn aan de hand van metingen aan voorwerpen waarvan de ouderdom uit historische bronnen bekend is. Als die bronnen ontbreken dan wordt een schatting gemaakt van de toenmalige verhouding tussen de C12 en de C14 atomen, uitgaande van de verhouding van vandaag. Het ligt voor de hand dat vlak na een wereldwijde catastrofe de aardatmosfeer niet stabiel was en dat de verhouding tussen C12 en C14 atomen verschilde van de verhouding die vandaag gemeten wordt. Eén C14 atoom meer of minder scheelt 1000 jaar. De schatting van de ouderdom van Ötzi op pakweg 5000 jaar kan daarom afwijken van de werkelijk ouderdom, die makkelijk 10 procent lager kan zijn. Daarmee past Ötzi binnen de datering van de catastrofe uit het catastrofe model op de eerste helft van het derde millennium v. Chr.

Tenslotte nog een paar opmerkingen over de oertijd:

  1. Wetenschappelijke theorieën moeten weerlegbaar en daarom toetsbaar zijn. Veel van de theorieën over de oudste geschiedenis van de mensheid zijn niet toetsbaar en daarom niet wetenschappelijk.
  2. Speculaties moeten niet verward worden met toetsbare feiten.
  3. Wetenschappelijke theorieën over de oertijd moeten, gezien de grote onzekerheden, zeer voorzichtig geformuleerd worden, in de vorm van: “We veronderstellen dat X geldt, op grond van de argumenten Y of de toetsbare gegevens Z.”
  4. Zelfs van zeer recente gebeurtenissen en omstandigheden (bijvoorbeeld de oorlog in voormalig Joegoslavië) blijkt moeilijk met zekerheid vast te stellen wat er precies gebeurd is en hoe de omstandigheden er precies hebben uitgezien. Voor gebeurtenissen en omstandigheden van honderden of duizenden jaren geleden is dat vele malen lastiger en meestal onmogelijk.
  5. Theorieën over de oudste geschiedenis van de mensheid zijn sterk afhankelijk van het hanteren van een unformitarianistisch model of een catastrofe model voor de geologie van de aarde. Aangezien aardlagen gedateerd worden met fossielen en fossielen met aardlagen heeft de modelkeuze gevolgen voor de dateringen.
  6. Wat de Bijbel vertelt over de oudste geschiedenis van de mensheid is in lijn met toetsbare geologische gegevens wanneer die geordend worden volgens het catastrofemodel en ook met de toetsbare geschiedkundige en archeologische gegevens waarover we beschikken, inclusief de ijsmummie uit de Alpen.
  7. Over waar Ötzi vandaan kwam geeft het interessante boek van Tjarko Evenvoer, “De wereldwijde vloed; mythe of oergeschiedenis van de mensheid?” aanknopingspunten.4

Dit artikel is met toestemming overgenomen van de website Refoweb. Het originele artikel is hier te vinden.

Voetnoten

  1. https://www.refoweb.nl/vragenrubriek/25700/het-water-van-de-zondvloed.
  2. https://www.refoweb.nl/vragenrubriek/25781/erosie-en-subductie-van-bergen.
  3. https://www.refoweb.nl/vragenrubriek/24975/verschillende-dateringen.
  4. Tjarko Evenvoer, “De wereldwijde vloed; mythe of oergeschiedenis van de mensheid?” Uitgave Gideon. Dit boek is in onze webshop te vinden.

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

Wim De Jong

Written by

Dr. Ir. W.M. de Jong studeerde toegepaste Wiskunde aan de TU-Delft (1980) en promoveerde aan de Rijks Universiteit Groningen (1994) op een, op praktijkervaring reflecterend, proefschrift over het management van informatisering. Sinds 1999 werkt hij als onderzoeker en adviseur van verandering en innovatie bij INI-Research, respectievelijk INI-Consult. Hij is initiator van de Evoskepsis Association, een werkverband van kritische wetenschappers en praktijkmensen die skeptisch zijn over de empirische onderbouwing van de evolutietheorie. In 2011 publiceerde hij met dr. ir. H. Degens in het peer-reviewed Open Evolution Journal, het artikel The Evolutionary Dynamics of Digital and Nucleotide Codes: A Mutation Protection perspective.