De mens is in staat, informatie te scheppen. Aangezien deze informatie van niet-materiële aard is, kan zij niet afkomstig zijn van ons materiële deel (lichaam). Hieruit kunnen wij concluderen, dat de mens een niet-materiële component (ziel, geest) moet hebben.

Onderbouwing

In de evolutie- en moleculaire-biologie wordt uitsluitend materialistisch gedacht. Dit reductionisme (uitsluitende verklaring binnen het kader van de materie) is in feite tot een dogma verheven. Met behulp van de informatiewetten kunnen wij het materialisme als volgt weerleggen:

Wij hebben allen de vaardigheid nieuwe informatie aan te maken. Wij kunnen gedachten in brieven, verhalen en boeken vastleggen of creatieve gesprekken voeren. Hiermee verwekken wij een niet-materiële grootheid, namelijk informatie. Dat wij voor opslag en doorgifte van informatie een materiële drager nodig hebben, verandert niets aan het wezen van informatie.

Hieruit kunnen wij een heel belangrijke conclusie trekken, namelijk, dat wij naast ons stoffelijke lichaam nog een niet-stoffelijke component moeten hebben. De filosofie van het materialisme, die zijn sterkste manifestatie vond in het marxisme-leninisme en in het communisme, is met behulp van de natuurwetten over informatie wetenschappelijk weerlegd.

Bijbelse aanwijzing

De Bijbel bevestigt, dat de mens niet zuiver stoffelijk is.1 Het lichaam is het stoffelijke deel van de mens, terwijl ziel en geest niet-stoffelijk zijn.2

Voetnoten

  1. Mozes, de Bijbel, Genesis 2:7
  2. Paulus van Tarsus, de Bijbel, 1 Thessalonicenzen 5:23

LEUK ARTIKEL?
Bent u blij met dit artikel? Het onderhoud en de ontwikkeling van deze website vragen financiële offers. Zou u ons willen steunen met een maandelijkse bijdrage? Dat kan door ons donatieformulier in te vullen of een bijdrage over te schrijven naar NL53 INGB000 7655373 t.n.v. Logos Instituut. Logos Instituut is een ANBI-stichting en dat wil zeggen dat uw gift fiscaal aftrekbaar is.

95 Stellingen

Written by

Weliswaar zijn sinds de eerste uitgave van Charles Darwins boek "Het ontstaan van soorten" op 24 november 1859 ontelbare feiten bekend geworden, die heel duidelijk tegen de evolutietheorie spreken, maar het geloof in evolutie, oerknal en een vele miljoenen jaren oude aarde heeft zich diep in het bewustzijn van de moderne maatschappij ingenesteld. Hierbij heeft deze wereldbeschouwing langzamerhand een fundamentalistisch karakter aangenomen. In geen ander gebied van de wetenschap worden kritische stemmen zo onzakelijk en heftig aangevallen als op dit gebied van onderzoek. Wie twijfelt, wordt uit het debat over de oorsprongsvragen uitgesloten en niet zelden bestreden. De eigenwijsheid van de leidende disciplines in wetenschap, onderwijs en media doet denken aan de koppigheid, waarmee de Rooms Katholieke kerk in de Middeleeuwen haar toenmalige wereldbeeld verdedigd heeft. Op 31 oktober 1517 heeft de hervormer Maarten Luther 95 stellingen gepubliceerd, waarmee hij de toenmaals wijdverbreide aflaatpraktijk ter discussie stelde. Deze bemoeienis heeft een kettingreactie veroorzaakt, die uiteindelijk tot de Reformatie leidde. Op gelijke wijze moeten de hier aanwezige 95 stellingen tot een verandering van denken in het oorsprongsdebat bijdragen. Met deze publicatie willen wij ons ervoor inzetten, dat in de discussie over de oorsprong van de mensheid, het aardse leven en de kosmos een open omgang met wetenschappelijke gegevens, interpretaties en wereldbeschouwelijke stellingnamen* mogelijk wordt.